Reportage

Beschermers en vissers in de clinch over het lot van de bedreigde paling

Palingvisser Louw Kaptein met zijn kleinzonen. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Palingvisser Louw Kaptein met zijn kleinzonen.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

De paling dreigt uit te sterven, en daarom moeten de vangst en kweek ervan onmiddellijk stoppen, luidt een zwaarwegend advies aan de Europese Unie. Maar volgens de vissers en kwekers valt het mee. Sterker, ze dragen zelf bij aan een hogere palingstand, vinden ze.

Loethe Olthuis

De Bijbel is nooit ver weg in Urk. Op de zolder van de loods waar visser Louw Kaptein en zijn zoon Klaas hun voorraad fuiken en netten bewaren en repareren, hangen bijbelteksten aan de muur, geflankeerd door Michiel de Ruyter. Hier houden ze de Hollandse helden nog in ere. Ook staan er opgeklapte stoeltjes klaar: ‘Om de week hebben we hier bijbelstudie’, vertelt Kaptein.

De zestiger, verweerd gezicht, twinkelogen, is visser. Net als zijn vader, grootvader, betovergrootvader en zijn vijf zoons, waarvan Klaas er dus een is. De volgende generatie vissers dient zich ook al aan; de kleinkinderen spelen tussen de fuiken. Louw en Klaas vissen op paling in het IJsselmeer. Een vetpot is het niet, maar er is nog steeds een goede boterham mee te verdienen. Maar hoe lang nog?

Stop onmiddellijk met de palingvisserij en -kweek, luidde in november de oproep van de gerenommeerde internationale wetenschapstank ICES. Het deed een schok gaan door de palingwereld. De ICES – die de Europese Unie adviseert over de exploitatie en bescherming van de Europese zeeën – adviseert om per direct te stoppen met alles wat de palingstand negatief kan beïnvloeden. Dus ook vangst en kweek. De Universiteit van Wageningen deed er nog een schepje bovenop: de huidige Nederlandse en Europese beschermingsmaatregelen voor de paling werken aantoonbaar niet.

Dat het zo slecht gaat met de paling, daar kijken vader en zoon Kaptein van op. ‘Wij vangen juist veel meer paling dan de voorgaande jaren, wel 40 procent meer,’ zegt Louw. Klaas knikt instemmend. Hoe dat komt? Er is bijvoorbeeld een nieuwe vispassage in de Afsluitdijk. Het IJsselmeer is beter bereikbaar voor de paling uit de rivieren. ‘Bovendien hebben we drie maanden per jaar een visstop, zodat de paling kan uittrekken naar zee. Ondermaatse paling kan uit de fuiken ontsnappen, alleen de volwassen paling blijft achter.’

Illegale handel

Wat als de IJsselmeervissers zouden moeten stoppen met vissen? Louw kijkt bedenkelijk. ‘Dan houdt het voor ons echt op.’ Een quotum? Liever niet. ‘Dan is een tijdsbeperking beter, bijvoorbeeld een paar dagen per week de fuiken dicht.’ Er zijn andere dingen belangrijker voor de palingstand, vindt Louw. Zoals het verbeteren van de vispassages, maar ook het aanpakken van de illegale handel en de glasaalsmokkel. ‘En richt je niet alleen op de kleine vissers.’

Daar hebben de Kapteins een punt. De visserij is klein bier vergeleken met de palingkweeksector, waar jaarlijks honderden miljoenen euro’s in omgaan. Nederland is de grootste speler in de Europese palingwereld, met de grootste commerciële belangen.

Palingkweek verschilt behoorlijk van andere viskweek. Omdat palingen zich niet voortplanten in gevangenschap, importeren de kwekers glasaal, babypaling, die aan de Franse kusten wordt gevangen. Die glasaal kweken ze hier op tot volwassen palingen. Maar dat heeft ook impact op de palingstand: kweekpalingen worden opgegeten en zullen zich nooit voortplanten. Als het vangstverbod dat ICES voorstelt, doorgaat, mag er ook niet meer op glasaal worden gevist. Dat gaan de kwekers voelen.

De import van glasaaltjes, babypalingen, is cruciaal voor de kweek. Beeld Stichting Dupan
De import van glasaaltjes, babypalingen, is cruciaal voor de kweek.Beeld Stichting Dupan

De palingkwekers, -verwerkers, -handelaars en een kleine groep vissers in de binnenwateren hebben zich verenigd in de stichting Duurzame Palingsector Nederland, kortweg Dupan. Dupan vindt het hele ICES-rapport schromelijk overdreven, zelfs onwaar. Woordvoerder Alex Koelewijn: ‘Volgens Franse wetenschappers komt er de laatste jaren juist veel meer glasaal aan. Ook in Nederland gaat het weer goed met de paling: het Nederlandse ‘Aalbeheersplan’ werkt prima.’

Natuur- en duurzamevisserijorganisaties als het Wereld Natuur Fonds, Stichting Ravon en de Good Fish Foundation denken daar heel anders over. ‘Je kunt onderzoek van gerenommeerde instituten als ICES en Universiteit Wageningen niet zomaar wegwuiven omdat het plaatselijk wat beter lijkt te gaan’, zegt Martijn Schiphouwer van Ravon. ‘Of op grond van een paar betere jaren concluderen dat het nu goed gaat met paling. Er zwemmen nu misschien meer palingen in het IJsselmeer, maar er worden er ook meer gevangen.’

Palingoproer

Industrie en natuurbeschermers staan inmiddels zo lijnrecht tegenover elkaar, dat er sprake lijkt van een heuse palingoorlog. ‘Samenwerking met organisaties die eigenlijk willen dat wij niet bestaan, is onmogelijk’, zegt Koelewijn van Dupan. Toch is het doel van alle partijen hetzelfde: de paling behouden voor consumptie. Ook Good Fish en Ravon willen geen langdurig totaalverbod op visserij, maar een pakket van wetenschappelijk onderbouwde maatregelen waardoor de palingstand zich kan herstellen. Hopelijk kan er dan in de toekomst weer gecontroleerd gevist worden met een officieel, onafhankelijk keurmerk voor paling.

Blokkades

Het ligt niet alleen aan de visserij en kweek dat het zo beroerd gaat met de paling. Vrije toegang van zee naar binnenwater en omgekeerd is ook van levensbelang voor de vis: alleen al in Nederland maken 70.000 blokkades zoals stuwen, gemalen en waterkrachtcentrales dat erg moeilijk. Palingen planten zich namelijk alleen voort in de Sargassozee, ten noordoosten van Cuba. Elk voorjaar komen de glasaaltjes daar vandaan naar de Europese kusten om de rivieren op te zwemmen en op te groeien. Als ze volwassen zijn, moeten ze ook weer terug naar de Sargassozee kunnen. Naast een visverbod moeten er daarom ook meer blokkades worden opgelost.

Volgens Dupan doen de natuurbeschermingsorganisaties intussen niks om de paling te redden. ‘Wij wel’, zegt Koelewijn. ‘We zetten grote hoeveelheden glasaal in binnenwateren uit zodat ze daar verder kunnen groeien. Ook het ‘Paling over de dijk’-project, waarbij volwassen palingen worden geholpen om open zee te bereiken, is ons initiatief.’

‘Paling over de dijk’-zetten is inderdaad nuttig: daar krijgt Dupan ook subsidie van de overheid voor. Maar het uitzetten van glasaal? Dat gebeurt al vanaf 1960, maar heeft allesbehalve geleid tot herstel van de palingstand, zegt de Good Fish Foundation. ‘Daarom vindt ICES ook dat het uitzetten nu moet stoppen.’ Ook volgens Ravon heeft het uitzetten van glasaal weinig nut, omdat Dupan de glasaal uitzet in water waar intensief wordt gevist. ‘Die aaltjes worden gevangen zodra ze volwassen zijn en kunnen zich niet meer voortplanten.’

Greenwashing

De verkoop van kweekpaling met het label van het Eel Stewardship Fund (ESF-palingfonds) is nog een doorn in het oog van de Good Fish Foundation en Ravon. Die paling wordt verkocht als ‘duurzame paling’, omdat een percentage naar projecten zoals ‘Paling over de dijk’ gaat. Dat moet stoppen, want ‘niets aan zulke paling is duurzaam of verantwoord’, zegt Margreet van Vilsteren van de Good Fish Foundation. ‘Hou toch op! Het gaat gewoon superslecht met paling! De kweeksector heeft dit logo zelf bedacht omdat het met de huidige palingstand onmogelijk is om een echt, onafhankelijk keurmerk te krijgen, zoals een MSC-certificering. Pure greenwashing.’

Beide partijen staan ook recht tegenover elkaar bij het tegengaan van stroperij in de meren en rivieren. Dat zou ook moeten stoppen omdat veel palingen uit de binnenwateren zo vervuild zijn, dat je ze eigenlijk niet kunt eten. Maar met palingstroperij is goed geld te verdienen. Volgens Dupan gaat een visverbod juist tot meer illegale vangsten leiden, Ravon denkt van niet: ‘Op dit moment zijn er honderden stropers actief die paling vangen en bijvoorbeeld aanbieden aan restaurants, vaak gemengd met legaal geviste paling. Dat is niet te controleren. Als alle palingvangst is verboden, is die markt weg. Als er dan iemand paling aanbiedt, is dat altijd illegale paling.’

De kans op een algeheel vangstverbod lijkt klein, want Carola Schouten heeft nog als minister van Landbouw besloten dat de huidige maatregelen van het Europese en Nederlandse aalbeleid het uitgangspunt blijven. Daarin is van een vangstverbod op paling of glasaal geen sprake. Daarmee rijst de vraag: kan de Nederlandse consument paling blijven eten of niet? Als het aan het ICES, de universiteit van Wageningen, het Wereld Natuur Fonds, Ravon, de Good Fish Foundation en andere natuurorganisaties ligt is het antwoord een volmondig ‘nee’. Maar volgens Dupan kan een toastje met paling altijd.

Op Urk kijkt Louw nog even bij de enige vissersboot die nu voor reparatie in de haven ligt. De kleinkinderen rennen over het hobbelige dek alsof het een strak gemaaid grasveld is. Hoe het ook verder gaat: Louw en zijn zoons blijven vissen zolang het kan. ‘Wij passen ons aan, al tientallen jaren. De regels veranderen voortdurend en we weten nooit wat er nu weer gaat gebeuren. Maar zoals de bijbel ons leert: God regeert.’

Glasaalsmokkel

De palingstand heeft ook te lijden onder grootschalige glasaalsmokkel, met volgens Interpol en Europol een geschatte waarde van jaarlijks zo’n 3 miljard euro. Een glasaalvisser is nu verplicht om 60 procent van zijn vangst aan uitzetprogramma’s te geven: dat levert hem nauwelijks wat op. De overige 40 procent gaat grotendeels naar de kwekers en wordt iets beter betaald. Maar het is véél lucratiever om de visjes naar China te sturen, waar glasaal een delicatesse is met prijzen tot 3.000 euro per kilo. Het is verboden om glasaal vanuit de EU naar Azië te exporteren. Maar daar wordt ruimschoots mee gesjoemeld, bijvoorbeeld via fictieve uitzetprogramma’s in Oost-Europa of via kwekerijen buiten de EU.

Meer over