Beleggen

Vrienden en kennissen zijn in ieder geval slechte raadgevers als het gaat om geldzaken. Peter Paul de Vries doet rustige en minder rustige vormen van beleggen uit de doeken....

1. Het allerbelangrijkste voor je gaat beleggen is je afvragen: waar doe ik het voor? Je strategie moet afgestemd zijn op je doel. Als je bijvoorbeeld een oudedagsvoorziening wilt opbouwen of in de nabije toekomst een grote besteding gaat doen en het geld in de tussentijd wilt beleggen omdat een spaarrekening wel erg weinig rendement oplevert, moet je grote risico's mijden en zeker niet aan hypes meedoen. Wanneer je een huis laat bouwen, moet het geld er natuurlijk wel zijn zodra het klaar is. Op zichzelf is er niets op tegen om een deel van je vermogen puur voor de lol te beleggen in de hoop korte-termijnwinsten te kunnen halen met opties, warrants en beursintroducties, al zou ik dan eerder willen spreken van speculeren.

2. Voor je beslissingen neemt, is het goed om kennis te verzamelen over wat beleggen nu eigenlijk is en er enige feeling mee te krijgen. Met elke week het beursweekoverzicht in je dagblad lezen en dagelijks de koppen snellen kom je al een heel eind. De landelijke dagbladen verslaan het financiële nieuws uitstekend. Ook heel goed zijn de - gratis af te halen - maandelijkse periodieken die de grote banken uitgeven. Voor wie er al aardig in zit, zijn er gespecialiseerde bladen als Beleggers be langen en Effect, het blad van de veb. Op internet heb je onder andere de site van Beursplein 5 en die van het Financieele Dagblad. Koersont wikkelingen zijn permanent te volgen op teletekst.

3. Een goede manier om te oefenen met beleggen zonder dat het financiële gevolgen heeft, is op papier een portefeuille samen te stellen en te kijken hoe het uitpakt. Sommige banken geven voor dit doel computersimulatieprogramma's uit. Vind je dit niet spannend genoeg, dan kun je ook beginnen met een klein bedrag in een beleggingsfonds te stoppen. Inherent aan beleggen is het risico op koersverlies. Dit is niet alleen financieel vervelend, maar sommige mensen kunnen dit ook emotioneel niet aan. De ellende van duizend gulden verlies is bij hen veel groter dan het plezier van duizend gulden winst. Zij kunnen maar beter niet aan beleggen beginnen. Door eerst een klein bedrag te beleggen, doe je niet alleen kennis op maar ontdek je ook hoe sterk je zenuwen zijn.

4. Als je je een beetje hebt georiënteerd in de financiële wereld, moet je de keuze gaan maken of je zelf actief gaat beleggen of - als je minimaal een half miljoen hebt aan te bieden - de transacties overlaat aan de afdeling vermogensbeheer van een bank. In beide gevallen moet je goed weten wat je doelstelling is. Het maakt een heel verschil of je belegt als pensioenvoorziening, voor de studie van de kinderen of alleen voor een leuk extraatje. Afhankelijk daarvan besluit je: wat is mijn beleggingshorizon (termijn), wat is het gewenste rendement en is het daaraan gekoppelde risico acceptabel? Bij vermogensbeheer is het van groot belang dat je in de beheersovereenkomst duidelijk laat vastleggen wat je wilt.

5. Het leuke van beleggen is dat je in je eentje concurreert met miljardeninvesteerders. En de kans dat je het beter doet dan erkende experts is zeker niet denkbeeldig: Beursgoeroe George Soros heeft de laatste jaren veel geld verloren. Stock picking - het eruit pikken van de aandelen die in waarde gaan stijgen - is een sport waarin particuliere beleggers het niet per se slechter doen dan institutionele beleggers zoals pensioenfondsen. Zelf actief beleggen vereist wel aardig wat kennis; een cursus volgen is dan ook een goede investering, want het leergeld dat je voor een verkeerde belegging betaalt, kan heel wat hoger uitvallen. Beleggingscursus sen worden onder meer door de veb gegeven.

6. Een vorm van beleggen die het midden houdt tussen een vermogensbeheerder het werk laten doen en zelf beleggen, is het deelnemen in beleggingsfondsen. Daarbij kies je zelf het soort belegging - milieutechnologie, multimedia, vastgoed, Amerikaanse bedrijven, et cetera - maar besteed je de invulling uit aan professionals. Bij beleggingsfondsen is het risico per definitie gespreid, al is een it-fonds riskanter dan een vastgoedfonds of een global fund. Het is een rustige vorm van beleggen, waar ook beurskenners wel voor kiezen omdat je eigen portefeuille samenstellen en bijhouden nu eenmaal veel tijd kost. Mijn eerste belegging, in 1983, was ook in een beleggingsfonds, de (niet meer bestaande) Amro-aandelencombinatie.

7. Het aloude kanaal om aandelen te kopen is via een bank. Je opent een effectenrekening en tekent een contract met algemene voorwaarden. Traditioneel kun je bij banken ook beleggingsadviezen krijgen via je accountmanager; zoals bij elk beroep heb je goede en slechte accountmanagers. Vrienden en kennissen zijn vaak slechte raadgevers. Zij zaten in Baan en World Online maar durven daar niet voor uit te komen. Negeer 'tips' van mensen die gehoord hebben dat je die en die aandelen moet kopen omdat het bij dat en dat bedrijf zo fantastisch schijnt te gaan, en trek je evenmin iets aan van beursgezegden als 'sell in May and go away, but remember to be back in September' en kreten als 'bij mooi weer moet je Heineken kopen'.

8. Behalve op de conventionele wijze kun je sinds een tijd ook aandelen kopen via discountlijnen, die geen adviezen geven maar alleen orders uitvoeren. Onder andere de sns-bank en de Postbank hebben een discountlijn, en er is de veb-Bottomline. De bijkomende kosten zijn lager dan bij banken, maar je kunt dus niet vragen: 'Hoe zit het, moet ik m'n akzo'tjes al verkopen?' Ook via internet kun je aandelen kopen, bijvoorbeeld bij Alex en img. De meeste banken bieden tegenwoordig ook een uitgeklede (en goedkopere) service aan waarbij advies niet is inbegrepen.

9. Beleggen doe je om een zeker rendement op je vermogen te krijgen en over het algemeen is dat iets van langere adem. Zij die vlak voor de beurscrash van 1987 op het slechtste moment hebben gekocht, zouden hun geld ondanks alles hebben kunnen verviervoudigen als ze stil waren blijven zitten en zich aan het principe buy and hold hadden gehouden. Gemiddeld en in normale omstandigheden leveren aandelen jaarlijks 5 tot 10 procent winst op, en een krach die tot 30 procent verlies leidt, kun je dus in enkele jaren te boven zijn als je niet in paniek je aandelen verkoopt. Zolang je je blijft richten op de lange termijn is beleggen dus een heel veilige manier van geldbeheer. Bij de keuze van je belegging kijk je naar de vermogenspositie en de lange-termijn-winstontwikkeling van een bedrijf. Ook de vraag welke sectoren in de toekomst een belangrijke rol blijven spelen is van belang. Dan komt al snel de it-branche in zicht, maar het is moeilijk in te schatten welke van die ondernemingen het goed zullen gaan doen. Gezien de grote koersschommelingen in die sector is met het oog op risicospreiding een it-beleggingsfonds een betere keuze dan alle kaarten op één bedrijf te zetten. Solide sectoren met goede groeimogelijkheden zijn het verzekeringswezen, de voedingsmiddelenindustrie en de uitzendbranche.

10. Je kunt de risico's spreiden door een deel van je geld te steken in obligaties, die een lager rendement opleveren maar ook een veel kleiner risico met zich brengen. Het rendement op obligaties is altijd nog zo'n vijfig procent hoger dan de rente op een spaarrekening.

Meer over