Bedrijfsleven VS buigt voor non

Niets in haar verschijning duidt erop, maar Patricia Wolf, non in de orde van de Sisters of Mercy (Zusters van Genade), boezemt het Amerikaanse bedrijfsleven angst en ontzag in....

Wolf geeft leiding aan een vereniging van 275 pensioenfondsen en vergelijkbare investeerders die zich op het geloof baseren. Het Interfaith Center on Corporate Responsibility (ICCR) oefent druk uit op bedrijven om sociaal verantwoord te handelen. In plaats van actie te voeren op straat, gebruiken de leden hun beleggingen om bedrijven aan te sporen maatschappelijke problemen op te lossen.

De verenigde pensioenfondsen kunnen een behoorlijke vuist maken. Samen hebben ze een belegd vermogen van 110 miljard dollar, bijna twee keer zoveel als bijvoorbeeld pensioenfonds PGGM.

Wolf: 'Bedrijven nemen ons uiterst serieus. Ze willen weten wat ICCR bezig houdt. Ze weten inmiddels dat het binnen zeven jaar niet langer ons, maar vooral hún probleem zal zijn.'

ICCR is een brede coalitie. Tot de leden behoren onder meer het pensioenfonds van de Mennonieten, een spaarkas van de Franciscaner Broeders en de Nathan Cummings Foundation voor het Joods gedachtengoed. Ze laten zien dat lang niet alle religieuze bewegingen in de VS neigen naar rechts; ICCR stelt zich onder meer ten doel het broeikaseffect te verminderen, schulden van de armste landen kwijt te schelden, verkopers van gewelddadige videospelletjes aan te spreken op hun verantwoordelijkheid en de gezondheidszorg toegankelijk te maken voor iedereen.

Volgens Patricia Wolf werpen hun inspanningen regelmatig vruchten af. Als voorbeeld noemt ze een recent succes van de nonnen van de orde van Adorers of the Blood of Christ (Aanbidders van het Bloed van Chistus) bij Coca Cola. De nonnen vroegen als aandeelhouder een gesprek met het bedrijf. Ze uitten hun zorgen over de behandeling die Coca Cola zijn werknemers in Afrika met HIV en AIDS geeft. Ze kregen de Raad van Bestuur zo ver dat men een resolutie op de aandeelhoudersvergadering in stemming bracht die het bedrijf opriep te rapporteren over het beleid dienaangaande.

'Daarmee zetten we het onderwerp op de publieke agenda', zegt Wolf. 'Coca Cola moet voortaan rapporteren. Het is een eerste stap. De volgende stap moet volgens ons zijn dat het bedrijf zijn werknemers geneesmiddelen verstrekt. Maar dit is een mooi begin. We hebben nu een maatstaf om andere bedrijven aan te spreken die in Afrika actief zijn, zoals Texaco, Ford en Pepsico. Met deze ondernemingen zijn we eveneens in gesprek.'

ICCR is in de Verenigde Staten al ruim dertig jaar actief. De vereniging ontstond toen werknemers van de National Council of Churches wilden weten in hoeverre hun pensioenfonds profijt trok van de apartheid in Zuid-Afrika en van de oorlog in Vietnam. ICCR adviseerde de pensioenfondsen hoe ze hun macht als investeerder konden aanwenden.

'Wij raadden ze aan om in dialoog te treden met onder meer het computerbedrijf IBM', zegt Patricia wolf. 'Natuurlijk hebben wij de apartheid niet opgeheven, maar we hebben wel degelijk een belangrijke rol gespeeld bij de beëindiging ervan.'

Sinds die tijd is het beursgenoteerde bedrijfsleven in de Verenigde Staten ICCR steeds serieuzer gaan nemen, vervolgt de kloosternon. De laatste jaren wordt het beeld volgens haar steeds positiever. 'Bedrijven kijken niet meer naar de hoeveelheid geld die wij beleggen. Ze zijn ontvankelijk geworden voor onze boodschap. Een goede reputatie is tegenwoordig enorm belangrijk voor een beursgenoteerd bedrijf. Negatieve pers vanwege bijvoorbeeld kinderarbeid, is voor hen een absolute nachtmerrie.'

Om die reden heeft ICCR kledingbedrijf Gap zover gekregen jaarlijks openbaar verslag te leggen van hun sociale beleid in lagelonenlanden.

Het maakt Wolf optimistisch over de nabije toekomst. 'De kring van mensen en organisaties die zich bekommeren om maatschappelijk verantwoord ondernemen wordt steeds groter en steeds internationaler', zegt de kloosterzuster. Eind vorige week was ze te gast in Amsterdam op een grote conferentie over duurzaam investeren, gesponsord door ondermeer ABN Amro, ABP en PPGM. 'We hebben inmiddels leden in Australië, in Italië, in Zwitserland, in Zweden, in Nigeria. Het is een wereldwijde beweging, al ontwikkelt ieder land zich in zijn eigen tempo.'

'Veel mensen denken dat wij aan een soort negatieve selectie doen', zegt Wolf. 'Alsof onze leden bezig zijn onverantwoordelijke bedrijven te weren uit hun beleggingsportefeuille. Maar er vindt de laatste drie jaar een majeure verandering plaats. Beleggers maken een positieve keuze voor bedrijven die zich goed gedragen. Fatsoenlijk opererende bedrijven worden gewild. Dat is heel interessant.'

Hiermee komt volgens haar ook de discussie over het rendement van sociaal verantwoorde beleggingen in een ander daglicht te staan. Tot nu toe was er onder grote beleggers veel scepsis omdat het rendement van dit soort investeringen achterbleef bij de bewegingen op de beurs.

Wolf: 'Op het congres in Amsterdam is hieraan veel aandacht gegeven. Je kunt niet langer zeggen dat verantwoorde ondernemingen het altijd slechter doen. Er zijn ook voorbeelden van fondsen die beter presteren dan de index. Het is een teken van de groei van onze sector dat hieraan nu serieus aandacht wordt besteed.'

Meer over