ReportageHet nieuwe Texas

Texas is booming, maar vergeet die cowboyhoeden en die olievelden maar

Vanuit je luie stoel kun je ook op reis. Naar Texas bijvoorbeeld, met journalist Eelco Bosch van Rosenthal. Hij maakte er een tv-serie van (vanaf 5 april te zien) en toont ook in dit verhaal hoe Hollywood-clichés er snel verdwijnen.

Houston.Beeld Unsplash

In het uiterst westelijke puntje van de staat, daar waar Texas, New Mexico en het echte Mexico elkaar kopjes geven, nemen we een flinke hap adem, en geven gas. Austin ligt duizend kilometer verderop, oostwaarts over de Interstate 10, de zuidelijkste gelegen west-oost-verbinding in de Verenigde Staten. Elektrisch rijden is geen optie. Vind hier maar eens een oplaadpunt. De Chevy Suburban op benzine dendert verder, eenzaam. Totdat er in de verte ineens een paar auto’s in de berm staan en een paar mensen over de weg lopen. Reuring, hier? We minderen snelheid.

Als we dichterbij komen blijken het toeschouwers te zijn van een kunstproject. Of eigenlijk maken ze er onderdeel van uit – en wij ook. We staan voor de kunstinstallatie Prada Marfa. Als protest tegen het hyperkapitalisme bouwde een Scandinavisch kunstenaarsduo rond de millenniumwisseling middenin de Chihuahua-woestijn een nepwinkel, de façade van een chique boutique. Prada, niet vies van een stunt, gaf het duo toestemming om de merknaam te gebruiken. Ook wij zetten de auto in de berm. Een handjevol toeristen neemt een selfie, meer valt er niet te doen. Iedereen moet door. In de verderop gelegen kunstenaarskolonie Marfa, in de jaren zeventig groot gemaakt door de uit New York gevluchte minimalist Donald Judd, drinken we cappuccino in het meest instagrammable café dat je ooit in een woestijn zult aantreffen. Wie niet naar buiten kijkt, waant zich in de New Yorkse wijk Soho.

Prada bij Marfa. Het lijkt een winkel, het is een kunstproject.Beeld Getty Images

We rijden verder. De weg door de woestijn is zo recht dat we de politiewagen minuten eerder in de achteruitkijkspiegel hadden moeten zien aankomen, ware het niet dat het samenstellen van een playlist met liedjes over olie onze aandacht opeist, al is in de wijde omtrek geen ja-knikker te bekennen. Met een cameraploeg van de NTR reisde ik een aantal weken door Texas om een snel veranderend land – en het Trumpiaanse verzet ertegen – in beeld te brengen.

‘Een documentaireserie over Texas? Interessant, en goed getimed’, zegt de agent vriendelijk. Hij werpt een blik op het rijbewijs. ‘Dingen gaan inderdaad razendsnel.’ De hoop op coulantie vervliegt. ‘Maandag moet u de rechter in deze county bellen. Uw snelheid was zo hoog dat ik dit niet zelf mag afhandelen. Prettige dag.’

Papa was a driller on a wildcat crew and my mama never was around. Spotify heeft Johnny Cash gevonden, Roughneck. Wij rijden nu in beschaafd tempo verder, en beseffen dat de olieromantiek een vertekend beeld van deze staat geeft. Niet dat de olie niet bloeit: daarvoor hoef je maar een paar uur naar het noorden. En inderdaad, Texanen houden nog net iets meer dan de gemiddelde Amerikaan van hun wapen (10 procent van de wapens in het land staat hier geregistreerd) en als je maar lang genoeg door de woestijn rijdt, ach – dan waait er heus wel een keer een bol tumbleweed voorbij, zo’n dorre steppeplant die in een matige western onheil aankondigt. Maar verder zijn veel clichés achterhaald. Ruim 80 procent van de Texanen woont in stedelijk gebied, niet op een stoffige ranch. In Houston valt meer regen dan in Seattle, dat erom berucht is. Tough on crime? Er is hier een nieuwe generatie openbare aanklagers opgestaan die geen lange gevangenisstraffen meer wil uitdelen voor kleine drugsvergrijpen. De steun voor de doodstraf loopt razendsnel terug. De steden zijn een walhalla voor dans- en festivalliefhebbers. Nauwelijks country gehoord, amper een cowboyhoed gezien.

Dit is Texas

Texas is in bevolkingsaantal met ruim 28 miljoen inwoners de tweede staat van de VS na Californië. Tot de Tweede Wereldoorlog was het een leeg, agrarisch gebied. Vanaf de jaren negentig groeit de Texaanse economie fors. Nu is de energiesector (winning van en handel in olie en gas) samen met informatietechnologie de belangrijkste economische kracht.

Een paar uur voor San Antonio passeren we een veld met 200 duizend zonnepanelen. Zelfs oliestad Houston haalt ruim 90 procent van zijn elektriciteit uit groene energie. De agent heeft gelijk: deze staat verandert razendsnel. Hier ligt de toekomst, daar zijn we van overtuigd. Texas werkt als een magneet op nieuwkomers. Die komen niet alleen vanuit Latijns-Amerika. Uit Californië, ooit zelf het Beloofde Land, verhuisden in 2018 liefst 90 duizend Californiërs. Californië is te duur, te vol, too much. In Texas vinden ze ruimte, werk en betaalbare huren.

Maar niet iedereen zit op het nieuwe Texas te wachten. Met alle veranderingen gaan spanningen gepaard: over de opwarming van de aarde, immigratie, burgerrechten. Niet voor niets zijn regisseur Hans Pool en ik naar Texas afgereisd om, aan het begin van een cruciaal verkiezingsjaar, de breuklijnen in de Amerikaanse samenleving vast te leggen. De tekst op een populaire bumpersticker luidt: Don’t California My Texas. Republikeinen zijn zo bezorgd dat die progressieve Californiërs straks ook massaal gaan stemmen, dat een van hen een verhuisbedrijf begon dat juist conservatieve Californiërs moet overhalen ook de gang naar Texas te maken. Het electorale overwicht blijft dan behouden. Vrees voor verlies van identiteit lijkt constant aanwezig, ook aan de linkerkant. De vrolijke slogan ‘Keep Austin Weird’ waarmee de hoofdstad al twintig jaar zijn eigenzinnigheid onderstreept is destijds uit de koker van een citymarketeer gerold, maar inmiddels bestaat de vrees dat de verhipstering van Austin zo is vercommercialiseerd dat alle authenticiteit uit de stad zal verdwijnen.

Uitgaan in Austin.Beeld Michael Discenza

Maar Austin moet nog even wachten. We verlaten de Interstate bij het stadje Kerrville. Na een paar slingerweggetjes rijden we het erf op van Richard ‘Kinky’ Friedman, die in 1944 met zijn ouders van Chicago naar Texas kwam en nooit meer is vertrokken. Friedman loopt ons al tegemoet. Lange zwarte jas, Stetson op het hoofd, grote sigaar. Op de ranch runden zijn ouders vroeger een zomerkamp voor kinderen. Dit jaar vangt Friedman er voor het eerst zwerfhonden op. Hij is 75 geworden, dit is zijn nieuwste roeping. Het past nog nét op zijn cv. Ga maar na: hij richtte in 1973 de band Kinky Friedman & The Texas Jewboys op, tourde met Bob Dylan, speelde in de beroemde Grand Ole Opry in Nashville (en twee keer in Paradiso), deed in 2006 een gooi naar het gouverneurschap van Texas (hij werd vierde), schreef honderden politieke columns voor Texas Monthly, en stortte zich daarna op het schrijven van detectives.

Richard 'Kinky' Friedman.Beeld Hans Poolman

Friedman leidt ons zijn huis binnen, een stofnest waar zes honden langs onze benen scharrelen. De gastheer pakt de uit Nederland meegebrachte sigaren uit en gaat voor naar zijn werkkamer. Het blijkt een minimuseum. Ingelijste brieven van George W. Bush en Bill Clinton, die hem beiden uitnodigden voor een logeerpartij op het Witte Huis. En dan is er Nelson Mandela. ‘Nelson hield vooral van Dolly Parton, maar één van mijn songs, Ride ‘Em Jew Boy, was ook een favoriet. Die speelde hij ’s avonds laat in zijn cel op Robbeneiland, iemand had een cassettebandje binnengesmokkeld. Zijn bewakers lieten het toe. De politicus en anti-apartheidsactivist Tokyo Sexwale heeft het me zelf verteld, die zat met hem gevangen.’ Friedmans Joods-zijn is een terugkerend thema: in zijn muziek en in zijn politieke voorkeur. Trump, zonder meer. ‘Veel presidenten beloofden dat ze de Amerikaanse ambassade van Tel Aviv naar Jeruzalem zouden verhuizen. Maar Trump deed het.’ Eigenlijk is Bernie Sanders zijn man, maar die geeft te veel af op Israël. ‘De youngsters hier, die zijn gek op Bernie. Ze zitten vooral in Austin. Vreselijke stad geworden. Ze willen te graag Los Angeles zijn. De charme is weg. De muziekscène is wereldberoemd, maar ze vallen telkens clubeigenaren lastig met geluidsmeters.’ Vrijgevochten geesten in Texas? Je moet met dinges spreken, zegt Friedman, hoe heet-ie. ‘Sorry, mijn Alzheimer speelt op.’

Vintage broodjeszaak onderweg.Beeld Megan Markham

We besluiten de ranch weer te verlaten. ‘De Alamo’, zegt Kinky Friedman nog, daar moet je natuurlijk wel naar toe. ‘Op die plek is het moderne Texas geboren.’ Een uur later rijden we San Antonio binnen. In het stadshart ligt de Alamo, een oud fort dat tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog waarmee Texas zich uiteindelijk vrijvocht van Mexico een mythische status kreeg. In 1836 hielden tweehonderd Texanen het bijna twee weken vol tegen duizenden Mexicanen. ‘Remember the Alamo’, luidt de beroemde slogan waarmee Texanen hun onafhankelijkheid onderstrepen. De Alamo raakt aan de ziel van de Texaan. Maar het fort zelf maakt, tussen de hoogbouw van downtown, geen bijster imposante indruk. San Antonio blijkt sowieso geen stad om veel tijd door te brengen – zeker niet als Austin wacht, een uur verderop.

Alamo, San Antonio.Beeld Haley Phelps

De hoofdstad (qua bevolking inmiddels de elfde stad van het land, Houston en San Antonio staan op plaats vier en zeven) is vaak bezongen, en terecht. ‘Kinky’ Friedman heeft wel een beetje gelijk: vooral het hippe East Austin doet veel denken aan de zwoele strandplaatsjes bij Los Angeles. Maar toevallig hou ik van zulke plaatsjes – zeker als het er wemelt van de muurschilderingen. De beroemde indie-regisseur Richard Linklater, vaandeldrager van de omvangrijke filmscene in Texas, heeft een studio in East Austin. Zijn meesterwerk Boyhood over de groeispurten van een verlegen maar artistieke jongen, had ook over zijn thuisstad kunnen gaan. Ja, gentrificatie zit hem hier ook in de weg. ‘Ze komen steeds dichterbij’, verzucht een familielid van me die al ruim twintig jaar in een rustige wijk vlakbij het centrum woont en niet per se op al die hipsters zit te wachten. Maar toch wil ze er nooit meer weg.

Een paar dagen later zijn we in Houston. In de alternatieve wijk Montrose, ten westen van downtown, staat de achthoekige Rothko Chapel. Binnenin zouden veertien donkerpaarse schilderijen van de New Yorkse schilder Mark Rothko hangen, maar de kapel blijkt een renovatie te ondergaan en heropent pas komende zomer de deuren. Jammer, want we hadden ze dolgraag zien hangen: de meditatieve werken van Rothko in een bedevaartsoord voor alle geloven én voor atheïsten zoals de schilder zelf.

Streng in de leer is Texas allang niet meer, zo blijkt ook als we onze reis over de Interstate 10 die avond afsluiten met een glas plaatselijk gebrouwen bier. In de Whiskey River Saloon wordt nog wel gelinedanced, maar ruim een kwart van de gedraaide muziek is er tegenwoordig hiphop, zegt eigenaar Larkin Stallings met een grijns. Op de dansvloer in het midden van de saloon kruipen twee zwarte cowboys tegen elkaar aan. Houston geldt na New York als de meest diverse stad van het land wat talen en etniciteit betreft. Er wonen hier alleen al 80 duizend Vietnamezen. Gedurende de reis werden ons al een paar keer Cajun-Vietnamese rivierkreeftjes aanbevolen – en ineens, daar aan de bar van de Whiskey River op een donderdagavond in januari, krijgen we er verschrikkelijk veel zin in.

In dit reisverhaal uit 2014 trof de Volkskrantverslaggever nog wel cowboys en ja-knikkers aan. Maar ook hier spelen kunst en cultuur al een rol.

Praktische informatie

- De installatie Prada Marfa ligt ongeveer 2 kilometer ten noordwesten van Valentine. In het kunstenaarsstadje Marfa (www.visitmarfa.com) is vooral in het weekend veel te beleven.

- Voor een dosis politieke geschiedenis: bezoek in Austin de LBJ Presidential Library (lbjlibrary.org). President Lyndon Johnson mag een hork zijn geweest, hij was verantwoordelijk voor baanbrekende wetgeving op het gebied van burgerrechten.

Vermijd de uitgaansstraat West Sixth Street in Austin: beroemd, maar vooral bevolkt door schreeuwerige studenten die bier drinken uit plastic bekers. East Austin is aantrekkelijker.

31 kassa’s, 83 toiletten, 120 pompen: alles in Texas is groter, dus ook de tankstations. Het filiaal van de keten Buc-ee’s in New Braunfels, vlak buiten San Antonio, is zo onwerkelijk groot dat het de moeite van een bezoek waard is.

Voor een maaltijd bij Nobie’s, goed verborgen in een verbouwd woonhuis in de wijk Montrose, zou je bijna naar Houston vliegen. Het eten is er absurd lekker, de IPA onbegrijpelijk goedkoop.

De documentaireserie De slag om Texas (regie: Hans Pool) is vanaf zondag 5 april, vier weken lang om 20.35 uur te zien op NPO2. 

Meer over