'Zwart gaat nooit meer weg. Dus wen er maar aan'

Presentator Guilly Koster noemt Massiv 'zwart', maar daar meent hij niets van. 'Het is gewoon een leuk programma voor iedereen.' Wel laat Hilversum gekleurde Nederlandse talenten links liggen....

'Hilversum is een wit mannenbolwerk', constateert de Surinaamse presentator Guilly Koster (42). 'Negen van de tien publieke omroepen wijzen mijn programma-ideeën af.' Achteroverleunend pakt hij een ordner uit de kast: 'Kijk, het begint met de A van AVRO. Dan via de K van KRO naar de N van NOS en NOT. De antwoorden verschillen, maar de essentie is hetzelfde: ze vinden mijn ideeën een beetje te zwart en dus niet passen bij hun omroep.'

Zo werd onlangs een voorstel om een programma te maken over een rituele inauguratie in de binnenlanden van Suriname afgewezen. Koster, verontwaardigd: 'Geen enkele westerling kan daar bij komen, maar ik had toestemming om het ritueel te filmen. Alleen al om antropologische redenen was het iets geweest om geld aan uit te geven. Maar de reactie van de omroepen was dat het buiten de interessesfeer van hun doelgroepen valt.'

Toch dringt Koster zo nu en dan binnen in het Hilversumse bolwerk. Voor de VPRO presenteerde hij in 1990, samen met Yvette Forster, Bij Lobith, een praatprogramma waarin de nadruk weliswaar werd gelegd op de cultuur van nieuwe Nederlanders, maar dat bedoeld was voor iedereen. Bij de Humanistische Omroep was hij vorig seizoen te zien in een reeks afleveringen van het jongerenprogramma Yoy en sinds kort is hij bij diezelfde omroep de talkshowhost van het programma Massiv.

Massiv is een zwart programma roept Koster in de pers. Koster: 'Dat bedoel ik provocerend. Het is helemaal geen zwart programma. Het is gewoon een leuk programma voor iedereen. En dat wil ik ook. Als ik het echter als zwart programma aanbied, wordt men paranoïde en wijst men het af. Maar als ik naar dezelfde mensen toega en zeg: ''Ik wil een boekenprogramma maken of een sportprogramma'', dan stemmen ze wel toe. Op het moment dat ik het over een zwart programma heb, roepen ze bij de omroep dat ze programma's maken voor iedereen. Alsof een zwart programma niet voor iedereen is. Ik wil juist laten zien dat alles bijzonder is aan die zwarte man, of juist helemaal niets.'

Met stemverheffing: 'Het gaat er niet om of je zwart of wit bent, maar om wat je neerzet, of je interessant genoeg bent. Nadat ik het programma gemaakt heb, mag iedereen zeggen of het een goed programma of een kutprogramma is, maar dat heeft niets te maken met zwart of wit.'

Het valt Koster op dat hij geen programma's op de Nederlandse tv tegenkomt waarin hij zichzelf, 'de nieuwe Nederlander', terugziet. 'Ik zou mijn aanwezigheid hier graag gereflecteerd zien in een programma. Ik heb een aantal dingen in mijn culturele bagage meegenomen die anders zijn. Jij hebt de Hoekse en Kabeljauwse twisten gehad en ik heb andere dingen meegekregen. Jij komt stipt om half elf op een afspraak, terwijl ik dan nog aan het opruimen ben en denk: mens wat ben je vroeg.'

Hij buldert van het lachen. 'Ik weet wel hoe Hollanders zijn.' En dan serieus: 'De samenvoeging van die twee culturen kan leiden tot iets nieuws. Twee weten altijd meer dan één. Maar dat zie ik niet terug op tv. Dat is allemaal zo eng, zo benauwend.'

Wie een dagje over een willekeurige markt loopt, krijgt een volslagen ander beeld van de Nederlandse bevolkingssamenstelling dan degene die een avondje naar de televisie kijkt, waar de omroepers, presentatoren en sterren voornamelijk blank zijn, een enkeling daargelaten, zoals Aldith Hunkar (presentatrice van het Jeugdjournaal), Journaal-lezeres Noraly Beyer, NOS-presentator Humberto Tan, Rocky Tuhuteru van Ontbijt-tv en Yvette Forster in Jules Unlimited.

De Stichting Omroep Allochtonen (STOA) bevestigt Kosters verhaal dat Hilversum nog altijd weinig allochtonen opneemt. Hoogstens 3 procent van alle omroepmedewerkers is allochtoon. Koster: 'Maar er wonen hier verdomme al wel bijna een half miljoen Surinamers.'

Ook in dramaseries beperkt de rol van de zwarten zich veelal tot crimineel of junk. Jimmy Geduld (Arthur uit Goede Tijden Slechte Tijden) is de uitzondering op de regel. Hij kwam de soapserie binnen als jazz-pianist, maar is inmiddels uitgegroeid tot één van de sterren van GTST.

Alsof het toeval ermee speelt, was in de eerste aflevering van Massiv een opname te zien waarbij een witte junk uit de Bijlmer een zwarte winkelier berooft. Koster: 'Als dat geen omkering van het clichébeeld is, dan weet ik het niet meer. Zwart zit in Nederland en gaat er nooit meer uit. We gaan ook nooit meer terug. Dus wen er maar aan.'

Hij heeft de militaire dienstplicht vervuld in Havelte. Koster: 'Wanneer hier de pleuris uitbreekt, word ik ingezet. Ik heb eind jaren zestig ook op de barricades gestaan. Ik weiger daarom nog langer aan de buitenkant van de cirkel te staan om te roepen naar de kern: ''Jongens, ik ben er ook.'' Ik wil ín die kern zitten. Daar wil ik praten over zaken.

'Weet je wat mijn grootste nachtmerrie is? Dat ik 99 ben en dat die Hollanders, of die Engelsen, of die Surinamers nog steeds niet begrijpen waar ik het over heb: ik wil doorgaan met z'n allen. Maar daar moet je wel voor open staan en met z'n allen aan werken.'

Koster geeft Surinamers die al een tijdje in Nederland zijn, vaak het advies dat ze moeten ophouden met 'dat gezeik over Sinterklaas'. Koster: 'Dat hoort bij die Hollanders. Je kunt op je kop gaan staan, maar volgend jaar komt die stoomboot weer net zo makkelijk aan in Harlingen.'

Ook spoort hij ze aan uit vertrouwde omgevingen als de Bijlmermeer te komen. 'Stap eens een cultureel café binnen. Als je hier wilt blijven, moet je integreren. Dat is accepteren en tolereren, maar wel van twee kanten.'

Dat houdt voor Hilversum in dat zwart meer betrokken moet worden bij het maken van programma's. 'Het is gelul dat er niet voldoende potentieel zou zijn onder allochtonen. Massiv is puur technisch gezien een prima programma en als je naar de aftitellijst kijkt dan stikt het van de Surinamers en allochtonen. Hoe bedoelen ze dat ze die niet kunnen vinden? Ze hebben gewoon niet gezocht.

'Ik kan ze namelijk allemaal vinden, van acteurs tot cameramensen. Met hun culturele bagage kunnen ze bijdragen aan de verbreding van de Nederlandse cultuur. Als ze Surinaams zijn, hoeven ze niet bij mij te komen. Antillianen en Turken ook niet. Maar als het Nederlanders zijn van Antilliaanse, Surinaamse of Turkse afkomst, dan zijn ze van harte welkom.'

Ellen van den Boomgaard

Meer over