Zomergasten is te dwingende formule

Zomergasten lijkt een mooie formule, maar levert zelden een ideale televisie-avond op. Tv-criticus Cornald Maas vraagt zich af waar dat aan ligt....

Cornald Maas

ZOMERGASTEN! De oase tijdens de zomerstop. Drie uur live-televisie, niet onderbroken door reclame. Prachtige tv-beelden. Een zinnige confrontatie tussen boeiende persoonlijkheden. Met diepgang. En luchtigheid. Ideale televisie dus.

Maar waarom overheerst dan toch elk jaar weer de teleurstelling? In krantenbeschouwingen wordt steevast uitgebreid ingegaan op de rol van de presentator, en niet op de feitelijke hoofdrolspeler: de gast die zijn of haar ideale televisie-avond heeft samengesteld.

Die presentatoren bevallen, zo betogen Zomergasten-watchers, maar matig. Peter van Ingen, de Zomergasten-host met de langste staat van dienst, raakte geregeld het spoor bijster. Hanneke Groenteman stelde zich dienstbaar op, maar was niet doortastend. Wim T. Schippers en Freek de Jonge maakten er personality-shows van; ze hadden meer oog en oor voor zichzelf dan voor de gast.

Ook de kritiek op Adriaan van Dis, die na zeven jaar zijn come-back op televisie maakt, is niet mals. Te oubollig. Teveel dédain. Te weinig in staat om met zijn gasten te sporen.

Toegegeven: Van Dis is geen ras-interviewer. En te vaak blijkt dat betrekkelijk alledaagse verwijzingen van zijn gasten hem volkomen vreemd zijn. Strips? Zijn die niet enorm in opmars in België? Eddy Merckx? Nooit van gehoord. En Herman van der Veen - is dat niet die liedjeszanger die de d en t zo keurig zingt?

Maar dat de avonden met Van Dis niet zo enerverend zijn, ligt ook aan zijn gasten. Sonja Barend koos prachtige fragmenten, maar had daar zelf nauwelijks iets aan toe te voegen. Het engagement van Tom Lanoye was oprecht, maar ook onbeholpen. Terecht stelde Van Dis, pleitend voor de macht van de verbeelding, Lanoye's politieke ambities ter discussie. Het relaas van Tamarah Benima, de Zomergast van afgelopen zondag, was behoorlijk schimmig en humorloos. Haar keuze was weinig verrassend, en het gesprek kreeg haast therapeutische trekken. 'Heb je dat links-zijn ook erg gezocht?', vroeg Van Dis. Wél zorgde Benima voor een primeur: ze zal zonder twijfel de eerste GPV-stemmende Zomergast zijn geweest.

Uit het verleden herinner ik me weinig inspirerende 'ideale televisie-avonden' van Thom Hoffman (dodelijk ernstig), Anton Corbijn (verbaal niet vaardig), Lydia Rood (veel geneuzel), Willem van Kooten (passieloos). Arnon Grunberg had nauwelijks iets uit te staan met de door hem gekozen fragmenten. Andere zomergasten geven er blijk van nauwelijks affiniteit met televisie te hebben.

Zo niet Ischa Meijer. Hij waste, in een hilarische aflevering, presentator Peter van Ingen de oren. Maar gaf en passant zichzelf bloot. Meijer maakte, anders dan de meeste zomergasten, voor de kijker voelbaar waardoor hij geïrriteerd en ontroerd raakte. Hij zette de avond zonder pardon naar zijn hand - net als de schrijvers Anil Ramdas en Renate Dorrestein, en wetenschapsfilosoof Jaap van Heerden. Zij maakten van de gelegenheid gebruik om een duidelijk thema onder de aandacht te brengen.

Die 'ideale tv-avonden' waren memorabel. De Zomergast moet een verháál willen vertellen, met onverwachte wendingen en nieuwe gezichtspunten. De ideale zomergast geeft betekenis aan de fragmenten, en trakteert de kijker, in het beste geval, op eye-openers. Niets is erger dan dat de kijker voorziet wat de gast zal gaan zeggen.

Maar misschien is dat wel te veel gevraagd. De gast ziet zich geconfronteerd met de tour de force om uiteenlopende fragmenten met elkaar in verband te brengen. Ook de presentator ziet zich voor een haast onmogelijke opgave gesteld. De fragmenten hinderen het zorgvuldig opgebouwde gesprek; de zakelijke reflectie op fragmenten hindert al te persoonlijke vragen; teveel eigen overwegingen hinderen de ruimte die de gast toekomt.

Zomergasten is, verklaarde Adriaan van Dis vorige week, niet een interviewmarathon en niet een confrontatie met een tegenstander. De rol van de presentator is bescheiden: 'De gast heeft een aantal beelden uitgekozen die indruk hebben gemaakt (...) en ik leid hem langs die beelden.' De presentator als vragensteller en gids: als dát waar is, is zo'n tv-avond meer gebaat bij een doorgewinterde journalist dan bij een doorgewinterde coryfee.

Over de inbreng van de presentatoren is in de loop der jaren het meest gezeurd - over die van de gasten al minder. Maar de werkelijke boosdoener lijkt de formule. De tv-marathon is een dwingend keurslijf voor presentator en gast. Misschien zijn mijn verwachtingen over Zomergasten jaar in, jaar uit te hooggespannen. Te vaak leidt de formule, uitzonderingen daargelaten, tot vrijblijvende praatjes bij mooie plaatjes.

Meer over