Zigeunerviool met zwier en knipoog

Muziek Roby Lakatos ****..

groningen Van alle soorten zigeunermuziek voldoet de Hongaarse caféstijl, ook wel verbunkos genoemd, het meest aan de vooroordelen over het genre: aangevuurd door jachtige salvo’s uit een cimbaal laat de violist zijn strijkstok zo mogelijk nog sneller over de snaren dansen, met een bloedstollende csárdás als resultaat. De koning van dit idioom is de Hongaar Roby Lakatos, afkomstig uit een befaamd geslacht van zigeunermuzikanten. Maar Lakatos is meer dan dat, want naast zijn vorming in de familietraditie studeerde hij ook summa cum laude af aan het gerenommeerde Béla Bartok conservatorium in Boedapest. Bovendien emigreerde hij vervolgens vrijwel meteen naar België, waar hij zijn palet verbreedde met de stijl van Stéphane Grapelli en met jazz. Lakatos gaat geen enkel cliché uit de weg, maar weet er steevast een draai aan te geven die de luisteraar confronteert met diens eigen vooroordelen.

Amsterdam Sinfonietta zet de viering van haar twintigjarig bestaan in met het project ‘Breder dan klassiek’, waaraan Lakatos en zijn begeleiders een belangrijke bijdrage leveren. Maar pas nadat het ensemble een fraaie proeve van bekwaamheid heeft afgelegd met achtereenvolgens het uit scherp contrasten opgebouwde Divertimento van Bartok en de traag vloeiende bewegingen van Hubays On the Waves of Lake Balaton.

Dat Lakatos niet tot één kunstje veroordeeld wenst te worden, maakt hij meteen na aantreden duidelijk door zijn ensemble vanuit verbunkos naadloos te laten overgaan in manouche, daarna in onversneden jazz en vervolgens weer terug. Knipoog of niet, als na de pauze de showstopper Zigeunerweisen van De Sarasate wordt gespeeld, leest Lakatos net als de strijkers van Amsterdam Sinfonietta zijn partij keurig van blad. Bovendien laat hij het zware en ook meest eervolle soleerwerk over aan contrabassist Rick Stotijn, die zwoegend doch zegevierend de allerhoogste noten uit zijn onwillige instrument weet te persen.

Niet eerder dan aan het einde van de voorstelling wordt het publiek onthaald op onvervalst zigeunervioolspel, zij het pas in tweede instantie van de hand van de meester. Want eerst haalt Lakatos Janneke van Prooijen, aanvoerster van de tweede-vioolgroep van Amsterdam Sinfonietta, naar voren om met haar te duelleren in een heuse csárdás. Pas nadat zij heeft mogen demonstreren hoezeer ze dat idioom met zijn kenmerkende vibrato onder de knie heeft, gaan bij Lakatos de zekeringen eruit. Maar zelfs dan gunt hij haar nog de illusie van gelijkwaardigheid tussen de strijdende parijen.

Ton Maas

Meer over