BoekbesprekingDe liefde, beste mevrouw Schubert

Zestig geniale gedichtbriefjes van de Poolse Ewa Lipska

null Beeld Plantage
Beeld Plantage

Osip Mandelstam heeft eens beweerd dat een gedicht als flessenpost is. Als dat zo is, heeft de Poolse dichter Ewa Lipska wel heel vaak een fles in zee geworpen. In De liefde, beste mevrouw Schubert heeft zij namelijk dik zestig geniale gedichten verzameld. De briefjes, die het midden houden tussen gedicht en aforisme, komen van meneer Schmetterling en zijn telkens aan mevrouw Schubert gericht. Het is schaamteloos Europese poëzie, waarin het Wenen van Adolf Hitler evenzeer aan de orde komt als de Europese Unie. Over die eerste zegt Schmetterling: ‘je hebt van die steden die tegen ons zouden kunnen getuigen.’ Terwijl die laatste als een herinnering aan een verre jeugd wordt gepresenteerd. De geschiedenis blijft ons achtervolgen, zoals Schmetterling schrijft: ‘het terugkerende verleden kan ik niet geluiddicht maken.’ Wat rest, is daartegenin dichten. Als dat gebeurt op de manier waarop Lipska dat doet, dan zijn we gezegend. Want, ‘beste mevrouw Schubert’, aldus Schmetterling in een zeer kort briefje, ‘onze wereld is naar het schijnt een geschrift van de Goden, maar wat een inferieure stijl…’

Ewa Lipska: De liefde, beste mevrouw Schubert. Uit het Pools vertaald door Karol Lesman. Plantage; € 16.

Meer over