Boekrecensie

Wetenschap en religie kunnen heel goed samengaan, blijkt uit Alle verstand te boven

Hoe combineer je geloof en wetenschap? Die vraag leidt in Alle verstand te boven tot 22 verhalen van christelijke wetenschappers. Verhalen die boeien, soms ontroeren en vooral de levensfilosofieën van de auteurs onthullen. Wat beklijft zijn de persoonlijke inzichten, van klein tot groot. Astronoom Heino Falcke die zich boos maakt dat sommige christenen wetenschappelijke bevindingen ontkennen en God daarmee reduceren tot bedrieger. Of ontwikkelingsbioloog Gert-Jan Veenstra, die anderhalf decennium een interne wapenstilstand hanteerde tussen de evolutietheorie en zijn geloof, voordat hij beide eindelijk kon verenigen.

Alle verstand te boven is een christelijke thuiswedstrijd, maar ook de moeite waard voor atheïsten en overige niet-gelovigen. Al voelt het door de afwezigheid van een tegengeluid – wetenschappers die van hun geloof vielen, overtuigde atheïsten die hún zienswijze onthullen – toch een beetje als gluren bij de buren. Al dat gegluur onthult geen overkoepelend, dichtgetimmerd verzoeningsnarratief tussen wetenschap en religie. Daarvoor spreken de levensfilosofieën van de auteurs elkaar te vaak tegen. Een kracht, geen zwakte. Het laat zien dat georganiseerd geloof gelukkig niet altijd tot eenheid van denken leidt.

Cees Dekker (red.): Alle verstand te boven. Ark Media; € 24,99.

null Beeld Ark Media
Beeld Ark Media
Meer over