AchtergrondWietcultuur

Weg met de coffeeshop, leve de coffeeshop!

Coffeeshop Hi/Lo in Utrecht. Beeld  Kasia Gatkowska
Coffeeshop Hi/Lo in Utrecht.Beeld Kasia Gatkowska

Eindelijk bestaat de beeldtaal rondom marihuana roken niet meer uit Jamaicaanse stereotypen. Onder invloed van het buitenland is de hele wietcultuur opnieuw vormgegeven.

Het duurde even, in Nederland ongeveer een halve eeuw, maar de laatste rastapoppetjes zijn bijna de coffeeshops uitgewandeld. De Jamaicaanse karikaturen met de eeuwig slaperige ogen en altijd een overdreven grote joint binnen handbereik, op asbakken, geveldecoraties, waterpijpen en aanstekers, hebben hun beste tijd gehad: de vormgeving van de mondiale wietcultuur was toe aan iets nieuws. En de laatste jaren is dan eindelijk een designrevolutie uitgebroken rond het betere rookwerk. De cannabiscultuur ondergaat een gedaanteverwisseling en het zicht op een nieuw, hip wiettijdperk wordt steeds helderder.

Waarom de traditionele beeldvorming rond de smokende levensstijl het zo lang heeft volgehouden? Misschien omdat haastige spoed het in het rijk van de marihuana nu eenmaal niet zo goed doet. Maar waarschijnlijk ook omdat de hasjcultuur altijd wat in de schimmige underground is blijven schemeren, zelfs in Nederland, bij ons ruimhartige gedoogbeleid.

Driedelige marihuanaset door Castor Design voor Tokyo Smoke in Toronto. Beeld Peter Lusztyk
Driedelige marihuanaset door Castor Design voor Tokyo Smoke in Toronto.Beeld Peter Lusztyk

Kijk naar de legendarische eerste coffeeshop van Nederland: de Sarasani in Utrecht. Die was vanaf de opening in 1968 tot aan de sluiting in 2007 een klein hippieparadijs aan de Oudegracht. Het interieur was één grote fluorescerende vloeistofdia en in het altijd vochtige rookgedeelte van de zaak hingen de rustgevende posters van wie anders dan Bob Marley.

De Jamaicaanse beeldtaal bleef decennialang domineren in de duizenden coffeeshops van Nederland: van de reggaedriekleur in rood, geel en groen tot de Ethiopische Leeuw van Juda en dus al die vrolijke rastamannetjes. Maar de laatste jaren is de internationale rookbeleving eindelijk ontwaakt. De vormgeving is uit het duister gekropen en in het volle licht van de waarachtige vormgevingskunst komen te staan.

Het salontafelboek High on Design: The New Cannabis Culture markeert een opzienbarende metamorfose. De meest futuristische rookwaren springen van de pagina’s af, van elegante, in zachtroze glas geblazen wietverkruimelaars tot hightech vape-apparaten, van kleine stenen pijpjes in de vorm van zeeschelpen tot klinische waterpijpen die eruitzien als kunstig gestolde vloeistof.

null Beeld

De interieurs van een nieuwe lichting coffeeshops zijn al net zo spectaculair. We zien afnamepunten als strakke witte laboratoria en ‘cannabis catering studio’s’ van bijvoorbeeld de winkelketen Level Up in Scottsdale, in de Amerikaanse staat Arizona. De cannabiswinkel Maitri Medicinals in Pittsburgh in Pennsylvania ziet eruit als een lobby in een modern vijfsterrenhotel, of een sociëteit voor tevreden hipsters.

Volgens de Amerikaanse schrijver Anja Charbonneau van het tijdschrift Broccoli, ‘voor vrouwelijke hasjliefhebbers en cannabis in kunst, cultuur en mode’, danken we de nieuwe wietcultuur aan de legalisering van marihuanagebruik in landen tot ver buiten Nederland. Van Uruguay tot Canada, het Verenigd Koninkrijk en steeds meer staten in de VS is het cannabisgebruik gedecriminaliseerd en soms zelfs geheel gelegaliseerd. Medicinaal wietgebruik ter verlichting van pijn en stress wordt volop toegestaan, en in elf Amerikaanse staten is het recreatief roken voor volwassenen legaal geworden. ‘De nieuwe, legale wietcultuur heeft iedereen uitgenodigd op het feestje’, schrijft Charbonneau in het voorwoord van High on Design. ‘De oude subcultuur kan eindelijk opnieuw worden geïnterpreteerd en vormgegeven. En de designwereld ziet het eindeloze potentieel van een compleet te herscheppen beeldtaal.’

Glaswerk van Grav Labs in Austin (Texas). Beeld
Glaswerk van Grav Labs in Austin (Texas).

De golf van wereldwijde acceptatie heeft allereerst grote economische gevolgen gehad: de wietcultuur is een mondiale (en nu dus legale) miljoenenindustrie geworden. De beursgenoteerde Canadese cannabisproducent Canopy Growth bijvoorbeeld heeft een jaaromzet van bijna 300 miljoen euro en is miljarden waard. En de laatste jaren is in Canada en de Verenigde Staten een complete infrastructuur opgebouwd, om alle nieuwe cannabisproducten aan de man te brengen.

De interieurs van die al zaken zijn verbluffend, en dat zijn de doorontwikkelde wietparafernalia in de glazen vitrines ook. Neem die prachtige, geribbelde glazen cannabisverwerkers van de Canadese ontwerpstudio Castor Design: een pijpje, vermaler en asbak ineen. Of de indrukwekkende blauwe glazen waterpijpen van de studio Grav Labs uit Austin in Texas. Als je nog geen roker was, dan zou je het willen worden alleen al om dit schitterende designobject in huis te kunnen halen.

Een goede hasj- of wietpijp, zoals de ingenieus ontworpen Elbow Pipe van de Amerikaanse keramiekstudio Ninon Choplin, moet niet simpelweg rook bij je naar binnen blazen, maar volgens de makers ‘een wauw-moment’ oproepen. De gebruikers zien de warme damp in kunstige bochten door het pijpje dwarrelen, en alleen al die aanblik moet geestverruimend zijn.

Marihuana-accessoires van The Pursuits of Happiness in North Bend (Oregon).  Beeld April Brimer
Marihuana-accessoires van The Pursuits of Happiness in North Bend (Oregon).Beeld April Brimer

De nieuwe, legale wietcultuur heeft ook een technologische revolutie in gang gezet. De inname van de gewenste hoeveelheid werkzame stof kan tegenwoordig tot op de millimeter worden geregeld in knappe vape-pennetjes, die in niets meer lijken op de oude hasjpijpen uit het stenen tijdperk, en met handige apps op de telefoon, die precies bijhouden wat voor iedere individuele roker de gewenste dosis is. De bad trip van vroeger kan zo buiten de deur worden gehouden, en met een pennetje vol microdoseringen in de broekzak kan de gebruiker opgewekt en relatief helder de dag doorkomen.

High on Design staat vol artistiek wietwerk, vooral afkomstig uit de nieuwe cannabislanden. Maar ook in Nederland is het straatbeeld ingrijpend aan het veranderen. Kijk alleen al naar de coffeeshop Boerejongens in de Utrechtsestraat in Amsterdam, die is vormgegeven als klassieke, zeer deftige apotheker met personeel in witte jassen. Of naar de Utrechtse zaak Hi/Lo, waarvan het interieur is ontworpen door het Utrechtse Workshop of Wonders. Posters van Bob Marley komen daar de tent niet binnen: de Hi/Lo baadt in een zacht koperen licht en de gebruiker kijkt er door troebele kralengordijnen naar het alledaagse buitenleven. Een coffeeshop mag deze Hi/Lo allang niet meer genoemd worden: het etablissement noemt zichzelf het liefst een ‘smoking club’.

Het is misschien het laatste houvast voor de oudere generatie rokers, die zich bij alle blinkende vernieuwing misschien wat op afstand voelt gezet. Uiteindelijk kringelt er toch gewoon rook uit de pijpjes, en die kalmerende damp zal er altijd hetzelfde blijven uitzien.

Santiago Rodriguez Tarditi: High on Design. The New Cannabis Culture. Uitgeverij Gestalten; 255 pagina’s; € 40.

Meer over