Wat ging er mis met het wonderkind van de film?

De Canadese regisseur Xavier Dolan (27) gold jarenlang als wonderkind, maar zijn laatste film werd in Cannes met boegeroep onthaald. Wat ging er mis?

De Canadese regisseur Xavier Dolan bij het filmfestival van Cannes, waar zijn Juste la fin du monde vertoond werd. Beeld Getty Images
De Canadese regisseur Xavier Dolan bij het filmfestival van Cannes, waar zijn Juste la fin du monde vertoond werd.Beeld Getty Images

Tot afgelopen lente werd Xavier Dolan (27) bij de premières van zijn films op handen gedragen. Sinds hij als 20-jarige op het filmfestival van Cannes debuteerde met J'ai tué ma mère (2009), een drama over de ongecontroleerde en intense haat-liefdeverhouding tussen een boze puber en zijn moeder, werd de Canadees door critici onthaald als superbelofte van de cinema.

Hij loste die verwachtingen in, met zorgvuldig gestileerde films over complexe, moderne liefdesrelaties, vol met gloeiende popmuziek en ver doorgevoerde slowmotionscènes. De personages laten zich dromerig-naïef meeslepen door de liefde, maar ontploffen ook van woede, frustratie en jaloezie. Van de driehoeksverhouding in Les amours imaginaires tot de vrouw in mannenlichaam en haar vriendin in Laurence Anyways. Van de jongen die zelfs na het overlijden van zijn vriend noodgedwongen in de kast blijft in Tom à la ferme tot het schitterend uit zijn voegen barstende Mommy, over een moeder die haar gewelddadige adhd-zoon terug in huis neemt.

Zelfingenomen

Maar na de première van zijn zesde film, Juste la fin du monde, eerder dit jaar in Cannes, was het gedaan met de lof voor het wonderkind. Op papier zag het er goed uit: Dolan verfilmde ditmaal het gelijknamige theaterstuk uit 1990 van de aan aids overleden toneelschrijver Jean-Luc Lagarce, waarin een jonge homoseksuele schrijver zijn disfunctionele familie na jaren weer bezoekt. Hij probeert ze te vertellen over zijn terminale ziekte, maar raakt verzeild in een aaneenschakeling van ruziënde en langs en elkaar heen ratelende familieleden.

Zelfingenomen en schreeuwerig, oordeelde de internationale filmpers. Jessica Kiang, onder meer schrijvend voor vakblad Variety, twitterde dat het festival in Cannes, waar Dolan tot nu toe niets dan lof kreeg, Dolan 'voorgoed' zou hebben verpest. In haar recensie van Juste la fin du monde beschreef ze de film als een egotrip, waarbij ze suggereerde dat het hoofdpersonage gebaseerd zou zijn op Dolans eigen leven. 'I'll be alright, Jess', reageerde de filmer bits. 'Mits ik jouw goedkope vergelijking negeer tussen een leven dat je niet kent en een theaterstuk dat je nooit hebt gelezen.'

Stil uit de film Mommy van Xavier Dolan Beeld
Stil uit de film Mommy van Xavier DolanBeeld

Een dag na de première trekt Dolan aan tafel bij een groepje journalisten in alle rust zijn schoenen aan, na een fotosessie op het Zuid-Franse strand. De woede lijkt iets bekoeld. Was hij tijdens het maken van Juste la fin du monde niet bang dat zijn publiek deze keer minder op zijn hand zou zijn?

Zonder na te denken: 'Dat had ik wel moeten zijn, hè?'

Lange stilte.

'Natuurlijk denk ik aan mijn publiek. Maar ik vind het nog steeds moeilijk te bevatten dat een publiek zich laat wegjagen omdat ik hen kwetsbare personages laat zien - want dat is wat ik doe. Het is niet dat ik iets extreem gewelddadigs heb gemaakt. Ik laat mensen zien die teleurgesteld zijn in hun leven. Gefrustreerd, verbitterd, jaloers. Ze luisteren niet naar elkaar. Ze schreeuwen langs elkaar heen, hebben geen idee meer hoe ze elkaar moeten liefhebben. Dat is óók gewelddadig, natuurlijk. Als er mensen zijn die geïrriteerd raken bij het zien van schreeuwende mensen, dan zijn er voor hen veel andere films waarin niet wordt geschreeuwd.'

Openingsscène

Hij vraagt het zich hardop af: waarom was men twee jaar geleden eigenlijk wel enthousiast over zijn toch minstens even intense Mommy, waarin óók een film lang verwoestende ruzies worden uitgevochten?

Dat heeft alles te maken met de openingsscène van Mommy, zegt Dolan in antwoord op zijn eigen vraag. Daarin overleeft de moeder uit de titel een auto-ongeluk. Dolan geeft haar direct een heldenrol. Ze is iemand om tegenop te kijken, om in je armen te sluiten. 'Dus als ze haar onbehandelbare zoon uit een psychiatrische inrichting ophaalt om hem zelf op te voeden, omdat ze ervan overtuigd is dat ze hem aankan, ben je geneigd hetzelfde te denken. Ik maak haar heel innemend.'

In Juste la fin du monde is niemand zo innemend als de moeder in Mommy, weet Dolan. Sterker nog, hij werpt zijn publiek gewoon midden in het verhaal. 'Ik maak het je lastiger om van deze personages te houden.'

Recensie Juste la fin du monde (***)

Juste la Fin du Monde rekt de grenzen van het verdraagbare op

Weer twijfelend: 'Het verrast mij echt dat mensen deze film zo hysterisch vinden. Al mijn films zijn hysterisch! Je ziet het hier hooguit in een geconcentreerdere vorm.'

In Dolans filmwereld bestaat het sowieso niet: te hysterisch, te theatraal. Integendeel: het theatrale aspect van dit verhaal behouden en bewaken was zijn voornaamste doel. 'De taal van Jean-Luc Lagarce, de schrijver van het toneelstuk, is zo speciaal en precies. Als ik dat weg zou gooien, omdat ik bang zou zijn dat het niet filmisch genoeg is bijvoorbeeld, of dat ik mensen ermee weg zou jagen, verlies je zijn ziel. Dan had ik beter mijn eigen verhaal kunnen schrijven. Ik stop altijd theater in mijn films: in het spel, het decor, de sets, kostuums, muziek, camerabewegingen. Wat dat betreft was het another day at the office.'

Toch werkte hij ditmaal met een verhaal waarin hij weinig tot zijn eigen leven kon herleiden. 'Ik heb zulke spanningen niet in mijn familie. Wel voel ik me aangetrokken tot de duistere kanten van mensen. Ik hoef mijn verbeelding niet aan te spreken om woede en agressie over te brengen. Ik ben half Egyptisch, opgevoed door een Egyptische familie, en weet hoe het is om tussen schreeuwende mensen te zitten. Schreeuwen zonder reden, weet ik ook alles van. Schreeuwen uit liefde, ook dat bestaat.'

Foute soundtrack

Xavier Dolan noemt zich een nostalgicus en dat nostalgische zit bij hem onder meer verstopt in zijn voorliefde voor zogenaamd foute popmuziek. De soundtracks van zijn films zijn vaak tot de nok toe gevuld met liedjes waarvoor muziekkenners de neus ophalen, maar die binnen de context van zijn films een nieuwe, emotionele lading krijgen. In Mommy waren dat bijvoorbeeld White Flag van Dido en Blue Da Ba Dee van Eifel 65. Hier is het I Miss You van Blink 182, Dragostea Din Tei van O-Zone en, iets salonfähiger, Genesis van Grimes. Liedjes waaraan iedereen zijn eigen, extreem persoonlijke herinneringen heeft. Zo kan iedereen tijdens het kijken die herinneringen aan zijn film verbinden, zegt Dolan.

Toegegeven: toen hij het theaterstuk rond zijn 20ste voor het eerst las kon hij er óók weinig mee. 'Ik vond de personages zo afstandelijk. Hun dialoog raakte me totaal niet. Een jaar of vijf later las ik het opnieuw en opeens voelde ik het complete potentieel voor een goede film. De emotie, het gefluister, de stiltes tussen de uitgesproken zinnen: perfect. Als ik erin slaag om die taal goed over te brengen, dacht ik, komt alles goed.'

Wat is sindsdien bij Dolan veranderd? 'Lastig te zeggen. Het leven, denk ik. En tijd. Ik neem aan dat veel mensen het gevoel hebben dat de tijd nogal snel gaat, maar in de filmwereld vliegt-ie echt voorbij. Ik heb heel erg veel gedaan in weinig tijd - vier jaar als filmmaker voelen dan al gauw als tien jaar in een mensenleven.' Juste la fin du monde is sinds vorige week te zien in de bioscoop.

Meer over