Filmfestival RotterdamA Man and a Camera

Wat gebeurt er als je bij mensen aanbelt en zonder te spreken een camera op hen richt?

In A Man and a Camera belt Guido Hendrikx met een draaiende camera aan bij willekeurig gekozen adressen, zonder iets te zeggen. Nu keert de regisseur terug naar de man zonder wie zijn intrigerende film er niet was geweest.

Filmer en regisseur Guido Hendrikx (rechts) op bezoek bij Jan le Pair, bij wie hij in 2014 filmend aanbelde zonder iets te zeggen. 	 Beeld Ivo van der Bent
Filmer en regisseur Guido Hendrikx (rechts) op bezoek bij Jan le Pair, bij wie hij in 2014 filmend aanbelde zonder iets te zeggen.Beeld Ivo van der Bent

Jan le Pair (68) uit Eindhoven is bezig in de tuin als hij de bel hoort, naar de voordeur snelt en daar een jongeman met een draaiende camera treft. De man filmt hoe Le Pair met een lach opendoet en hem op zijn Brabants begroet, een gulhartig ‘Goeiendag!’

De man zegt niks. Le Pair houdt eerst ook zijn mond, zijn nieuwsgierige blik speurt naar een bedoeling. Dan verbreekt hij toch de stilte. ‘Net op vakantie geweest. Oostenrijk. 27 graden. Bijna zomer. Mooie bergen. Hoop gewandeld. Limieten zoeken. Waar stopt het lijf? Nou, dat deed het. Gelukkig stopte dat van anderen eerder. Zo competitief ben je dan wel.’

Even later: ‘Wilt u niet mee naar binnen komen?’

Terwijl de man met de camera ook achter de voordeur volhardt in zijn zwijgen en hem van dichtbij volgt, zet Le Pair koffie, leidt hij rond door zijn huis en blijft hij vertellen. Over zijn baan als fysiotherapeut (‘elke dag een uitmuntende reden om op te staan’), mozaïeken, zijn vrouw Ine, zijn drie dochters, over de handicap van een van hen. Over wat er op dat moment gaande is, met die onbekende in zijn huis: ‘Grappig hè, de drang tot contact. Er zit iemand achter die camera. Die zegt niks. En toch is er een vorm van contact.’

Experiment

Zo ging het in 2014. Nu staat de man met de camera opnieuw voor de deur, zonder camera dit keer. Aanbellen bij Jan le Pair was zeven jaar geleden een experiment, zegt regisseur Guido Hendrikx (33), ‘vooronderzoek’ voor wat een film is geworden die deze week in première gaat op het IFFR in Rotterdam en vanaf eind juli te zien zal zijn in de bioscoop. In A Man and a Camera meldt Hendrikx zich in stilte bij willekeurig gekozen adressen in plaatsen als Hulst, Waalre, Cadzand en Netterden, en maar zien wat er gebeurt. Spoiler: van alles.

Le Pair is niet te zien in de film – de beelden van toen weken te veel af van de later gemaakte opnamen. ‘Maar als ik Jan niet had ontmoet, was A Man and a Camera er niet geweest.’ Dus hebben we afgesproken om de film bij hem thuis te bekijken, en te praten over de vraag die Hendrikx steeds weer hoorde terwijl hij onderzoekend werd aangestaard vanuit de deurpost: wat is dit? Of zoals een Zeeuw het mooi verwoordde: ‘Wat is de diepere zin hiervan?’

In anderhalf jaar tijd – hij begon in 2018 met filmen – drukte Hendrikx op drie- tot vierhonderd deurbellen en liet hij zich verrassen. Aan de gezichten die de montage haalden is het hele spectrum van emoties af te lezen: opgewekte interesse, ongeloof, verlegenheid, argwaan, ongemak, aarzeling, twijfel, ongeduld, ergernis, schrik, woede. Het is fascinerend, grappig en geen moment saai om te zien hoe verschillend mensen op zijn komst reageren, en jezelf af te vragen wat je in hun schoenen zou hebben gedaan of gezegd.

‘Bent u doof?’

‘Nou, zeg het eens.’

‘Spoor je wel, kerel?’

‘Wat krijgen we nou?’

‘Ik snap niet dat hij het zo lang volhoudt, zonder iets te zeggen.’

‘Ik doe de deur weer dicht, hoor!’

‘Moet je luisteren, je krijgt vijf tellen om te zeggen wat je komt doen, anders sla ik dat ding in mekaar.’

A Man and a Camera Beeld
A Man and a Camera

Winsituatie

Meer dan eens vroegen mensen zich hardop af of ze van doen hadden met het tv-programma Man bijt hond. Of ze dachten verzeild te zijn geraakt in een winsituatie, iets met de Postcodeloterij, maar dan zonder Gaston Starreveld. ‘Dat heb ik wel acht, negen keer gehoord’, zegt Hendrikx.

Degenen van wie hij direct al wist dat ze de film niet zouden halen, kregen een briefje in de bus. ‘Zojuist zijn er filmopnamen van u gemaakt in het kader van een (experimentele) documentaire, geproduceerd door Aventura Film en Boondocs. Middels deze brief willen we u kenbaar maken dat de beelden niet worden gebruikt. De opnamen zullen niet (en op geen enkele wijze) openbaar worden gemaakt en tevens verwijderd worden.’ Anderen vroeg hij later om toestemming.

Acht mensen nodigden hem net als Jan le Pair uit om binnen te komen. Dat gebeurde onder meer in een dorp waar anderen juist een verdachte situatie in Hendrikx zagen. Alexandra Zijlstra uit Cadzand vroeg zich op Facebook af wie van haar vrienden de man met de camera ook aan de deur had gehad. ‘Wie weet wat dit is? En wie heeft er nog zo’n brief gehad?’ Haar moeder vertrouwde het niet en waarschuwde de politie. ‘Gaat waarschijnlijk om een Oost-Europese bende.’

‘Man met camera zorgt voor commotie bij Zeeuwen: belt aan, zegt niks en filmt hun reactie’, kopte de Provinciale Zeeuwse Courant in november 2019. De krant sprak Jolanda van der Heijden uit Meliskerke. ‘Ik ben er meteen achteraan gegaan’, vertelde zij. ‘Mijn bloed gaat dan meteen koken hè, de brutaliteit. [...] Volgens eigen zeggen werd hij ook weleens bij mensen binnengelaten die uit zichzelf heel hun verhaal vertelden... vreemd, maar het zal wel.’

In Sint Kruis, Zeeuws-Vlaanderen, sprak de politie Hendrikx aan. Een politiewoordvoerder tegen de PZC: ‘Hij kwam vertrouwenwekkend over, had een professionele camera bij zich en deed ook niets strafbaars.’

Filmer en regisseur Guido Hendrikx (rechts) op bezoek bij Jan le Pair en diens vrouw, bij wie hij in 2014 filmend aanbelde zonder iets te zeggen. 	 Beeld Ivo van der Bent
Filmer en regisseur Guido Hendrikx (rechts) op bezoek bij Jan le Pair en diens vrouw, bij wie hij in 2014 filmend aanbelde zonder iets te zeggen.Beeld Ivo van der Bent

Reageren op het onbekende

Wat kan er allemaal gebeuren wanneer je zonder vooraf je bedoelingen kenbaar te maken en zonder te spreken bij mensen aanbelt en een videocamera op ze richt? Hoe verhouden we ons tot die camera en hoe reageren we op het onbekende? Dat hoopte Hendrikx uit te vinden in zijn documentaire die zowel de mens als het medium moest bevragen.

Tegelijkertijd wilde hij breken met wat hij ‘de hedendaagse documentaireformule’ noemt. ‘Een onalledaags, journalistiek relevant of maatschappelijk modieus onderwerp dat in een herkenbare, weinig vernieuwende vorm aan de kijker wordt gepresenteerd. Ik wilde proberen die formule omver te werpen door een onconventionele filmtaal te projecteren op het alledaagse, waarbij ik mezelf afhankelijk zou maken van het toeval.’

Drie regels legde hij zichzelf op. Niet praten, ook niet non-verbaal communiceren. De regie uit handen geven, degenen die worden gefilmd laten bepalen wat te doen en wanneer te stoppen. En hij besloot zich te beperken tot zo alledaags mogelijke omgevingen. ‘Plekken waar niks aan de hand is, die een journalist of documentairemaker eigenlijk geen enkele reden geven om juist daar naartoe te gaan.’

Hoe zijn idee tot een interessante film moest leiden, daar zat hij in de vroege experimenteerfase nog wel over in. ‘Een film heeft een ontwikkeling nodig, maar de dramatische boog leek zich lang te beperken tot de korte ontmoetingen aan de voordeur. Meer iets voor een kunstinstallatie met twintig schermen.’

Dat veranderde toen Jan le Pair hem koffie aanbood en zijn persoonlijke besognes begon te delen. ‘Wacht even, dacht ik, ik kan dus in iemands intieme levenssfeer geraken, dat opent nieuwe mogelijkheden. Daar binnen kan iets ontstaan.’

A Man and a Camera. Beeld
A Man and a Camera.

Hilarisch

Hun ontmoeting zette ook Le Pair aan het denken. ‘Ik vond het hilarisch, die niks zeggende man met zijn camera aan de deur, en ik vond het boeiend wat hij met mij deed. Ik ben in gesprekken niet snel degene die uitgebreid over zichzelf gaat praten, maar tegen Guido vertelde ik het ene na het andere verhaal.’

Kennelijk, zegt hij, prikkelde Hendrikx hem om een monoloog af te steken. ‘Als je in de deuropening een vreemde treft, heb je ogenblikkelijk gevoelens van sympathie of antipathie, of alles daartussen. Guido hoefde mij niet meer voor zich te winnen. Hij mocht letterlijk en figuurlijk bij mij over de drempel komen.’

In Hendrikx’ film is alleen de schaduw van de man met de camera zichtbaar, een spiegeling in een ruit. Als kijker raak je vanzelf benieuwd naar degene die hier en daar op vijandigheid stuit, maar ook binnen de kortste keren vertrouwen wint, zich soms met verbluffend gemak naar binnen zwijgt en uiteindelijk zelfs bij een man uit Meliskerke in diens huis wordt achtergelaten, terwijl de bewoner vertrekt om zijn kleinkind naar school te brengen. Dat moet toch haast wel iemand zijn met een vriendelijk gezicht, een ontwapenende uitstraling?

Wat een recensent van het Britse filmblog Screen Daily zich eind april afvroeg, na de vertoning van A Man and a Camera op het Deense documentairefestival CPH:DOX: ‘Is de menselijke drang naar verbinding zo onweerstaanbaar dat al het andere zo gemakkelijk terzijde wordt geschoven?’

Stommetje spelen vond Hendrikx geen lastige opgave, zegt hij, maar hij moest wel over een mengeling van macht en schaamte heen stappen. ‘Zo’n camera geeft een machtig gevoel. Je eist er kwetsbaarheid mee op, en tegelijkertijd zet je de ander ook onontkoombaar tot een bepaalde performance aan.’

Een pijnlijke les

Guido Hendrikx maakte eerder onder meer de korte films Escort (2013) en Onder ons (2014). Met die laatste documentaire studeerde hij af aan de Filmacademie. In 2016 maakte hij zijn eerste lange film, Stranger in Paradise, over de complexiteit van het Europese migrantenvraagstuk, de openingsfilm van documentairefestival Idfa. Hij kreeg er de Idfa Special Jury Award voor uitgereikt. ‘Een wrange, pijnlijke les, dat is Stranger in Paradise’, schreef de Volkskrant, ‘niet in de laatste plaats voor de toeschouwer.’

Bij een aantal mensen keerde hij terug, bij sommigen kwam hij vijf keer over de vloer. Zijn ontmoeting met Ab, de man die Hendrikx alleen in zijn huis achterliet, benaderde die met Jan le Pair het meest. ‘Ik vind het ongelooflijk mooi, het vertrouwen dat je van hem krijgt’, zegt Le Pair. ‘Omdat ik in dezelfde positie ben geweest, kan ik het ook begrijpen. Ik had hetzelfde kunnen doen.’

Hendrikx: ‘Maar zo openhartig als jij was uiteindelijk niemand. Het is wat het is, ik heb het materiaal moeten omarmen. Er zijn natuurlijk genoeg ‘wat als’-scenario's te verzinnen. Wat als ik nog meer geduld had gehad, had er dan meer in gezeten? Wat als ik een vrouw had getroffen die alleen thuis was en die mij had binnengelaten, had dat nog iets spannends kunnen opleveren? Was het niet mooi geweest als ik dit jaren had volgehouden, zodat je in de film iemand ouder ziet worden?’

Toch ontdekte hij ook dat er ‘een soort verzadiging’ optrad bij de mensen die hij meer dan eens bezocht. ‘Ik was bij Ab op Oudejaarsavond, onze vierde of vijfde ontmoeting. Een speciale avond, dacht ik, Ab had een gezelschap over de vloer. Dat was aardig, maar het contact tussen ons ontwikkelde niet meer. Die keer dat ik in zijn huis mocht achterblijven, daar kwamen we gewoon niet meer overheen.’

Iets dergelijks merkte Le Pair destijds ook al op. ‘Een man met een camera die bereid is een uur lang naar je te luisteren’, zegt hij in de opname van toen. ‘Wel leuk. En toch zou ik nog wat links, wat hints moeten hebben, zou je nog veel verder willen gaan in gespreksstof.’ Ook bij Le Pair kwam Hendrikx terug, een paar dagen na die eerste keer. Hij kon rekenen op een warm onthaal. ‘Vriend! Daar is-ie weer. Nu met spraak?’ Le Pairs vrouw Ine, vanuit de keuken: ‘We gaan aan tafel, eet je mee?’

Ongeduldig

Na hun tweede treffen verbrak Hendrikx de afspraak met zichzelf om niets te zeggen, en bracht hij Le Pair en zijn vrouw op de hoogte van zijn intenties. Hij vertelde ze toen ook dat zijn ouders bij hen om de hoek wonen. ‘Ik was te ongeduldig, achteraf’, zegt hij nu. ‘Ik ging beide keren ook uit mezelf naar huis.’ Le Pair: ‘Terwijl ik nog helemaal niet klaar met hem was!’

Hendrikx: ‘Mijn conclusie is dat je maar een beperkte mate van intimiteit kunt creëren met deze methode. Ik heb altijd het gevoel gehouden dat ik het met Jan naar een hoger niveau had kunnen tillen.’

Le Pair: ‘Ook wel typisch: toen ik vorige week iemand vertelde over deze afspraak, bleek ik te zijn vergeten dat jij een camera bij je had.’

Ja, is het de camera die ontregelt, of de man erachter die niet praat? ‘Bij mij beklijfde dus vooral dat laatste’, zegt Le Pair. ‘Ik beschouw mijn ontmoeting met Guido als een verregaande afrekening met mijn timide, terughoudende gedrag van toen ik jong was. Als ik hem niet mee naar binnen had gevraagd, dan had ik een leuke en leerzame ervaring gemist. Leerzaam in de zin dat er onverwacht wederzijds vertrouwen kan bestaan in een wereld die soms flink op zijn kop staat.

‘Ik wil er niet van uitgaan dat iemand met kwade bedoelingen voor de deur staat. In de film zie ik ook dat de meeste mensen voor jou openstaan. Ze geven gemiddeld genomen een dubbele boodschap af: je bent welkom, maar ze staan klaar om je een halt toe te roepen.’

Hendrikx: ‘Mensen hebben over het algemeen ook weinig geduld met stilte. Zoals Blaise Pascal zei: alle problemen van de mensheid komen voort uit het onvermogen van de mens om in stilte alleen in een kamer te zitten.

‘Het is nooit mijn doel geweest, maar je zou kunnen zeggen dat de film is uitgegroeid tot een ode aan de geduldige, vertrouwensvolle mens die de stilte durft te omarmen. Ik had nooit verwacht dat iemand mij zou achterlaten in zijn huis, en dat diegene zonder omkijken zou wegfietsen.’

Le Pair: ‘Blijven jullie eten?’