DagboekJohn Kenneth Galbraith (1908-2006)

Was president Kennedy’s dood de prijs van rechtse haat?

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Erik van den Berg
Katharine Graham (1917-2001), uitgever van The Washington Post, op 6 juni 1980. Beeld Robert R. McElroy / Getty
Katharine Graham (1917-2001), uitgever van The Washington Post, op 6 juni 1980.Beeld Robert R. McElroy / Getty

New York, 26 november 1963

Op 22 november vloog ik naar New York voor een lunchafspraak met Katharine Graham, de baas van The Washington Post en Newsweek. Arthur Schlesinger en enkele Newsweek-redacteuren zouden zich bij ons voegen. Ik hield het bij tomatensap, terwijl de redacteuren Old Fashioneds dronken. Arthur en Kay hadden net hun drankjes gekregen, toen iemand de deur opende en zei: ‘Ik vrees dat ik jullie moet storen. President Kennedy is zojuist in Dallas neergeschoten.’

Een moment was het doodstil, tot iemand zei: ‘Dit kan niet waar zijn.’ We gingen naar de telexkamer, waar iedereen aan de radio was gekluisterd. Volgens de berichten was hij in het hoofd geschoten. Ik stelde me voor wat het betekent om in je hoofd geschoten te worden en ik wenste dat het nieuws was dat hij was overleden. Toen zei de radioverslaggever dat een lid van de geheime politie die mevrouw Kennedy begeleidde, had gezegd: ‘De president is dood.’

Een half uur lang pendelden we tussen Katharine’s kantoor, het radiotoestel en de tv. Nu wenste ik dat het slechts een wond was en daarop volgde de verklaring dat de president van de Verenigde Staten was overleden.

Ik had het sterke gevoel dat we de prijs betaalden voor de giftige haat die zo onbeschaamd door extreemrechts is verspreid. We veronderstelden alle drie dat dit een daad van rechtse extremisten is geweest.

John Kenneth Galbraith (1908-2006), Amerikaanse econoom en diplomaat. Ingekort fragment uit Ambassador’s Journal. Houghton Mifflin, 1969.

Meer over