Vrouwen van as is aangrijpend en poëtisch verwoord drama

Poëtisch drama in Mozambique.

'Als je as bent, kan niets je pijn doen', zegt de moeder van Imani als deze vraagt waarom ze als klein meisje As werd genoemd. Het is 1895 en de Portugezen vechten met de VaNguni's om de macht in de zuidelijke helft van Mozambique. Tussen de strijdende partijen bevindt zich de kleine stam van de VaChopi's, waartoe Imani behoort.

Geen schrijver die een dergelijk drama zo aangrijpend én poëtisch weet te verwoorden als dichter, schrijver en essayist Mia Couto (61). Eerder verschenen van hem in vertaling het hallucinerende Slaapwandelend land en De laatste vlucht van de flamingo. Nu heeft Harrie Lemmens zijn meest recente roman, Vrouwen van as, vertaald.

Net als in Slaapwandelend land schrijft Couto in meerdere perspectieven. In de oneven hoofdstukken is Imani aan het woord, in de even hoofdstukken schrijft een verbannen sergeant uiterst persoonlijke rapporten aan een bevriende luitenant. Ze leren elkaar kennen als de sergeant in zijn eentje een complete legerpost komt bemannen in het dorp waar Imani met haar familie woont. Hij moet haar volk beschermen tegen het dreigende oorlogsgeweld. Het meisje lijdt vooral onder het feit dat ze met haar 15 jaar nog altijd niet zwanger is.

Fictie

Mia Couto

Vrouwen van as

Uit het Portugees vertaald door Harrie Lemmens, Querido; 254 pagina's; €18,99

Harde spiegel

Couto laat de culturen flink botsen. Voor Imani lijkt alles fluïde te zijn. Zij woont op een 'kruispunt van werelden' en in het stof schrijft zij de namen van de gestorvenen. De sergeant moet zich vooral in het hier en nu zien te redden.

Het gaat Couto niet alleen om een vergeten geschiedenis, hij wil ook de wortels van de menselijke drang tot superioriteit blootleggen. Als er een VaNguni-strijder gevangen is genomen die zich tijdens het verhoor minachtend uit over de stam van Imani, schrijft de sergeant: 'Ik verafschuwde hem niet om wat hij zei over de verslagenen, maar omdat hij met dat vertoon van dedain gelijk werd aan degenen die mij naar Afrika hadden gestuurd.'

De spiegel is hard en alle partijen zijn schuldig. Het maakt de eenzaamheid van Couto's personages alleen maar groter. Imani en de sergeant hebben elkaar nodig, maar zullen elkaar nooit echt begrijpen. Van hun beider culturen kan hetzelfde worden gezegd.

Meer over