Vrolijke pastiche op de celebritycultuur

Fictie De nieuwe Houellebecq leest als een politieroman, maar kent vele lagen...

Het belangrijkste evenement van het Franse rentrée littéraire wordt al maanden aangekondigd, er wordt al weken over geschreven en het heeft zelfs al een schandaaltje veroorzaakt. Het gaat om de nieuwe roman La carte et le territoire van de meest controversiële schrijver van Frankrijk, Michel Houellebecq.

Het boek verscheen deze week in een eerste oplage van 120 duizend exemplaren. Nog voor het in de winkels lag, werd de schrijver al beschuldigd van plagiaat door de Franse website slate.fr. Houellebecq zou zonder bronvermelding passages van onder andere Wikipedia hebben gehaald. Houellebecq zelf reageert gelaten op de beschuldigingen. In een filmpje dat te zien is via de website van Le Nouvel Observateur zegt hij dat zijn manier van werken niet nieuw is. Hij laat zich vooral door Perec en Borges inspireren. Ook noemt hij zijn werk een ‘patchwork’.

Op zijn nieuwe roman, vijf jaar na zijn vorige, is deze metafoor zeker van toepassing. Het verhaal en de personages zijn aanleiding voor diverse uitweidingen over de meest uiteenlopende onderwerpen. Vaak hebben dit soort mini-essay’s betrekking op de consumptiemaatschappij, maar ze kunnen ook gaan over filosofen, kunstenaars, en, zoals in La carte et le territoire, over het Kroatische eiland Hvar, de Asubhã meditatiemethode en de maltezerhond.

Thema’s die intussen karakteristiek zijn voor zijn werk, zoals het liberalisme en de vergankelijkheid, herkennen we ook hier weer. Maar in deze nieuwe roman zijn ze subtieler uitgewerkt en is het geheel gelaagder en ook grappiger dan zijn eerdere romans. Er is zelfs een deel dat is geschreven, en leest, als een politieroman. Ongetwijfeld is dit het beste boek van Houellebecq tot nu toe.

Het verhaal begint ergens in het tweede decennium van de 21ste eeuw en loopt door tot zo’n veertig jaar daarna. Het beschrijft het leven en werk van Jed Martin. Zoals de meeste hoofdpersonen van Houellebecq is ook Jed een eenling. Zijn vader is de enige die hij regelmatig blijft zien: elk jaar met Kerstmis. Wanneer een van de mooiste vrouwen van Parijs zijn vriendin wordt, ‘zou hij zich daarover verbaasd hebben, als hij ertoe in staat zou zijn om zich over dat soort dingen te verbazen, of ze zelfs maar op te merken’. Hij leeft vrijwel onverstoorbaar, beziet zijn leven alsof het een van de objecten is die hij voor zijn werk fotografeert.

Jed is een succesvol kunstenaar. Houellebecq plaatst hem uitdrukkelijk in het hedendaagse Parijs: hij ontmoet bekende figuren van de Franse televisie, als Jean-Pierre Pernaud, en de schrijver en society personality Frédéric Beigbeder. Een uitzonderlijke rol krijgt de schrijver Michel Houellebecq toebedeeld, bekend van onder andere de roman Les particules élémentaires. Het is de enige persoon in het leven van Jed voor wie hij een soort vriendschap begint op te vatten.

Met al die verwijzingen naar de realiteit, maar soms ook naar verzinsels ontstaat er een dicht web vol tegenstrijdigheden. Ook op andere niveaus. Als lezer kun je eigenlijk alleen maar genieten van het duidelijke plezier waarmee Houellebecq dat web voor je heeft gespannen.

Het personage Houellebecq beweert tijdens de eerste ontmoeting met Jed dat journalisten hem aan zijn drankzuchtige imago hebben geholpen. Letterlijk. Want ‘hoe kun je praten met een mietje als Jean-Paul Marsouin zonder straalbezopen te zijn?’ Als Jed hem voor de tweede keer ontmoet is hij echter zo dronken dat hij nauwelijks op zijn benen kan staan. ‘Hij stonk een beetje maar minder dan een kadaver’.

Vaak komt het kunstenaarschap aan bod. De meningen zijn hierover verdeeld. Volgens de vader van Jed kan een kunstenaar alleen maar boven zichzelf uitstijgen als hij geld nodig heeft. Jed zegt tegen de pers dat hij intuïtief werkt. In een stuk dat zo lyrisch is dat het belachelijk wordt, vergelijkt Patrick Kechichian, criticus bij Le Monde, de kunstenaar Jed Martin met God.

Houellebecq’s roman heeft, zoals al zijn romans, een complexe structuur, maar blijft vloeiend. Voor de ene lezer zal La carte et le territoire vooral gaan over een vader-zoonrelatie, een ander zal er weer een cynische toekomstvisie in zien.

Houellebecq betoont zich opnieuw visionair wanneer hij Frankrijk beschrijft als één grote toeristische trekpleister vol artisinat en authenticité voor Chinezen en Russen, een moment dat in werkelijkheid niet zo ver meer is.

Het gaat ook over wat het betekent om iets te scheppen, om kunstenaar te zijn en de mythe die om het schrijverschap hangt. En dus gaat La carte et le territoire ook over Houellebecq zelf. Niet zozeer vanwege het personage dat zijn naam draagt, als wel door hoofdpersoon. Jed is als mens relatief onervaren, schrijft Houellebecq ergens. Vreemd genoeg maakt dat hem, en ook de schrijver zelf, juist menselijker.

Meer over