Voorkeur voor artistieke regisseurs en afkeer van geweld Keuze jury van Cannes getuigt van lef

Shohei Imamura (Japan) en Abbas Kiarostami (Iran) hebben zondagavond met respectievelijk De aal en De smaak van de kers de Gouden Palm gewonnen....

Van onze verslaggever

Peter van Bueren

CANNES

De Gouden Palm ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van Cannes ging naar de 71-jarige Egyptische regiseur Youssef Chahine voor zijn hele oeuvre. Daarmee werd een regisseur geëerd die sinds 1950 probeert de Egyptische film enig aanzien te geven en in zijn carrière voortdurend problemen had met de censuur. Ook zijn nieuwe film, Het noodlot, heeft een kritische ondertoon over de invloed van het fundamentalisme. Chahine verklaarde in Cannes niet bang te zijn voor de fundamentalisten, hoe zwaar de aanvallen uit die hoek op hem ook zijn.

De twee Palmwinnaars zijn artistieke kleinoden die het grote publiek niet zullen bereiken. Imamura's film is een fijnzinnige vertelling van een man die zijn overspelige vrouw vermoordt en in een aal zijn grootste vriend vindt. In de film van Kiarostami rijdt anderhalf uur een man in een auto rond die iemand zoekt om hem te helpen.

Door te kiezen voor deze mooie, inhoudelijk rijke maar niet spectaculair ogende films liet de jury, onder leiding van Isabelle Adjani, merken weinig te voelen voor commerciële publieksproducties. Dat getuigde van lef in een festival waar nog nooit zoveel sterren zich lieten zien en waar tijdens de prijsuitreiking weer eens bleek hoe groot de kloof is tussen de competitiefilms van Cannes en de publiciteit rond het festival. Stallone op de trappen, oude en voor velen onbekende regisseurs uit Japan en Iran op het hoogste podium.

Omdat geen enkele film in een van de kwalitatief zwakste competities uit de geschiedenis van Cannes eruit sprong, had elke keus het karakter van een compromis. De jury trok partij voor de artistieke regisseurs in een uitslag die een commentaar inhield op het hele programma. Opmerkelijk veel films behandelden het thema geweld en de rol van de media. Geen daarvan viel in de prijzen, ook niet de meest besproken film van Cannes, Funny Games van Michael Haneke.

Haneke meent dat alle films over geweld het publiek toch een bepaalde kick geven. Zijn Funny Games is afstandelijk en toont geweld zonder enige argumentatie. Het benauwende gevoel dat hij bij het publiek teweeg bracht, leverde heftige reacties pro en contra op. De tegenstanders waren in alle jury's zo fanatiek dat zij elke prijs voor Haneke blokkeerden. Iedere andere film liever dan deze van Haneke. Het gevolg was dat Funny Games, hoewel dé film van het festival, totaal onvermeld bleef.

Een van de interessantere films in de competitie, The Sweet hereafter van Atom Egoyan, werd bekroond met de Grote Prijs van de jury. Dat was niet alleen een erkenning voor de Canadese regisseur maar tegelijk liet de jury weten het geen meestewerk te vinden, anders had hij wel de Gouden Palm gewonnen. Egoyan kreeg ook de Fipresci-prijs van de critici en die van de Oecumenische jury. Deze beide jury's gaven hun prijs voor een film buiten competitie aan de Portugees Manoel de Oliveira (86) voor Viagem ao principio de mundo, ook het laatste optreden van Marcello Mastroianni.

De Engelse Kathy Burke kreeg vrij onverwacht de actriceprijs voor haar rol in Nil by Mouth van de als regisseur debuterende acteur Gary Oldman. De acteursprijs ging naar Sean Penn voor zijn rol in She's so lovely van Nick Cassavetes. In beide gevallen waren andere keuzes minstens zo gerechtvaardigd, maar de jury zou dan mede films bekronen waaraan zij geen enkele prijs wilde geven, zoals de Franse inzending Assassin(s) van Matthieu Kassovitz, waarin de hoofdrol van Michel Serreault minstens zo goed was als die van Penn.

De regieprijs ging naar Wong Kar-Wai uit Hong Kong voor Happy Together, die opvalt door een mengeling van stijlen in een verder niet bijster sterk verhaal. James Schamus kreeg de scenarioprijs voor Ice Storm van Ang Lee, een goed geconstrueerde maar niet meer dan bekwame film. Tenslotte kreeg de sympathieke, kleine Franse film Western van Manuel Poirier de gewone juryprijs, waarmee de andere Franse inzendingen nadrukkelijk gepasseerd werden.

De Caméra d'Or voor het beste debuut ging naar Suzaku van de Japanse Noami Kawase, een schitterende film die op het festival van Rotterdam al de kritiekprijs had gewonnen.

Meer over