Vogels vangen op de binnenplaats

In 1985 vertrok Hossein Sadgadi Gaemmagami Farahani noodgedwongen uit Iran. Hij kwam in Nederland terecht en begon in het Nederlands te schrijven onder de naam Kader Abdolah....

Kader Abdolahs nieuwe roman Het huis van de moskee is in volle omvanggewijd aan de dramatische ontwikkelingen in het Iran van de laatstevijfenveertig jaar. Dat verhaal wordt verteld aan de hand van de opkomsten ondergang van tapijthandelaar Aga Djan, de centrale figuur in het huismet de zesendertig kamers in het stadje Senedjan. Uit zijn familie isaltijd de imam afkomstig van de moskee naast het huis, en daarmee heeft hijeen belangrijk aandeel in de economische, politieke en religieuze macht inde stad.

In het huis naast de moskee leven Aga Djan en zijn uitgebreide familievolgens de traditionele Iraanse cultuur. De vrouwen vangen vogels op debinnenplaats en brengen de patronen van de veren over in de gloeiendekleuren van de Perzische tapijten, de grootmoeders bidden met hun gezichtnaar Mekka en de imam preekt over soera's uit de Koran.

Maar de tijden veranderen. In het begin van het boek dringt de14-jarige Shahbal er bij zijn oom Aga Djan op aan, de eerste stap van een mens op demaan - het is 1969 - op de verboden televisie te bekijken. Nog geen twintigjaar later zal Shahbal zijn land moeten verlaten. In de tussentijd heefter een storm over Iran geraasd. Het regime van de Shah is omvergeworpen,Khomeini heeft de republiek van de ayatollahs gevestigd en nabliksemprocessen zijn duizenden tegenstanders geëxecuteerd.

Aga Djans huis begint af te brokkelen. De twee oude grootmoeders kerennooit meer terug van hun vurig gewenste bedevaart naar Mekka, Aga Djanszoons worden gevangen genomen, en zijn neef Shahbal verdwijnt in het linkseverzet. Zijn vrouw Fagri zegt tegen het einde van de roman: 'Ik begrijp nogsteeds niet hoe mensen van de ene op de andere dag kunnen veranderen.' AgaDjan antwoordt: 'Ik neem het ze niet kwalijk. Het zijn simpele mensen enze zijn bijna allemaal analfabeet.'

Maar dat zegt lang niet alles. De gesel van de ayatollahs wordtbeschreven als een natuurramp, een storm die over het land komt en diewordt voorafgegaan door een sprinkhanenplaag. Verklaard worden degebeurtenissen in Het huis van de moskee niet, maar ze worden door deinvloed op het leven van Aga Djan en zijn familie angstwekkend invoelbaar.

Naar goed Perzisch gebruik bevat ook dit boek de nodige versleuteldepassages. Er is het bekende verhaal over 'een lijk, een vader en geengraf', dat verwijst naar Abdolahs eerste verhalenbundel en naar de radelozereis om een laatste rustplaats voor de vermoorde broer van de schrijver tevinden. Er is Shahbal, die net als Kader Abdolah natuurkunde gaat studerenin Teheran, daar terechtkomt in de linkse beweging en uiteindelijk het landmoet verlaten. Hij schrijft daarna aan Aga Djan, in een brief voorzien vaneen postzegel met tulpen: 'Ik ben van schrijftaal veranderd.'

Het is niet moeilijk in deze passages gedeelten uit Abdolahslevensverhaal te herkennen. Wat er precies gebeurde rondom zijn vertrek uitIran, daarover heeft hij zich altijd in stilzwijgen gehuld. Begrijpelijk.De Iraanse geheime dienst heeft lange oren. En aan het slot schrijft hijnadrukkelijk dat alle namen en gebeurtenissen, gelezen mogen worden naarde wetten van de literatuur.

Gelezen naar de wetten van de literatuur is Het huis van de moskee eengrootse prestatie met zwakke momenten. Waarom krijgt Abdolah geenintelligente meelezer die navraagt of een vreemdsoortige uitdrukking als'gewichtige billen' echt is wat de schrijver bedoelt, en die zijn stijl inhet Nederlands een beetje oliet? Voor een deel zal de hoekigheid KaderAbolah eigen zijn. Vooral bij het beschrijven van politieke ontwikkelingengaat hij zijn onderwerp te lijf alsof hij met een bijl op een blok granietinhakt, maar in andere gedeelten weet hij met mooie beelden hetonbegrijpelijke te verwoorden.

Aan het einde van zijn omzwervingen mag Aga Djan een dag en een nachtdoorbrengen in een aards paradijs bij de kasteelheer Hoeshan, diegemodelleerd is naar de eerste grote Perzische koning die de beschaving inhet land bracht en de valse demonen en priesters versloeg.

Daarmee wordt voor Iran een ander perspectief geschetst dan hetislamitische paradijs met de tweeënzeventig maagden: de toekomst ligt inhet rijke Perzische verleden. Voor Shahbal ligt de toekomst in eentulpenland. Dat land mag de schrijvers koesteren die het in de schootgeworpen krijgt.

Clara Strijbosch

Kader Abdolah: Het huis van de moskeeDe Geus413bladzijden 22,50ISBN 90 445 0768 0

Meer over