Nieuws

Vermeende Caravaggio opgedoken, Spaans ministerie legt exportverbod op

Het doek zou worden geveild met een startprijs van 1.500 euro.

De vermeende Caravaggio. Beeld Ansorena
De vermeende Caravaggio.Beeld Ansorena

Het Prado Museum acht het ‘waarschijnlijk’ dat in Spanje een echte Caravaggio is opgedoken. Vorige week legde het Spaanse ministerie van Cultuur een tijdelijk exportverbod op ten aanzien van een schilderij dat op het punt stond in Madrid te worden geveild. Uit een publicatie van woensdag blijkt dat het nationale museum van Spanje ‘gegronde formele en documentaire redenen’ heeft om te veronderstellen dat het om een origineel werk van Caravaggio (1571-1610) gaat.

Nader onderzoek moet nu uitwijzen of het schilderij echt is gemaakt door de Italiaan. Als dat zo blijkt te zijn, kan het een spectaculaire ontdekking worden genoemd. Niet alleen omdat werken van deze meesterschilder kapitalen waard zijn, maar ook omdat het doek zou worden geveild met een startprijs van 1.500 euro. Zo’n koopje wordt in de kunsthandel een sleeper genoemd.

Het Madrileense veilinghuis Ansorena had het schilderij, dat 111 bij 86 centimeter meet en nogal vuil zou zijn, toegeschreven aan de ‘kring van José de Ribera’, een Spaanse schilder die zo’n twintig jaar na Caravaggio werd geboren en als een bewonderaar van de Italiaan geldt. Op het doek valt Jezus te ontwaren met een doornenkroon op zijn hoofd en twee mannen om hem heen. Het is een afbeelding van de Bijbelse scène Ecce Homo (Zie de mens), waarin Pontius Pilatus de gemartelde Christus vóór diens kruisiging aan het Joodse volk toont.

In de kunstwereld blijken volgens de Spaanse krant El País al een tijdje geruchten rond te zijn gegaan dat het doek mogelijk een Caravaggio zou zijn. Experts en kunsthandelaars zijn in aanloop van de veiling naar Madrid gereisd om het werk te bestuderen. Een Britse kunsthandel zou bereid zijn geweest om maximaal 23 miljoen euro te bieden.

Enkele erkende Caravaggio-deskundigen zien er een echt werk in, dat aan het begin van de 17de eeuw in Napels moet zijn gemaakt. De Italiaanse stad stond toen onder het bewind van Spanje. Er zijn ook experts die niet de hand van de Italiaan in het schilderij kunnen ontdekken – de kunstwereld is vaak verdeeld als het om toeschrijvingen gaat.

Een Spaanse onderzoeker beweert het schilderij zo’n tien jaar geleden te hebben gezien in een huis in Madrid, waar twee zussen van in de 60 woonden. Zij wilden weten wie het schilderij, een erfstuk, had gemaakt. De onderzoeker kon hen echter weinig informatie verschaffen.

Vijf jaar geleden werd op een zolder in het Franse Toulouse ook een schilderij ontdekt dat door Caravaggio zou zijn gemaakt. Het doek, getiteld Judith en Holofernes, zou naar schatting 120 tot 150 miljoen euro kunnen opbrengen als de topexperts het eens zouden zijn met een toeschrijving aan de Italiaan. Er was evenwel veel twijfel over de echtheid van het doek. Frankrijk legde een tijdelijk exportverbod op, maar besloot het na een langdurig onderzoek niet te kopen. Het schilderij zou in 2019 worden geveild, maar werd twee dagen eerder onderhands verkocht, vermoedelijk voor een veel lager bedrag. De koper zou een Amerikaan zijn geweest.

Meer over