interviewRhiannon Giddens

‘Verbijsterend hoe de zwarte oorsprong van banjomuziek uit de geschiedenisboeken lijkt geschrapt’

Tijdens de lockdown nam folkmuzikant Rhiannon Giddens nieuw werk op over heimwee, ziekte en dood. De Volkskrant sprak haar over de troost van oude muziektradities en de banjo: ‘Noem het gerust een obsessie.’

Muzikant Rhiannon Giddens Beeld Ebru Yildiz
Muzikant Rhiannon GiddensBeeld Ebru Yildiz

Tussen Rhiannon Giddens (44) en de banjo was het liefde op het eerste gezicht. Muziek was toch al echt haar ding toen ze in de jaren tachtig opgroeide als kind uit een gemengd huwelijk in Greensboro, North Carolina. Ze had een fraaie sopraan die ze graag liet horen en raakte al vroeg gefascineerd door muziekgeschiedenis. ‘Wat wil je, als kind van de Appalachen. Daar kwam de folk en country vandaan, zo is me altijd verteld. Daar moest ik meer van weten.’

Giddens maakte er dus studie van, bracht veel tijd door in de lokale bieb en begon te luisteren naar oude folk- en stringband-muziek. Vooral de instrumenten waarop de zangers zichzelf begeleidden boeiden haar. Een mooier geluid dan dat van de banjo kende ze eigenlijk niet, bovendien kleurde het geluid ook nog eens erg goed bij haar eigen stem.

‘Er is geen beter instrument dan de banjo om weemoed te verklanken’, zegt Giddens aan de telefoon vanuit het Ierse Limerick, waar ze al een jaar of vijf woont met haar tweede man Francesco Turrisi en hun beider kinderen. ‘Al ben ik de laatste tijd ook verslingerd geraakt aan de altviool. Ook al zo’n droevig instrument. En precies wat we nodig hadden voor de liedjes die ik op ons album They’re Calling Me Home wilde zingen.’

Het is het tweede album dat Giddens maakte met Turrisi, een Italiaanse multi-instrumentalist die net als Giddens gefascineerd is door traditionele volksmuziek. ‘Begin 2020 zagen we ons door de pandemie gedwongen onze wereldtournee te onderbreken en kwamen we thuis in een Ierland dat stevig in lockdown ging. We deden vanuit huis weleens livestreams en daarvoor verzamelden we liedjes. Traditionals, en liedjes van onszelf.’

Ze gingen over heimwee, mensen die niet naar huis kunnen en gescheiden moeten leven van hun geliefde, over ziekte en dood. ‘Over datgene waar iedereen mee te maken had in die maanden. Toen we genoeg materiaal hadden, zei ik: waarom maken we er geen album van?’

They’re Calling Me Home is een mooi, troostrijk geheel geworden, waarop naast Giddens’ prachtige heldere stem vooral banjo, altviool, accordeon en cello klinken. ‘Herfstige klanken, ja, die passen bij het thema.’

Opvallend is het geluid van de wat donkere minstrel banjo in de traditional I Shall Not Be Moved. ‘Die minstrel banjo heeft een aparte plek in mijn leven gekregen, noem het gerust een obsessie’, zegt Giddens. ‘De geschiedenis van dat instrument heeft me echt verbijsterd. Of liever gezegd, hoe die geschiedenis uit de boeken is verdwenen.’

Kort gezegd: over de banjo wordt gezegd dat die vooral werd bespeeld door witte folkmuzikanten. Maar het instrument heeft een Afro-Caribische oorsprong en de oudste variant, de minstrel banjo, werd door zwarte muzikanten geïntroduceerd. Toen die eind 19de eeuw van het platteland naar de steden trokken, lieten ze hun instrumenten vaak achter. Het maken van geluidsopnamen was technisch pas mogelijk vanaf begin vorige eeuw, dus er is niks van de zwarte banjospelers uit die tijd bewaard gebleven.

‘Maar er zijn interessante studies over verschenen. In 2005 bezocht ik bij ons in North Carolina de Black Banjo Gathering (een conferentie georganiseerd door de universiteit van Boone, red.). Daar werd ik definitief verlost van het idee dat witte muzikanten vooral fiddle folk maakten met viool en banjo, en zwarte muzikanten uitsluitend droevige blues en gospel. Het ging toen al zoals het later nog vaak zou gaan: zwarte muzikanten ontwikkelden of ontdekten een instrument, of vernieuwden een muziekstijl, werden er populair mee in hun eigen gemeenschap, en vervolgens kwamen de witte mannen die er goeie sier mee gingen maken.’

Giddens heeft zich nooit als activist willen profileren, maar speelde wel in twee voor de emancipatie van zwarte folk belangrijke bands. Met het trio Carolina Chocolate Drops kreeg ze een Grammy voor het album Genuine Negro Jig (2010) en in 2019 nam ze met drie andere vrouwelijke muzikanten van kleur het album Songs of Our Native Daughters op, waarop verhalen uit de Afrikaanse en Caribische slavernijgeschiedenis muzikaal tot leven kwamen.

Indrukwekkend museumbezoek

In 2019 maakte Rhiannon Giddens samen met drie andere banjospelende zangeressen van kleur het album Songs of Our Native Daughters. Aanleiding was een bezoek van Giddens aan het Smithsonian National Museum of African American History and Culture in Washington. Daar stuitte ze op liedjes, verhalen en voorwerpen uit de geschiedenis van zwarte, tot slaaf gemaakte vrouwen. Juist de stem van de zwarte vrouw werd volgens haar te weinig gehoord in de liedjes die uit de slavernijtijd zijn overgeleverd. Het museumbezoek zette haar aan tot het verzamelen, bewerken en vertolken van hun verhalen.

‘Folk-, fiddle- en countrymuziek hebben een basis die veel meer in de zwarte muziek is geworteld dan altijd is aangenomen. De suggestie die nog altijd wordt gewekt, is dat folk een louter witte muziektraditie was die zich vanaf de Britse eilanden naar de Amerikaanse bergen heeft verplaatst. Dat is onzin. Vergeten, of gewist, is dat er in de 19de eeuw een grote zwarte migratiegolf uit het agrarische zuiden naar het stedelijke noorden op gang kwam. Daar hoorde een muziektraditie bij, die zich mengde met de witte folkliedjes. Alleen bestaan daar geen opnamen van. ‘Onbegrijpelijk, dat het allemaal uit de boeken geschrapt lijkt, maar als je goed zoekt, vind je de verhalen en de liedjes nog wel.’

Hoe meer Giddens zich in de geschiedenis van de banjo verdiepte, hoe ouder het instrument werd dat haar voorkeur kreeg. ‘Mijn minstrel banjo is een replica van een banjo uit pakweg 1850. Vergeleken met een gewone banjo is de hals langer en fretloos.’

Het instrument staat centraal op haar album Freedom Highway (2017), maar lijkt op haar nieuwe werk toch een beetje verdrongen door de altviool. ‘Ja, ik heb tijdens de lockdown echt aardigheid gekregen in het spelen op de altviool. Francesco speelt zelf ook heel goed banjo, misschien wel beter dan ik, en toen we deze instrumenten samen hoorden komen, dachten we allebei: wow, dit is het.’

En ze heeft het nieuwe repertoire al kunnen instuderen, want het duo is net terug van een Amerikaanse tournee. ‘Dat was een vreemde ervaring. Eindelijk weer terug in mijn geboorteland en zelfs in de streek waar ik ben opgegroeid. Het was heerlijk om iedereen weer te zien, de meesten gelukkig in goede gezondheid, maar de Verenigde Staten zijn echt veranderd. Ik voelde me ineens een soort buitenstaander. Was ik nu zo veranderd of was mijn land dat?’

Dat de Staten niet zo Verenigd waren als zou moeten, was volgens Rhiannon al zo voordat zij zich in Europa vestigde. ‘Er was altijd al een groot verschil tussen New York en North Carolina, of tussen Californië en Mississippi. De ene staat is wat liberaler, de andere wat geloviger. Maar wat we op tournee ondervonden, was echt nieuw voor ons. In de ene staat droeg iedereen een mondkapje, in de andere werd je vreemd aangekeken en zelfs uitgelachen als je daarmee rondliep. Ik voelde me lang niet overal even prettig, laat staan dat ik me thuis voelde, en dat gevoel van ontheemd zijn was echt nieuw.’

Maar wellicht was het wel toepasselijk voor het repertoire dat ze nu met haar man speelt? ‘Ja, de plaat gaat daarover. Maar ik merk dat ik nu eerder heimwee krijg naar Ierland dan naar Amerika. Daar zijn natuurlijk ook weer heel veel liedjes over geschreven. Waar ik me ook eens in wil gaan verdiepen.’

Boekentip

Rhiannon Giddens tipt een boek voor de banjoliefhebbers: ‘Cruciaal voor mijn muzikale wereldbeeld was het boek African Banjo Echoes in Appalachia van Cecilia Conway (1995). Toen begreep ik voor het eerst dat er een deel van de zwarte muziekgeschiedenis lijkt uitgewist uit de geschiedschrijving.’

Rhiannon Giddens with Francesco Turrisi: They’re Calling me Home

Het album They’re Calling Me Home verscheen in 2021. De concerten die Rhiannon Giddens en Francesco Turrisi op 23 en 24 oktober in Utrecht en Rotterdam zouden geven zijn wegens ziekte afgelast.

Meer over