Utrecht wil juweeltjes binnenstad niet langer verbergen

'Utrecht houdt zijn kunstschatten verborgen. Veel gebouwen zijn naar binnen gericht, zoals dit hier.' Els Leicher wijst naar een huis met vuile ramen aan de Lange Nieuwstraat....

Wijkmanager Els Leicher van de gemeente Utrecht is nauw betrokken bij de plannen om de 'verborgen juweeltjes' van de Utrechtse binnenstad te onthullen. Het project Museumkwartier moet duidelijk maken hoeveel schoons in het oude stadscentrum te vinden is.

Het centrum van de stad wordt heringericht. Straten worden opgeknapt, huizen en werven gerenoveerd, musea verbouwd en uitgebreid, parkjes verrijzen waar nu nog parkeerplaatsen zijn, binnentuinen worden toegankelijker gemaakt. Dat alles met als doel meer mensen naar het gebied te lokken.

Het Museumkwartier strekt zich uit van de Domtoren in het noorden tot het Centraal Museum in het zuiden en wordt in het westen en het oosten omringd door de Singels.

De buurt dankt zijn nieuwe naam aan de zes grote musea die er gevestigd zijn, waaronder het Centraal Museum, het Museum van Speelklok tot Pierement, het Catharijneconvent en het nieuwe Universiteitsmuseum van architect Koen van Velsen.

Wie nu door de smalle steegjes rond de Oude Gracht wandelt, leert dat dit deel van de stad alleen al vijftien kerken kent en tientallen binnentuinen en hofjes die vanaf de straat niet zichtbaar zijn. Als je door de drukke Lange Nieuwstraat loopt, doet de hoge buitenmuur van het Catharijneconvent niet vermoeden dat daarachter een volbegroeide binnenplaats is. Om daar te komen, is het zoeken geblazen.

Onderdeel van het plan is het openstellen van een tweede ingang aan de Lange Nieuwstraat, eind dit jaar. Zo kun je van de tuin genieten zonder toegang voor het museum te betalen, zoals voorheen het geval was.

Het project moet in juni 2000 klaar zijn. Het doel is het toerisme en de economische bedrijvigheid in het zuidelijke deel van de oude binnenstad te stimuleren. Voor het plan ontving Utrecht in 1995 van de Europese Commissie een subsidie van zes miljoen gulden.

Het groene en gesloten karakter van Utrecht stamt uit de Middeleeuwen, toen de stad door kanunniken werd bewoond. In die tijd werden de vier grote kerken rond de Dom gebouwd, die samen het zogenoemde kerkenkruis vormen.

De geestelijken woonden in afgesloten gebieden bij de kerk, de immuniteiten, waarvan de vele stadstuinen overblijfsels zijn. Het nieuwe wooncomplex achter de Mariaplaats van architect Bob van Reeth, dat genomineerd is voor de Rietveld-publieksprijs, heeft dezelfde gesloten structuur als de immuniteiten.

De plannen voor behoud en verfraaiing van de binnenstad werden noodgedwongen geboren, toen de oude werfkelders in de jaren tachtig door slecht onderhoud bezweken onder het zware verkeer. Veel van de grachtenpanden en werven zijn gerenoveerd en intussen is het plan-Museumkwartier uitgegroeid tot een grootschalige operatie.

De nieuwbouw van het Centraal Museum is bijna klaar. Half oktober opent het museum na ruim een jaar zijn deuren. Ook het Duitse Huis gaat binnenkort open. Dit voormalig militair hospitaal is gerestaureerd en omgebouwd tot het vijfsterrenhotel Grand Hotel Karel V.

Het grijze asfalt van de Lange Nieuwstraat zal vervangen worden door sfeervolle klinkers en waar nu nog tientonners en bussen rijden, komen brede stoepen. 'Het moet een straat met kleine galeries en ambachtelijke boetieken worden', zegt Els Leicher, 'zoals het hoedenatelier en de winkel waar maatkleding wordt gemaakt.'

Of het genoeg is om bezoekers die normaal gesproken in Hoog Catharijne blijven hangen naar de historische stad te lokken, blijft de vraag. Bovendien, té druk moet het ook niet worden, vindt Leicher: 'Utrecht is behoudend. Niemand in de binnenstad zit te wachten op hordes patat-etende toeristen in de achtertuin.'

Meer over