Uitblinkend boek om te lezen bij de haard

Dikkeboekenschrijver blinkt ook uit in het kleine.

Schrijver Karl Ove Knausgård.Beeld epa

'Onze wereld laten zien, zoals ze nu is', dat wil Karl Ove Knausgård met zijn non-fictiereeks De vier seizoenen, een verzameling vignetten over alledaagse onderwerpen die hij schrijft aan zijn jongste dochter Anne. Alleen door haar de wereld te laten zien, krijgt hij er zelf oog voor, meent hij.

In het eerste deel, Herfst, bleek het materiële steeds een ingang voor een dieper inzicht in het leven, in het mens-zijn. In die zin week de schrijver af van wat hij verkondigde, want hij toonde niet alleen de wereld, maar interpreteerde haar ook - een inconsistentie die overigens beeldschone teksten opleverde, die de dingen voorgoed een ander aanzien gaf.

Winter

Non-fictie
Karl Ove Knausgård
Vertaald uit het Noors door Marin Mars.
De Geus; 320 pagina's; 19.99 euro.

Nu is deel twee verschenen, Winter, het seizoen waarin Anne een maand te vroeg ter wereld komt. Opnieuw blijkt dat de auteur van de megalomane, duizenden pagina's beslaande serie Mijn strijd ook uitblinkt in het kleine, in de impressie. De toon is nu melancholischer, nostalgischer. De dood is meer aanwezig, de schrijver komt er steeds op uit, of hij nu over verjaardagen of over uilen schrijft. Het boek is daarmee ook echt winters - wie een haard heeft, leze dit bij het vuur.

Winter is eigenlijk nog beter dan Herfst, misschien omdat de lol in het beschrijven van de meest banale voorwerpen er nu een beetje af is. Knausgård kiest vaker voor grote thema's, 'De ik', seksuele begeerte, levensgevoel. De tandenborstels en wattenstaafjes zijn nog aanwezig, maar hij komt sneller aan bij waar het hem om te doen is.

De abstraheringen van het dagelijkse hebben iets aantrekkelijks. De melancholie is niet allesoverheersend, het is er gewoon, zoals de winter ook bij het leven hoort. De sombere Noor heeft meer vrede met de duisternis dan vroeger, lijkt het wel.

Meer over