Mode

Twintig uur werken aan één Hermès-tas: zo wordt de kostbare Kelly bag gemaakt

null Beeld Maroquinerie de Guyenne ©François Coquerel
Beeld Maroquinerie de Guyenne ©François Coquerel

Het zijn statussymbolen bij uitstek: de tassen van het Franse huis Hermès. Wat maakt ze zo gewild en waarom zijn ze zo duur? V nam poolshoogte in de kraamkamer van de Kelly bags.

Cécile Narinx

Drie kwartier rijden is het, vanaf Bordeaux, pal aan het niksige meertje van Saint-Vincent-de-Paul. Daar heeft het Franse huis Hermès een nieuw atelier ingericht in een door architect Patrick Arotcharen ontworpen gebouw: 140 meter lang, met maar één verdieping en volledig uit beton, hout en glas opgetrokken. Met tientallen werkplekken die baden in het noorderlicht – ideaal om precisiewerk bij uit te voeren.

Of we daar eens wilden komen kijken, had de pr-dame van Hermès gevraagd. Om te zien hoe dat precisiewerk er van dichtbij uitziet. En om te horen hoe het Franse huis de werkgelegenheid in die nogal verlaten streek weer opkrikt. De uitnodiging kwam zo rond de tijd dat Hermès haar kwartaalcijfers bekend maakte. Intrigerende want ronkende cijfers: in de eerste negen maanden van 2021 steeg de verkoop met 60 procent ten opzichte van vorig jaar (en 43 procent ten opzichte van het pre-pandemische 2019). De verkoop over het hele jaar zal naar verwachting de 9 miljard euro overschrijden. Conclusie: Hermès toont cijfers alsof corona maar een speldenprik is. Genoeg reden om eens te gaan kijken in die splinternieuwe ‘Maroquinerie de Guyenne’, zoals het atelier officieel heet.

Kort geschiedenislesje over de deftige term maroquinerie: hij is verwant aan het Nederlandse marokijn, Marokkaans geitenleer waarvan al in de 17de eeuw boekomslagen en portefeuilles werden gemaakt. Niet dat alleen Marokkaanse geiten via de maroquinerie na hun dood een tweede leven als tas of koffer hebben gekregen. Het aantal diersoorten dat eindigt als lederwaar is sinds de 17de eeuw flink uitgebreid. Behalve de huiden van Europese geiten en runderen gebruiken luxehuizen als Hermès voor een deel van hun tassen exotische leersoorten als krokodil, struisvogel en hagedis: geen restproducten van de vleesindustrie, maar dieren die worden gekweekt omwille van hun huid.

Een Hermestas van krokedillenleer Beeld Sotheby's
Een Hermestas van krokedillenleerBeeld Sotheby's

Op de wachtlijst

Dierenrechtenorganisaties als Peta (People for the Ethical Treatment of Animals) doen er alles aan om dat te stoppen. Aan de ronkende verkoopcijfers te zien hebben hun protesten desalniettemin weinig effect op de aantrekkingskracht van Hermès-lederwaren. Met name in het Midden- en Verre Oosten, en onder modeminnende beroemdheden als Kylie Jenner en Victoria Beckham zijn juist Kelly en Birkin bags, uitgevoerd in krokodillen- en struisvogelleer, de heilige graal onder de statussymbolen. Omdat ze pas worden gemaakt als de bestelling is geplaatst, de gewenste exotische huid is gevonden en in de gevraagde kleur geverfd. En daarvoor moeten liefhebbers – hoe puissant rijk ook – op een wachtlijst.

Om een ‘gewone’ Hermès-tas te kunnen aanschaffen hoef je geen miljonair met oeverloos geduld te zijn, wel een stevige spaarder of een geluksvogel met een winnend lot of een erfenisje. De minst kostbare Hermès-tas van canvas en leer kost dik 3.000 euro, voor een leren Kelly bag is het instapbedrag 7.000 euro. Zeker, dat is prijzig, maar de koper betaalt daarmee niet alleen voor de merknaam en het materiaal, maar ook voor het vakmanschap en de vele arbeidsuren die erin gaan zitten – zo benadrukt Hermès steeds weer, vandaar natuurlijk ook die uitnodiging.

Het is geen sinecure om Kelly- en Birkin bags te maken, dat wordt inderdaad duidelijk als we in het atelier, gescand en bemondkapt, de medewerkers op de handen mogen kijken. Veelal vrouwen zijn het (veertig, tegen zeven mannen), die huiden kunnen ‘lezen’ door ze te bevoelen en van dichtbij te bestuderen – een beetje zoals je bij de groenteafdeling tomaten of avocado’s checkt. De uitgekozen vellen worden vervolgens met grote aandacht gesneden en daarna geprepareerd voor het stikken, door de uiteinden wat platter te persen zodat de naald er makkelijker doorheen gaat. Dat stikken is eigenlijk nog het wonderlijkst om te zien: met twee handen tegelijk laten de handwerkers de zadelsteek los op de tassen, terwijl een manshoge houten pincet met stukken leer erin tussen de dijen wordt geklemd. Een hele riedel handelingen kortom, met de grootst mogelijke zorg uitgevoerd. Het duurt 15 tot 20 uur eer een maker de 36 stukken leer en de metalen onderdelen van een Kelly bag heeft genaaid, gelijmd, gepolijst en gemonteerd.

Hoogwaardige klassieker

Dat is enerzijds tergend traag, ongelooflijk ingewikkeld en ontzettend ouderwets. Maar het is tegelijkertijd toch ook van nu. Omdat het gaat om handwerk, dat in de perioden van lockdowns alleen maar aan populariteit heeft gewonnen. En omdat deze tassen niet snel sleets of ouderwets worden, maar tijdloze, hoogwaardige klassiekers zijn gebleken. Een Hermès-tas die met zorg wordt onderhouden, kan makkelijk drie generaties mee. En wordt vaak zelfs duurder naarmate-ie langer is gebruikt: vintage Hermès-tassen gaan bij veilinghuizen voor grof geld weg, zoals een gebruikte ‘Himalaya Birkin’ voor ruim 300 duizend euro.

Daarbij zijn de handwerkateliers een schoolvoorbeeld van duurzaam en lokaal produceren – en dat is tegenwoordig weer helemaal in. Tuurlijk, tijdens de eerste lange lockdown moesten de ateliers dicht en sloten alle 306 winkels in de 45 landen waar het merk gevestigd is. Maar de productie had niet te lijden onder importblokkades. En in de maanden waarin het weer kon, trok de rijke, crisisongevoelige klant zijn handgemaakte portemonnee maar al te graag voor nog meer maroquinerie.

Hoe is dat te verklaren, de niet aflatende zucht naar de exclusieve, dure spullen van Hermès? Is hun succes te danken aan de eigenwijze ouderwetsigheid van het familiebedrijf? Niet helemaal: hoe historisch de handwerktechnieken ook zijn, als bedrijf gaat Hermès, zo blijkt, wel degelijk met z’n tijd mee. Vorig jaar lanceerde het huis een beautylijn, waarmee de luxepiramide een steviger basis kreeg en de drempel om een Hermès-product aan te schaffen een stuk lager werd. Wie geen Birkin of Kelly kan kopen kan zich toch een wereldster wanen met een luxe flesje nagellak van 45 euro. Ook slim in tijden van lockdown: dit jaar werden er – voorheen ondenkbaar – influencers ingezet om lipstick en nagellak te promoten. Tot slot werd er bij de Oscaruitreiking voor het eerst in de historie van het huis een celebrity aangekleed: regisseur Chloé Zhao die twee prijzen won voor Nomadland.

null Beeld Maroquinerie de Guyenne
Beeld Maroquinerie de Guyenne

Kunstleer van zwamvlokken

Ook wat inhoudelijke diepgang betreft, heeft Hermès tijdig en slim weten te schakelen. Actuele thema’s als sustainability en responsibility staan tegenwoordig hoog op de agenda. Zo laat Hermès met lichte trots weten dat het als eerste grote lederwarenhuis experimenteert met kunstleer gemaakt van zwamvlokken. Daarnaast worden restmaterialen tegenwoordig niet weggegooid maar gebruikt om er ludieke items voor de lijn ‘Petit H’ van te maken.

In het kader van sociale verantwoordelijkheid heeft het huis een atelier in het Zuid-Franse Sorède geopend waar mensen met een verstandelijke beperking paardrij-accessoires maken. De opening van een atelier in het gehucht Montbron in Nouvelle-Aquitaine voorkwam dat het dorp leegliep, waardoor de lagere school open kon blijven. Ook in Guyenne moet het nieuwe atelier werkgelegenheid creëren voor de plaatselijke bevolking.

Hier in Guyenne verloopt de productie uiterst beschaafd. Een hamerklopje hier, een prikje door boterzacht leer daar: meer geluiden maakt het fabriceren van tassen niet. Negentien leerateliers heeft Hermès nu in Frankrijk en er staan er nog drie op de planning voor de nabije toekomst: in Tournes, Louviers en Riom. Ook daar zullen ze mensen recruteren die geen baan meer hebben maar wel een zekere behendigheid. Of zoals ze dat bij Hermès op z’n Frans noemen: dextérité. ‘De vingervlugheid die van een werknemer een ambachtsman maakt.’ Laat het maar aan Hermès over om bij die ronkende cijfers een ronkend verhaal te houden.

Triomf van vakmanschap

Voor nuchtere Nederlanders is dat misschien een verdacht verhaal, een Frans niet geheel diervriendelijk bedrijf dat rijk, rijker, rijkst wordt door de verkoop van peperdure tassen aan oosterse prinsessen, voetbalvrouwen en andere mensen met geld als water. Voor Fransen is het een triomf van kwaliteit en vakmanschap. En van lokaal produceren en gewone Fransen opleiden tot buitengewone vaklui. In elf jaar tijd zijn er negen nieuwe ateliers geopend in Frankrijk. Met het aantal mensen dat daarvoor is opgeleid in de maroquinerie komt het totale aantal artisans op meer dan vierduizend. Sinds september is het certificaat dat ze krijgen na afronden van de achttien maanden durende training aan de École Hermès des savoir-faire een officieel door de overheid erkend diploma.

Hoeveel de ambachtslieden verdienen, vroeg een Zwitserse journalist nog tijdens de rondleiding. ‘Een mooi maar confidentieel salaris’, was het handige antwoord, waarbij de aanwezigen zelf mochten invullen dat het hoe dan ook geen salaris zal zijn om een verzameling Kelly bags mee aan te leggen. Maar misschien is dat wel het láátste wat je ambieert als je dag in dag uit de heilige graal der damestassen in handen hebt.

Krokodillentranen

Bij dierenrechtenorganisatie Peta ging de vlag uit toen Chanel drie jaar geleden zei te stoppen met exotisch leer. Het bleek onmogelijk om te garanderen dat de huiden ethisch werden gewonnen. De handel in krokodillen-, pijlstaartrog- en struisvogelhuiden is schimmig: zelfs de farms die door de merken zelf worden gefinancierd blijken moeilijk te controleren. Vandaar dat ook Kering, moederbedrijf van onder meer Gucci en Balenciaga in september aankondigde te stoppen met bont en exotisch leer. Slim in een tijd waarin met name klanten in de millennial- en GenZ-leeftijd zich steeds meer afkeren van dieronvriendelijke producten.

Lvmh (met onder meer Louis Vuitton en Dior in de portfolio) en Hermès zijn nog niet zover. Het Australische Farm Transparency Project bracht eind augustus videobeelden naar buiten waarin krokodillen in farms die aan Hermès leveren werden mishandeld. In september betoogden Peta-aanhangers met bebloede tassen voor Hermès-winkels in Europa en Amerika. De bijbehorende hashtag: #DropCroc.

De historie van het huis Hermès

Het huis Hermès begint in 1837, als paardentuigmaker Thierry Hermès een workshop opent in Parijs waar hij hoge ogen gooit met zijn zadelsteek. Zoon Charles-Émile Hermès verkast de zaak in 1880 naar de Rue Faubourg Saint-Honoré, waar het bedrijf vandaag de dag nog steeds zit. Onder leiding van Charles-Émile’s zoon Émile brengt het huis in 1925 zijn eerste kledingstuk uit: een golfjasje. In 1937 volgt de eerste zijden sjaal, in 1949 zijden stropdassen en in 1951 het eerste parfum. In datzelfde jaar draagt Émile de scepter over aan zijn drie schoonzoons. Een van hen, Robert Dumas, creëert de tas die in 1956 aan de arm van Grace Kelly wordt gefotografeerd en als ‘Kelly bag’ een wereldhit wordt. Roberts zoon Jean-Louis Dumas treft in 1984 actrice Jane Birkin in een vliegtuig en creëert voor haar de bijna even iconische Birkin bag. Vandaag de dag is Jean-Louis’ zoon Pierre Alexis Dumas creatief directeur, en zijn neef Axel Dumas de CEO. Het familiebedrijf maakt behalve lederwaren onder meer kleding, sjaals, parfums, horloges, make-up en huisraad.

Blauwe jasmijn, gele Birkin

Hij staat niet op de aftiteling, maar een van de hoofdrollen in Woody Allens film Blue Jasmine is voor de gele Birkin bag die de door Cate Blanchett gespeelde Jeanette ‘Jasmine’ Francis altijd bij zich heeft: de enige tas die ze nog heeft uit haar vorige, superluxe leven en die ze vastklampt alsof het een reddingsboei is.