Tussen Dommel en Mississippi

J.W. Roy (30) en The Watchman (Ad van Meurs, 46) hebben veel gemeen. Ze komen uit Noord-Brabant en zingen vaak over hoogstpersoonlijke dingen....

The Watchman: 'Op de middelbare school schreef ik gedichten en dagboeken, in het Nederlands. Maar zodra ik een gitaar had werd het Engels. Muziek was een middel om te ontsnappen aan de kleinburgerlijkheid van het dorpse bestaan. Rock 'n' roll was grensoverschrijdend, een manier om geen deel uit te maken van het hier en nu. In luchtvaart, wetenschap en popmuziek is de voertaal Engels.'

J.W. Roy: 'Ik had daar nog nooit zo bij stilgestaan. De muziek die ik mooi vind, zoals die van Guy Clark en John Hiatt, is nu eenmaal Engelstalig. Het gaat me meer om de klanken en de melancholie dan om de teksten. Met dat zeurderige van een woord als yearning heb je al een halve zin gewonnen. Toch merk ik dat het Engels me soms belemmert om exact te zijn. Ik voel me er soms door beperkt.'

The Watchman: 'Dat word je je vooral bewust als je in Amerika optreedt. De eerste keer was een schok, ik had het zweet in m'n nek. Daar ben ik een vertolker van hun gedachtengoed, ze snappen wat ik zing. Daar schrijf ik ook makkelijker. Dan kloppen de beelden bij de woorden. I go from Memphis down to Nashville - dat spreekt daar vanzelf.'

J.W. Roy: 'Het verlangen om erbij te horen speelt een rol. Door de liedjes wist ik hoe Amerika was, lang voordat ik erheen ging. Het publiek daar reageert meteen als de Colorado River of Austin in een tekst wordt genoemd. Je hebt veel meer contact. Hier missen ze de woorden, daar baal ik wel van.'

The Watchman: 'Soms is dat wel jammer, ja. Wij willen wat melden met onze teksten. Maar het is ook rock 'n' roll, het gaat om de energy. Ik ben opgegroeid met Lead Belly en Lonny Donegan. Die zong Take a whiff on me. We wisten helemaal niet wat een whiff was. Nog steeds niet trouwens. Woorden zijn een vehikel voor het gevoel. En dat het niet altijd klopt, maakt niks uit. Wie zal Bob Marley bekritiseren omdat hij steenkolenengels zingt? Als wij rare beeldspraak gebruiken, vinden buitenlanders dat juist exotisch.'

J.W. Roy: 'Van jou heb ik geleerd het Nederlands direct in Engels om te zetten. Een Amerikaanse dame controleert mijn teksten, maar soms laat ik met opzet een soort Neder-Engels staan. Zoiets als: I hope I don't run too fast and burn my fingers on your heart I hardly know. Niet dat ik echt trots ben op die zin, maar Amerikanen snappen hem wel. Terwijl het vertaald Nederlands is. I miss the boat, zal ik maar zeggen.'

The Watchman: 'Soms klinkt Nederlands vanzelf als Engels. Leun op mij van Ruth Jacott is een voorbeeldige gospel. Toch hoor je er steeds lean on me doorheen. Met het Engels ga ik naïever om, het geeft me een beetje afstand. Een liedje zoals Flight over Life, dat over mijn vader gaat, zou in het Nederlands klef worden.'

J.W. Roy: 'Daar komt de katholieke schaamte om de hoek kijken. Voor mij is het een kwestie van klank. Ik voel me zo verdomd alleen vind ik mooi. Maar I'm so lonesome I could cry is mooier. Dat looooonsuhm, dat doet het. Of neem die hit van Blf, die begint met Jouw buien maken vlekken op mijn hagelwit humeur. Dat vind ik echt een bijzondere zin. Zelf schreef ik My shirt all wet from the tears you cried. Dat past beter bij mij.'

Watchman: 'Maar ik ben een verteller, en jij bent een klankenzanger.'

J.W. Roy: 'Ik begin op het podium vaak met het achter elkaar zetten van zomaar Engelse klanken, en geleidelijk groeien daar dan woorden uit. Jammer dat ik geen gitaar bij me heb, dan zou ik hier zo een nieuw liedje maken. Dan hoor je use en rivers en birds en rains. Die ej-ej-ej erin maakt het mooi.

Watchman: 'Eigenlijk als een kind dat klanken ontdekt. Recht vooruit, ik hou daarvan.'

J.W. Roy: 'Ik zou niet in het Nederlands kunnen zingen, maar ik heb wel eens een Brabants liedje gemaakt, dat me goed bevalt. En de liedjes van Gerard van Maasakkers zing ik graag, maar dan met een countryjengel. Het gaat erom of het geloofwaardig is. Zie ik Marco Borsato in een coltrui onder een waterval staan, dan haak ik af. Maar hoor ik hem, dan gaat de radio harder.'

Watchman: 'Frank zingt als een Fransoos, een chansonnier. Dat is een andere traditie, een andere droom. Zoals bij mijn droom nu eenmaal Engels hoort. Jack Poels van Rowwen Hèze zei wel eens: je moet niet over de Mississippi zingen als je van de Dommel komt. Maar voor mij betekent de Mississippi veel meer dan de Dommel. Juist in Amerika ervaar ik dat arcadische. Dat is mijn innerlijk landschap.'

J.W. Roy: 'Mijn oma vertelde me over de zandpaden vroeger in de buurt van Knegsel. Amerika is voor mij een reis terug naar die tijd.'

Meer over