Boekrecensie

Tim Parks loopt waar Garibaldi liep. De historische ervaring die hij zoekt, blijft een zeldzaamheid ★★★☆☆

De Britse schrijver Tim Parks treedt in de voetsporen van Garibaldi, die een grote rol speelde in de eenwording van Italië. Zijn perikelen zijn boeiend, de historische ervaring blijft zeldzaam.

null Beeld Typex
Beeld Typex

Giuseppe Garibaldi was een onnozelaar, een naïeveling, een vechtjas die zich liet leiden door zijn emoties. Ja, natuurlijk was hij belangrijk voor de eenwording van Italië in 1861 – het schiereiland bestond tot dat moment uit een lappendeken van kleine staatjes. Niet voor niets is in elke stad en elk dorp wel een straat of plein naar hem vernoemd.

Maar dat hij met zijn duizend roodhemden Sicilië, Calabrië en Napels wist te veroveren, was meer geluk dan wijsheid. Het ingenomen gebied droeg hij over aan Victor Emanuel II, die de eerste koning van het verenigde Italië werd. Garibaldi was vooral een handig instrument voor de échte makers van de eenwording. De juiste man op het juiste moment.

Althans, dat is het zuinige oordeel van veel historici. De Britse schrijver Tim Parks (1954) kan weinig sympathie opbrengen voor de ‘vriendelijke neerbuigendheid’ van deze ‘wijze wetenschappers’. Garibaldi mag dan wel vaak gemanipuleerd zijn, onnozel was hij niet, schrijft Parks in Het heldenpad, zijn nieuwe boek. ‘Hij was slim, goedgeorganiseerd, creatief. En hij mag dan geluk hebben gehad, wat hij ook toegaf, maar daar had hij voor gewerkt.’

Misschien wel het belangrijkste is dat Garibaldi bereid was zijn eigen (republikeinse) idealen opzij te zetten en zo nodig te sterven voor een hoger doel: eenheid ten koste van alles. En hij kreeg duizenden anderen zover om hetzelfde te doen. Zij slaagden in hun missie en Garibaldi kon het ook nog navertellen. Als dat geen held is!

Vlucht uit Rome

Parks woont al veertig jaar in Italië en schreef romans (De kunst van het moorden, Italian Life) en non-fictie (Italiaanse manieren, Italië op het spoor) over het land. In Het heldenpad treedt Parks in de voetsporen van zijn geliefde Garibaldi. Niet op de triomftocht in 1860, maar op zijn vlucht uit Rome, elf jaar eerder. Na een belegering van twee maanden hadden de Fransen de stad ingenomen. Garibaldi, die bevelhebber was aan Romeinse zijde, vluchtte met zijn zwangere vrouw Anita en vierduizend vrijwilligers naar het noorden. Een maand later bereikte hij Ravenna, na een tocht van 640 kilometer.

Parks verdiept zich in biografieën, verslagen van reisgenoten, de spaarzame notities van Garibaldi zelf. Met zijn partner Eleonora wandelt hij in juli 2019, bijna precies 170 jaar na Garibaldi, vanaf het Piazza San Giovanni in Laterano de stad uit.

Buitenwijken

Waren de garibaldini vrijwel meteen in de groene heuvels, Parks en zijn vriendin lopen eerst een dag langs autowegen, door lelijke buitenwijken en industriegebied. De hitte en de smog zijn moordend, de wandelapp blijkt niet zo betrouwbaar als gehoopt. Garibaldi is nergens te bekennen. ‘Er valt hier niets te voelen, tenzij hoe dwaas het was te denken dat er iets te voelen zou zijn’, schrijft Parks.

Het is heus boeiend om te lezen over de perikelen op hun tocht. En Parks heeft een scherp oog voor zijn omgeving; de wind verandert een oleanderhaag in een ‘paniekerige huivering van wit en roze’. Maar na de zoveelste zware klim, het zoveelste welverdiende terrasje, de zoveelste verbaasde gastvrouw (‘Jullie gaan toch niet lopen in die hitte?’) is de spanning er wel af.

De historische ervaring, waar het Parks vooral om te doen lijkt te zijn, blijft ook ver buiten Rome een zeldzaamheid. Steeds weer schuiven de lagen van de geschiedenis over elkaar. Een gedenkplaat voor Anita blijkt aangebracht door het fascistische regime, dat de herinnering aan de patriottische helden inzette voor eigen doelen. Elk willekeurig fresco in elke willekeurige kerk doet Parks aan Garibaldi denken, ook als die daar niets mee te maken heeft; voor andere verhalen is op deze reis geen ruimte in zijn hoofd.

Ontberingen

De historische passages weeft de schrijver soepel door zijn eigen verhaal, al zijn de overgangen soms wat knullig (‘wat zou Garibaldi gefotografeerd hebben, vraag ik me af’). Levendig beschrijft hij de ontberingen, de naderende vijand, Garibaldi’s gewiekste tactieken.

Parks citeert rijkelijk uit zijn bronnen, die elkaar dikwijls tegenspreken. Het is verleidelijk, realiseert hij zich, om de gunstigste lezing te kiezen, die het beeld van zijn held intact laat: ‘Misschien zijn de meest leerzame momenten voor elke schrijver van non-fictie de momenten waarop je een sterke weerzin voelt jegens het materiaal dat je hebt gevonden.’

Die vaststelling levert boeiende passages op, waarin Parks laat zien hoe hij worstelt met de feiten. Ontkenning is altijd aantrekkelijk, schrijft hij na een pijnlijke episode in Toscane. Garibaldi had verwacht dat de inwoners van Arezzo wel aan zijn kant zouden staan. Niet dus. ‘Hij was slecht geïnformeerd. Hij had gegokt en verloren’, geeft de schrijver toe. Meteen volgt de relativering: ‘Anderzijds ligt er voor iedereen met ambitie en optimisme teleurstelling op de loer. De Generaal was eraan gewend.’

Is Parks zijn hoofdpersoon al te gunstig gezind? Misschien. Eén ding is zeker: Garibaldi is zijn aantrekkingskracht nog steeds niet verloren.

null Beeld uitgever
Beeld uitgever

Tim Parks: Het heldenpad – Te voet met Garibaldi van Rome naar Ravenna. Uit het Engels vertaald door Corine Kisling. De Arbeiderspers; 456 pagina’s; € 26,99.