Tegenover de verstilling en leegte in Souls, staan het geweld en de drukte

Sterk en effectief contrast tussen wat je ziet en hoort.

Souls van Olivier Dubois in Festival De Keuze. Beeld Hubert van Maele
Souls van Olivier Dubois in Festival De Keuze.Beeld Hubert van Maele

Wat een verademing: eindelijk eens geen bezeten dans in een kleurrijke entourage door een choreograaf van buiten Afrika die werkt met dansers uit Afrika. Nee, Olivier Dubois, artistiek leider van Ballet du Nord in Roubaix, kleedt zijn zes mannen uit Congo, Egypte, Ivoorkust, Marokko, Senegal en Zuid-Afrika in universele, saaie spijkerbroek met T-shirt en laat ze vooral heel traag bewegen.

Van het tegendraadse kind van de Franse dans, dat vorig seizoen nog verraste met een choreografie in bijna donker, had je ook eigenlijk niet anders verwacht; bij hem geen clichés, hooguit om ze te bevragen.

Toch gaat Souls over Afrika, alleen al door de lichamen van de dansers die hun herkomst zichtbaar met zich meedragen. Het podium is bedekt met okergeel zand. In dit vermeende woestijnzand kruipt de choreografie voort. De stroperigheid staat symbool voor het leven dat gestaag voortgaat richting de dood. Het leven als dodendans. Maar je kunt er ook de ontbering van het Afrikaanse continent in lezen, met zijn droogte, trage vooruitgang, fysiek zware arbeid. Een wereld ook waar de geesten van overleden voorouders vaak nog sluimerend aanwezig zijn.

De mannen beginnen doodstil liggend op de grond en eindigen doodstil liggend op de grond. In het uur daartussen rollen ze zachtjes naar elkaar toe en richten zich in duo's en trio's geleidelijk op. Ze lopen rondjes in een strak georkestreerde kluwen, die als een caleidoscopisch plaatje in- en uitdijt. Bloedmooi en ontroerend wordt het wanneer de mannen elkaar in allerlei varianten op de schouders dragen, daarbij ogend als een zak meel of een zieke broeder. Beide kostbaar bezit en zorg waard. De dood doemt even op wanneer de lichamen van de schouders glijden en in een paar sterke armen komen te rusten als in een piëta.

De enige uitbarsting van energie is een 'waterballet', waarbij de mannen alle kanten op springen en duiken en de fijnkorrelige grond als vuurwerk door de lucht zwiept. Het is een soort laatste adem, want hierna schuiven vijf van hen het zand tot een lage grafwal en legt nummer zes de anderen vervolgens keurig netjes neer.

Wat Souls naar een nog hoger plan tilt, is het consequent volgehouden contrast tussen beeld en geluid: tegenover de verstilling en leegte in wat je ziet, staan het geweld en de drukte in wat je hoort.

Een waanzinnige elektronische compositie dendert over je heen. Het is een onbestemd, maar toch allesoverheersend klankdecor. Pas als dat even vertraagt, hoor je tot je grote verrassing dat getrommel een van de bouwstenen is. Een puur geluid dat het volgende moment ook weer wegsterft, als een herinnering aan een ver verleden.

Dubois gebruikt niet veel in een voorstelling, maar wat hij gebruikt, gebruikt hij ten volste en superslim.

Festival De Keuze: Souls van Olivier Dubois, muziek François Caffenne, 22/9, Rotterdamse Schouwburg

Meer over