Taalgebruik

Taalgebruik! – Lezerspost: gaat New York echt dicht als cannabis wordt gelegaliseerd?

Volkskrantlezers vinden veel. En misschien wel het meest vinden ze iets van ons taalgebruik. Terecht? Als het om dichtbij en dicht bij gaat, is de verwarring begrijpelijk.

‘New York dicht bij legaliseren van cannabisgebruik’, luidde maandag de kop boven een berichtje op pagina 9.

Het zorgde bij Marie Boschman in eerste instantie voor verwarring: ‘Fracties van een seconde zag ik New York voor me in totale lockdown, met op alle straathoeken open coffeeshops, en alle toegangswegen afgesloten voor verkeer. Tot de andere betekenis van ‘dicht bij’ tot me doordrong.’

Ook bij Anne-Marie Spruyt duurde het even: ‘Het gebeurt niet vaak dat ik het artikel moet lezen om de kop te begrijpen. Ik weet niet of het in dit geval ‘dichtbij’ had moeten zijn?’

Had dat inderdaad één woord moeten zijn, om dubbelzinnigheid te voorkomen?

Nee, want het betrof hier niet het bijwoord ‘dichtbij’, maar het voorzetsel ‘bij’, voorafgegaan door het bijwoord ‘dicht’. Je schrijft ‘dicht bij’ los als er iets op volgt: ‘Ik ben dicht bij mijn huis.’ Volgt er niets, dan schrijf je het aaneen: ‘Ik ben dichtbij.’

Hetzelfde zie je bij bijwoorden als ‘boven’, ‘onder’, ‘achter’ en ‘voor’, die je kunt combineren met een voorzetsel: ‘Het dorp ligt onder in de vallei’, ‘Haar foto staat achter op het boek’. Ook die woorden kun je aaneenschrijven: ‘Het dorp ligt onderin’, ‘Haar foto staat achterop’, maar dan komt er dus geen zogeheten zelfstandignaamwoordgroep meer achteraan.

Opvallend is dat woorden als ‘bovenaan’ en ‘onderaan’ hier niet aan meedoen: je schrijft namelijk weer wel: ‘Hij staat bovenaan de lijst.’ De reden daarvoor is dat je het eerste deel van dat woord niet kunt weglaten: iemand staat niet ‘aan de lijst’. Dat dorp daarentegen, dat lag wel ‘in de vallei’ (waar in de vallei? Onder in de vallei) en haar foto vind je wel degelijk ‘op het boek’ – achter op het boek weliswaar, maar toch.

Om terug te komen op de verwarrende kop: met het oog op ondubbelzinnigheid had de eindredactie die beter anders kunnen formuleren. Een nieuwskop moet eenduidig zijn, de lezer moet in één oogopslag zien en begrijpen waar het over gaat – al is dat met de nieuwe huisstijl, met soms vier- of zelfs vijfregelige koppen, niet altijd even eenvoudig.

Verandert een woord van betekenis zodra je er een spatie in zet, dan is het oppassen. De Engelse spatieziekte kan leiden tot klassiekers als ‘konijnen bouten in pruimensaus’, maar ook een terecht geplaatste spatie kan dus voor consternatie zorgen. Al dwingt ze lezers dan wel het hele artikel te lezen.

Vindt u ook iets van ons taalgebruik? taal@volkskrant.nl

Lees hier alle afleveringen van alle rubrieken van de pagina Taalgebruik! uit de Volkskrant.

Meer over