BoekenKort

Sterstriptekenaar Barry Windsor-Smith vertelt hoe een jonge soldaat in een monster verandert

De Britse tekenaar Barry Windsor-Smith is onlangs 72 geworden. Toen hij half zo oud was, begon hij aan een boek dat nu in vertaling is verschenen: Monsters. In de wereld van de superheldenstrips is Windsor-Smith een ster, die meetekende aan reeksen als Avengers, Fantastic Four, Iron Man, Conan the Barbarian en Wolverine.

Hij bedacht in zijn gloriedagen een verhaal dat Thanksgiving – The Origin of the Hulk zou gaan heten, over de getormenteerde jeugd van Bruce Banner (die in de Hulk verandert als hij zich kwaad maakt). Later werkte Windsor-Smith dit om in een graphic novel waarin de jonge rekruut Bobby Baily door het leger wordt geslachtofferd voor het Project Prometheus, waarbij een van de nazi’s overgenomen genetische techniek wordt ingezet om supersoldaten te creëren. Het project mislukt en Bobby verandert in een monster: niet heroïsch als de Hulk, maar tragisch als een verminkte reus.

In 363 zwart-witte bladzijden vertelt Windsor-Smith hoe het allemaal zover heeft kunnen komen. Naar verluidt heeft hij 35 jaar aan dit epos gewerkt. Het gekke is dat zijn tekenstijl erg aan de jaren tachtig doet denken, alsof de tijd heeft stilgestaan. In 1986 verscheen Watchmen, een beroemd geworden stripverhaal waarin ook op een alternatieve manier naar superhelden wordt gekeken. Monsters had in hetzelfde jaar getekend kunnen zijn.

null Beeld Sherpa
Beeld Sherpa

Barry Windsor-Smith: Monsters. Uit het Engels vertaald door Mat Schifferstein. Sherpa; € 65.

Meer over