Speelvogel

Hij wist vrouwen te raken in het diepst van hun organen. ‘Je ruikt de kut in zijn gedichten.’..

Jean-Pierre Geelen

Viespeukerij misschien, maar liefdevolle viespeukerij van de Vlaamse publicist Guido Lauwaert over zijn vriend Hugo Claus. Zondag zonden alle regionale omroepen Wreed geluk uit, een documentaire van John Albert Jansen over de Vlaamse schilder/schrijver en dichter.

Je moet als beroepskijker nu behartigenswaardige woorden spreken over het zorgvuldig geplugde nieuwtje over de Indische couppleger Bernhard, een zoveelste verklaring leveren voor het eclatante succes van Boer zoekt vrouw, of eens voluit gaan over de televisie als pr-machine voor Reinout Oerlemans. Doe ik lekker niet, want dan zou ik onrecht doen aan dat diep verscholen pareltje van zondag.

Hugo Claus dus, en diens Wreed geluk.

Dichters, die zie je weleens op tv. Maar dan zijn ze dood in een almanak, of het zijn geinponems met rijmvoeten. Echte dichters komen niet op tv.

Ook daarom was Wreed Geluk een welkome afwisseling. Het was de openingsfilm uit een reeks die de regionale omroepen tot in maart volgend jaar elke zondagmiddag om twaalf uur tegelijk uitzenden.

De eerste beelden brachten je meteen in dat donkere België van verlaten fabriekshallen en bemoste muurtjes in grasland. Vrienden en bekenden als Jef Geeraerts, Jan Decleir, Pjeroo Roobjee en Hugo’s broer Odo, haalden herinneringen op die iets zeiden over Claus’ werk. ‘Ik heb de dieren te eten gegeven, en de deuren der stallen dichtgedaan.’ Ooit sprak schilder Roger Raveel die zin op plechtige toon uit tot Claus. Een dag later had die er een joekel van een gedicht van gemaakt.

Zijn vrienden prezen de ‘speelvogel’ Claus om zijn ‘veelkantigheid’, bewonderden zijn onrust en zijn jagersdrift. ‘Het was geen gemakkelijke binnenkant die hij had’, aldus Pjeroo Roobjee.

Loensend, tandeloos en kwijlend in afzichtelijke ruitjesjasjes en Noorse wollen truien gestoken, gezeten in morsige interieurtjes, leken de vrienden weggelopen uit de eerste de beste aflevering van Jambers. Maar wat was het mooi en ontroerend, die gezamenlijke liefde voor hun vriend en zijn oeuvre.

De laatste minuten waren voor een verslagen Jef Geeraerts, die naast zijn vriend ook zijn vrouw verloor. Meeuwen vlogen boven het Vlaamse strand, nog eenmaal klonk de stem van Claus, in Nu nog: ‘Dood, folter niet langer de aarde, wacht niet, lieve dood, tot ik klaargekomen ben, maar doe zoals zij en sla toe’.

En dat tussen de vers geopende winkelcentra en het lokale verkeersjournaal.

Meer over