tv-recensiearno haijtema

Spanning, trauma en frustraties: in Thuisfront volgen we veteranen thuis

null Beeld

De vierdelige serie Thuisfront is, zo heet het in de aankondigingen, gebaseerd op ware gebeurtenissen. Nogal eens loze informatie, want met dat ‘baseren’ kan een programmamaker nog alle kanten op. Thuisfront, zondag voor het eerst uitgezonden op NPO3, van regisseur Tim Oliehoek (Vet hard, Stanley H., De zaak Menten) geeft het begrip echter geloofwaardige invulling.

De serie volgt een groep militairen die op missie in Uruzgan, Afghanistan, een heftig, traumatiserend verlopen gevecht hebben meegemaakt. Terug in Nederland moeten zij het alledaagse leven zien op te pakken, hetgeen lang niet iedereen lukt. Sommigen lijden overduidelijk aan posttraumatische stress, van anderen zal de komende afleveringen nog moeten blijken hoe (on)geschonden ze uit de strijd zijn gekomen.

De vertelvorm is sterk. Het peloton, een tiental mannen en vrouwen, komt bijeen om een van de maten te begraven. Die heeft zelfmoord gepleegd door zich op te blazen met een handgranaat die hij klaarblijkelijk in Uruzgan achterover heeft gedrukt. Het is een wanhoopsdaad met een drieledig dramatisch effect: Defensie moet onderzoeken hoe hij aan de granaat is gekomen. Het peloton zal zich moeten verhouden tot de zelfmoord. En ziet zich geconfronteerd met een samenleving die – zie het onderzoek van Defensie – meer geïnteresseerd lijkt in navolging van de regels dan in het waarom van de daad. Spanning, trauma, frustraties en onbegrip strijden aldus binnen de kortste keren om voorrang.

Thuisfront Beeld BNNVara
ThuisfrontBeeld BNNVara

Terwijl de onderlinge verbondenheid bij de begrafenis en de borrel achteraf hecht lijkt – er wordt gedronken, er zijn botte grappen (‘hij is er in elk geval met een klap uitgestapt’) en er is een yell – worden al gauw de eerste barsten zichtbaar in de kameraadschap. Een van de mannen wordt beschouwd als matennaaier, omdat hij vermoedelijk als klokkenluider kwalijk gedrag van het peloton aanhangig heeft gemaakt.

We volgen de individuele veteranen thuis en krijgen al snel een indruk van hun kwetsuren. De jongen die beide onderbenen is kwijtgeraakt en wiens vader zich, in zijn rouw, heeft vastgebeten in een juridische strijd over aansprakelijkheid. Een tweede die zich wanhopig vastklampt aan zijn stervende hond, zijn vriendin aanziet voor een vijand die moet worden gewurgd en haar en de buren tot wanhoop drijft met de telkens keihard afgespeelde Vier jaargetijden. Een derde veteraan die zich bezorgd (‘blijf je er wel bij?’) bekommert om zijn zieke vader thuis en te horen krijgt dat hij zich als een ‘oude tut’ gedraagt. Pijnlijk mooi, hoe die vraag, die eerder op het slagveld thuishoort, bij de vader op smalend onbegrip stuit.

Oliehoek verbeeldt de complexiteit van de opgelopen trauma’s helder, zonder met simplistische verklaringen te komen. Waarom oogt de ene veteraan stabiel en is de ander een vaatje buskruit? Bij Thuisfront voel je verwarring, onbegrip, empathie, alle emoties uit het ware leven. Wie zelf met oorlogstrauma te maken heeft, zal blij zijn met de handreiking van het Veteranenloket: 088-3340000.

Meer over