NieuwsEdisons

Sopraan Roberta Alexander krijgt de Edison Klassiek Oeuvreprijs

De Amerikaans-Nederlandse sopraan zingt al 45 jaar in de beroemdste operahuizen en krijgt de prijs voor haar lange én veelzijdige carrière. Een feestje zit er alleen even niet in.

Roberta Alexander in de VS in 1994.Beeld Getty

Het bronzen beeldje werd gewoon op de stoep gezet, samen met een bos bloemen, voor haar huis in Ouderkerk aan de Amstel. Maandag ontving Roberta Alexander (71) de Edison Klassiek Oeuvreprijs 2020, maar een uitreikingsceremonie zit er vanwege corona voorlopig niet in. Toch is ze ‘ontzettend blij’, zegt de van oorsprong Amerikaanse sopraan met een stralende glimlach via Facetime. ‘Het is een hele eer. Dit kwam voor mij absoluut uit het niets.’

De Edisons zijn de prijzen voor de mooiste albums van het jaar volgens de NVPI, de branchevereniging van de entertainmentindustrie. Alleen de oeuvreprijs is niet aan de actualiteit gebonden. Als laureaat komt Alexanders naam terecht tussen die van musici als Frans Brüggen, Kiri Te Kanawa en Bernard Haitink. Haar carrière is dan ook indrukwekkend, en voor een sopraan langdurig: al 45 jaar treedt ze op in zalen over de hele wereld. Ze zong in voorname operahuizen als het Royal Opera House in Londen en op festivals als Glyndebourne in het Verenigd Koninkrijk.

Op welke van haar prestatie is Alexander het meest trots? ‘Dat ik nog optreed!’, zegt ze. ‘Maar ik koester wel bepaalde hoogtepunten. Werken met Nikolaus Harnoncourt was heel bijzonder. We hebben samen barokcantaten opgenomen. En ook Mahlers Tweede symfonie onder Bernard Haitink in het Concertgebouw.’ 

Ook de uitvoeringen van Elektra van Richard Strauss in New York in 2016 zal ze nooit vergeten. ‘Het was heel bijzonder om na 25 jaar terug te zijn op het toneel van de Metropolitan Opera.’

Haar betekenis voor de opera in Nederland kan moeilijk worden overschat. Roberta Alexander groeide weliswaar op in Ohio, maar woont sinds haar 23ste in Nederland. Al stak ze de Atlantische Oceaan eigenlijk over voor de liefde, vertelt ze. Ze was korte tijd gehuwd met dirigent Edo de Waart en is sinds 1975 getrouwd met de voormalige orkestmanager Siebe Riedstra.

Roberta Alexander in 1977, tijdens de productie van La cambiale di matrimonio bij De Nederlandse Operastichting.Beeld De Nationale Opera/Jaap Pieper

Haar nieuwe thuis bleek een goede uitvalsbasis voor een internationale loopbaan. Ze werd aangenomen als lid van de Opera Studio, het talentontwikkelingsprogramma van De Nederlandse Operastichting (tegenwoordig De Nationale Opera). ‘Minstens zo belangrijk voor mijn artistieke vorming was zangpedagoog Herman Woltman. Hij was een groot technicus. Ik kreeg om 9 uur ’s ochtends in De Bilt privéles van Herman. Daarna ging ik met de trein naar Amsterdam om op tijd te zijn voor de Studio.’

Na haar operadebuut in Amsterdam, in Rossini’s La cambiale di matrimonio in 1975, volgde een reeks van belangrijke uitnodigingen. Was er een moment waarop ze dacht: vanaf nu is een internationale carrière gegarandeerd? ‘Ik heb daar nooit over nagedacht.’ Dan: ‘Misschien toen de Metropolitan Opera mij vroeg om Zerlina te zingen (in Don Giovanni van Mozart, red.). Maar tegen de tijd dat ik voor het eerst in New York optrad, had ik al in Zürich, Wenen en Hamburg gezongen.’

‘Haar sopraan is prachtig en zuiver gestemd en haar stralende onderwerping aan de Don aan het einde van hun grote duet in de eerste akte heeft ons allemaal ontroerd’, schreef The New York Times in 1983 over het debuut in de ‘Met’ van Alexander, die behalve voor haar timbre ook voor haar acteerprestaties veel lof ontving. 

Haar repertoire, zowel op het podium als in opnamen, is indrukwekkend veelzijdig – van Händel tot Hendrik Andriessen, van oratorium tot jazz. Maar geen componist is voor haar van groter belang geweest dan Mozart. ‘Ik heb tenslotte mijn carrière grotendeels aan hem te danken’, zegt ze. ‘Ik begrijp het niet als mensen zeggen dat Mozart saai is. Wat?! Hij swingt de pan uit!’ 

Ze bezit er een, maar Alexander vindt het niet makkelijk om uit te leggen wat een echte Mozart-stem precies inhoudt. ‘Mozart zingen is alsof je aan het koorddansen bent. Controle is het allerbelangrijkst, maar het moet ook vrij klinken. En je moet altijd diep graven naar de betekenis achter de noten.’

Inmiddels is ze ook als pedagoog actief. Haar leidend advies aan beginnende zangers is om keihard te werken. ‘Zingen vanuit de tekst is heel belangrijk, dus je talen moeten kloppen. En: je bent er voor de muziek, niet andersom.’ Voor zangers die beroemdheid najagen heeft ze geen tijd. ‘Je zingt omdat je niet anders kunt.’

En wat zou zij als zwarte topsopraan willen meegeven aan jonge zwarte zangers, die in een wereld terechtkomen waar impresario’s, dirigenten, regisseurs en geldschieters overwegend wit zijn? ‘Zorg door je werkethiek dat je huidskleur niet datgene is waarmee mensen bezig zijn als ze aan jou denken. Maar het moet van twee kanten komen. Zo moeten operabestuurders regisseurs die een bepaald uiterlijk vereisen op het matje roepen. En wat ook belangrijk is, is de grote zwarte middenklasse die niet wordt gevraagd om bij de opera te komen werken, of om donateur te worden. Dat is een onontgonnen bron van talent, maar ook van geld. Zonde.’

De overige winnaars van de klassieke Edisons worden komende zondag bekendgemaakt in Podium Witteman (NPO 1, 18.10 uur).

Niet voor de klas

Als dochter van een koordirigent en een zangeres wilde Roberta Alexander nooit iets anders dan in de voetsporen van haar moeder treden. ‘Ik mocht alleen bij haar concerten zijn als ik niet meezong.’ Haar master klassieke zang behaalde ze aan de Universiteit van Michigan. Op aandringen van haar ouders had ze daarvoor een lerarenopleiding afgerond, voor het geval een zangcarrière niet zou lukken.

Meer over