'Soms kun je alleen je moeder bellen'

'Je hebt je kaarten nog niet teruggestuurd. Je komt toch wel?' vraagt producent Rolf Koot (41) aan acteur Roeland Fernhout, die langsloopt in het American Hotel in Amsterdam....

De voorbereidingen voor Lek begonnen drie jaar geleden, op het moment dat All Stars voorzichtig een succes begon te worden. Het plan werd oorspronkelijk ontwikkeld door regisseur Ben Verbong en auteur Simon de Waal, maar toen die er niet uit kwamen met Polygram heeft Koot het project overgenomen. 'Na All Stars wilde ik een heel andere film doen met Jean.' Een policier moest het worden: All Stars meets Copland.

Toen de opnamen begonnen, had Koot het budget nog niet rond; maar met particulier geld werd de gewenste 4,5 miljoen gulden nog juist op tijd bij elkaar geharkt. 'Jean moest daar wel even aan wennen: Lek als beleggingsproject. Maar als het goed gaat, krijgen de firmanten los van het fiscale voordeel geld terug, cash op hun rekening. Dát is de inzet.

'In Nederland maken veel mensen films om het maken, om het handwerk. Mij interesseert dat niet. Als ik een art film zou maken, zou ik ook willen dat ie in de doelgroep keihard zou scoren en zijn geld zou opbrengen. Daar wordt raar tegenaan gekeken. Commercieel is vies. Eigenlijk mag je het soort films dat Jean en ik voorstaan niet maken. Dat is een calvinistische, Nederlandse gedachte. Alsof je een boodschap zou móeten hebben.'

Koot heeft lang het gevoel gehad dat het in Nederland onmogelijk was 'echte films' te maken. Totdat hij Dick Maas' De lift zag. Na de School voor Fotografie in Den Haag meldde hij zich in 1985 bij Rob Houwers Verenigde Nederlandsche Filmcompagnie. Hij kon aan de slag als manusje van alles, of 'chef wc-papier' zoals hij het zelf noemt. Koot herinnert zich die tijd als 'een komen en gaan van mensen met projecten die nooit werden gemaakt'.

Zelfwerkzaamheid stond hoog in het vaandel; slechts één keer hadden Houwer en Koot een goed gesprek over het vak. 'Je bent pas producent als je iets hebt om te produceren', leerde hij. 'Je kunt wel een bordje op je deur schroeven, maar je moet property hebben, zoals de Amerikanen het noemen.'

Koot werkte als locatiemanager, locatiescout, productie-assistent en productieleider en vanaf 1995 als zelfstandig producent, want 'als je iets graag ziet, komt het moment dat je het zelf wilt maken'. Hij produceerde de zesdelige serie Domburg in opdracht van de IKON en Uncle Frank voor Hans Heijnen. In 1996 kwam de doorbraak met All Stars, een van de weinige Nederlandse kassuccessen van de afgelopen jaren. De film trok meer dan 300 duizend bezoekers en er kwam een spin-off op televisie. Deze zomer vinden de opnamen plaats voor een tweede reeks van dertien afleveringen.

Koot noemt zichzelf een 'bevlogen producent'. Hij bemoeit zich met alles: met de distributie (Lek gaat uit in veertig kopieën; er is een half miljoen beschikbaar voor marketing), met de casting ('Natuurlijk speelt het mee dat Cas Jansen mijn zwager is. Maar hij doet het precies zoals ik hoopte dat hij het zou doen') en de zoektocht naar geschikte locaties.

Hij is 'dag en nacht' beschikbaar voor zijn regisseur, houdt de begroting in de gaten, komt bijna iedere dag wel even op de set langs en bekijkt alle rushes. 'En tussen de bedrijven door slaap je even. Je doet het helemaal of je doet het niet. Gelukkig deed mijn vrouw de kleding bij Lek; zag ik haar ook nog eens.'

De producent is tevreden met het resultaat. 'Jean is niet bang geweest om een harde film te maken. Dat hoopte ik al, maar ik kan hem niet dwingen. Ik zou hem nooit vragen iets te doen wat hij zelf anders voelt.'

En die gruwelijke opening waarin de karaoke-zingende gangsters worden geïntroduceerd; een scène die herinneringen oproept aan Tarantino's Reservoir Dogs? 'Ook van Jean. En dat voor een brave huisvader uit Utrecht!'

Toen All Stars uitkwam reed Koot vaak even langs de bioscoop om te kijken hoeveel bezoekers er waren. Gaat hij dat bij Lek weer doen?

'Waarschijnlijk wel. Hoewel je weinig meer kunt doen dan huilen of je moeder bellen.

'Bij All Stars had ik mijn auto even dubbel geparkeerd voor de City op het Leidseplein. De bekeuring was die avond hoger dan de kassa-opbrengst, maar dat is uiteindelijk ook nog goed gekomen.'

Meer over