Slappe sul trouwt met sloerie, tript, wordt baby en praat

100 % Pure Irvine Welsh schreeuwt het affiche van The Acid House. Welsh werd wereldberoemd dankzij de verfilming van zijn debuutroman Trainspotting; het surrealistische portret van een groep Schotse junkies was een van de grootste Britse filmhypes van de laatste jaren....

Behalve de schrijver deelt The Acid House de hippe soundtrack (met muziek van onder meer de Chemical Brothers, Belle & Sebastian en Primal Scream) en een aantal acteurs met Trainspotting.

En dat zijn wilde jongens, bleek tijdens het afgelopen Rotterdamse filmfestival, waar Gary McCormack en Kevin McKidd voor het enige relletje zorgden door starnakeldronken van het feest van de jarige distributeur RCV verwijderd te worden.

The Acid House lost de verwachtingen niet in; het is een suffe film over suffe jongelui. Vol bravoure maar met weinig fantasie in beeld gebracht. De ritmische typografie (à la 'Boem Paukeslag' van Paul van Ostaijen) in Welsh' boek is veel origineler dan de wild razende wolken boven de hoofden van de trippende protagonisten.

Welsh schreef zelf het scenario voor het drieluik, dat hij oorspronkelijk maakte voor tv. Hij koos drie verhalen uit zijn eerste bundel: The Granton Star Cause, A Soft Touch en The Acid House. Een aantal thema's is hetzelfde (voetbal, religie, wraak, raves en pillen), maar verder hebben de delen weinig met elkaar te maken.

De film begint met een kafkaëske vertelling over een luie sul die na een ontmoeting met God in een strontvlieg verandert, in deel twee trouwt een slappe sul met de sloerie van het café, en in het afsluitende deel gaat een sul helemaal uit zijn dak na een overdosis lsd.

Hij verandert in een baby, de baby verandert in de junk. Hij vloekt en tiert, drinkt whisky en lurkt vol overgave aan zijn moeders borsten. Een baby die praat als een volwassene; het doet vooral denken aan Look Who's Talking. The Acid House is geen Trainspotting. Erger: het is helemaal niks.

Meer over