BoekenWat wij willen. Mijn leven als moeder, vrouw, feminist

Sinds Isabel Allende een gevoel voor humor ontwikkelde, kijk ik uit naar haar boeken

Maarten Steenmeijer had Isabel Allendes werk al weggezet als clichématig en voorspelbaar, maar toen bleek ze in haar memoires zomaar een gevoel voor ironie en zelfspot te bezitten. Dat belooft veel goeds voor haar beschouwing over het moederschap en feminisme.

 Isabel Allende begon na de dood van haar dochter aan haar memoires.  Beeld NurPhoto via Getty Images
Isabel Allende begon na de dood van haar dochter aan haar memoires.Beeld NurPhoto via Getty Images

Uitkijken naar een nieuw boek van Allende: dat had ik me tot een jaar of tien geleden niet kunnen voorstellen. Allende, die in 1982 debuteerde met een roman die op schaamteloze wijze schatplichtig was aan Honderd jaar eenzaamheid. Allende, die de mythische grandeur van García Márquez degradeerde tot een kitscherig magisch realisme en daarmee uitgroeide tot de bestverkopende schrijfster van de Spaanstalige wereld. Allende, die de ene na de andere roman schreef met weinig uitnodigende titels als Liefde en schaduw en Inés, vrouw van mijn hart. Allende, in wier boeken ik maar een paar bladzijden hoefde te lezen om bevestigd te zien wat ik al dacht: voorspelbaar, clichématig.

En toen verscheen in 2008 De som der dagen, dat na Paula (geschreven naar aanleiding van de dood van haar dochter) en Herinnering aan mijn Chili kan worden gezien als het derde deel van haar memoires. Meer uit plichtsbesef dan uit nieuwsgierigheid begon ik te lezen en tot mijn verbazing raakte ik steeds meer onder de indruk van het scherpe oog waarmee Allende haar leven in Californië na de dood van Paula in kaart brengt, en van de superieure wijze waarop ze haar familie, haar vriendinnen en vooral ook zichzelf op de korrel neemt. Zelfs haar esoterische neigingen – een chronische stoorzender in haar werk – bleven niet buiten schot: Allende portretteert zichzelf in dit boek meer als een relishopper dan als een ware gelovige.

Was De som der dagen een toevalstreffer? Nee, want het was opnieuw raak met Ripper (2014), een sterke misdaadroman maar vooral ook een volle, veelstemmige zedenschets van de multiculturele samenleving in en rond San Francisco. Ook de romans die daar in rap tempo op volgden (De Japanse minnaar, De winter voorbij, Bloemblad van zee) lieten zien dat de schrijfster (geboren in 1942) vitaler en scherper is dan ooit.

Alle reden dus om uit te kijken naar Wat wij willen Mijn leven als moeder, vrouw, feminist. De hoofdtitel drukt strijdbaarheid uit en doet vermoeden dat het om een pamflet gaat, maar de ondertitel suggereert dat Allende de collectieve zaak van het feminisme vanuit haar eigen achtergrond en ervaringen zal kleuren, analyseren en bepleiten. En dat is maar goed ook, want dan is de kans groot dat het serieuze onderwerp niet onder zijn eigen gewicht zal bezwijken maar in beweging wordt gehouden door de ironie en zelfspot waarmee Allende zo goed weg wist in De som der dagen.

Spannend wordt het ook, want hoe verhoudt Allendes fundamentele kritiek op het patriarchaat zich eigenlijk tot haar ideeën over de liefde, die een tamelijk traditionele indruk maken? ‘Ik heb’, zo schreef ze in De som der dagen, ‘in mijn boeken de romantische liefde beschreven, de liefde die zonder te beknibbelen alles geeft, want ik heb altijd geweten dat die bestond, hoewel ze misschien nooit binnen mijn bereik zou komen.’ Ik hoop dat Allende in haar nieuwe boek ook deze kloof tussen overtuiging en ervaring onder de loep neemt. Als het even kan met zelfspot.

Isabel Allende: Wat wij willen. Mijn leven als moeder, vrouw, feminist. Uit het Spaans vertaald door Rikkie Degenaar. Wereldbibliotheek; 176 pagina’s; € 17,50. Verschijnt maart 2021.

Meer over