InterviewMatt Haig

Schrijver Matt Haig: ‘Pas toen ik de hoofdpersoon veranderde in een vrouw, kon ik vrijuit schrijven’

Noem de Britse succesauteur Matt Haig geen zelfhulpgoeroe. Hij is gewoon iemand die last had van depressie en daarover schrijft. Ook in zijn nieuwe roman Middernachtbibliotheek, waarin een vrouw leest over de vele levens die ze had kunnen leiden.

Matt Haig: ‘Ik was in een rol geduwd die ik nooit had geambieerd. Ik ben geen dokter. Ik ben een schrijver.’ Beeld Joe Hart
Matt Haig: ‘Ik was in een rol geduwd die ik nooit had geambieerd. Ik ben geen dokter. Ik ben een schrijver.’Beeld Joe Hart

Het is moeilijk om in contact te komen met Matt Haig. Zijn berichtenbox op sociale media bekijkt hij per definitie niet en zijn mails beantwoordt hij slechts één keer in de week; alleen op de maandagen. Dat komt, zo legt de Britse successchrijver uit, niet omdat prins Harry en zijn vrouw Meghan Markle eind vorig jaar toegaven idolaat van hem te zijn en hij zich sindsdien te groot voelt voor krantjes als de Volkskrant. Ook heeft het niets te maken met een hekel aan interviews in het algemeen of journalisten in het bijzonder. Absoluut niet zelfs, zegt Haig, die om de haverklap glimlacht en een vriendelijke stem heeft, zacht als Page-toiletpapier.

Nee, nee, nee, legt de 45-jarige schrijver uit. De reden van zijn onbereikbaarheid is veel praktischer van aard, ontstaan uit noodzaak in plaats van vrije wil. Het begon allemaal toen zijn memoir Redenen om te blijven leven in 2015 uitkwam. In dat boek beschrijft Haig hoe hij als twintiger in een zware depressie terechtkwam terwijl hij met zijn vriendin (en inmiddels echtgenote) Andrea een aantal maanden op Ibiza verbleef. Andrea was daar vanwege haar werk, Haig was net afgestudeerd en verheugde zich op een Bukowski-achtige zomer vol zuipen, feestjes, zon en nog meer zuipen.

‘Het begon met een gedachte’, beschrijft Haig later in zijn boek over een van de laatste dagen op Ibiza. ‘Er ging iets mis. Zo begon het. Nog voordat ik doorhad wat het was. Een paar tellen later kreeg ik een vreemd gevoel in mijn hoofd. Een of andere biologische activiteit ergens achter in mijn hersenpan, vlak boven mijn nek. (…) En toen sloeg mijn hart op hol. En toen sloeg ík op hol. Ik zonk weg en kwam met een onmetelijke snelheid in een claustrofobische, verstikkende nieuwe realiteit terecht. (…) Ik bleef drie dagen in bed. Maar ik sliep niet. Mijn vriendin Andrea kwam me regelmatig wat water brengen, of fruit, dat ik nauwelijks naar binnen kreeg. (…) Op de derde dag verliet ik de kamer en de villa en liep naar buiten om zelfmoord te plegen.’

Zelfmoord plegen deed hij uiteindelijk niet. Wel begon op dat moment voor Haig een lang en moeizaam gevecht tegen almaar terugkerende problemen met zijn mentale gezondheid – een gevecht dat niet alleen regelmatig in zijn oeuvre opduikt, maar er bovendien voor zorgde dat hij überhaupt begon met schrijven. ‘Na die breakdown op mijn 24ste merkte ik dat het vanwege mijn paniekaanvallen en angststoornissen onmogelijk was op een kantoor te zitten, of in een bus naar kantoor. Dus moest ik iets zien te vinden dat ik vanuit huis kon doen’, zegt hij. ‘En het enige wat ik kon bedenken, was schrijven.’

Dat lukte aardig. Inmiddels heeft Haig 28 boeken op zijn naam staan, zijn succesvolste boek Redenen om te blijven leven werd al in bijna vijftig talen vertaald, van zijn kinderboek A Boy Called Christmas wordt momenteel een Netflix-film gemaakt en naast de recente, jubelvolle vermelding in de podcast van prins Harry en hertogin Meghan Markle, zei de Amerikaanse countryzangeres Dolly Parton onlangs in een interview dat ze twee boeken op haar nachtkastje heeft liggen: de Bijbel en Middernachtbibliotheek – het nieuwe boek van Haig, dat deze maand ook in Nederland is verschenen.

Maar terug naar de reden waarom het zo moeilijk is om contact op te nemen met Haig. ‘Redenen om te blijven leven was mijn grootste boek, het stond boven aan de bestsellerlijsten, bladiebla – dat doet er allemaal niet toe’, zegt hij. ‘Althans, het doet er wel toe, want het was natuurlijk geweldig om van een worstelende schrijver plotsklaps een succesauteur te worden. Maar wat ik bedoel te zeggen, is dat ik na het schrijven van dat boek opeens hét gezicht werd van mentale gezondheid. Opeens werd ik omschreven als ‘zelfhulpgoeroe’ en kreeg ik heel veel e-mails van heel veel mensen die bipolair waren, of zelfmoordneigingen hadden. Het waren bovendien het soort e-mails dat je eigenlijk niet kunt negeren. Geen berichten van fans die zeiden dat ze mijn boek goed vonden, maar puur en alleen: help mij, help mij.’

null Beeld Joe Hart
Beeld Joe Hart

En ‘help mij, help mij’ is een eufemisme voor: ik ga mezelf iets aandoen als u niet snel reageert?

‘Ik wil niet al te veel in details treden, maar ik kreeg een keer een bericht via Twitter. Ik had net mijn kinderen in bed gelegd en zag dat het van iemand kwam die op zichzelf woonde en tien minuten daarvoor een zelfmoordpoging had gedaan. Ze had een overdosis genomen, zei ze, en ik was de enige aan wie ze dat had verteld. Ik had natuurlijk geen idee wat ik moest doen, waardoor de avond veranderde in een kruising tussen een detective en een nachtmerrie. Uiteindelijk heb ik aan mijn volgers gevraagd of iemand wist waar ze woonde, zodat ik specifiekere informatie aan de politie kon doorgeven. Die vrouw heeft het gelukkig overleefd, maar ik merkte toen wel dat ik in een rol was geduwd waarover ik van tevoren nooit had nagedacht en die ik ook nooit heb geambieerd.

‘Het werd bovendien steeds erger naarmate mijn carrière ook buiten het Verenigd Koninkrijk van de grond kwam. Vooral de afgelopen twee jaar ben ik overspoeld met berichten. En omdat ik simpelweg niet de hele dag door mails kan beantwoorden, heb ik besloten grenzen te stellen: alleen nog e-mails lezen op maandag, en sociale media uitsluitend nog gebruiken als reclamekanaal. Ik wil niet langer de verantwoordelijkheid voelen die bij dergelijke berichten komt kijken. Ik ben geen dokter. Ik ben een schrijver. Ook daarom heb ik die grenzen trouwens gesteld: het is nodig om nog enigszins aan schrijven toe te komen.’

Matt Haig: ‘Bibliotheken zijn toch al een soort portalen naar andere werelden. Daarom lezen we toch ook boeken? Om toegang te krijgen tot andere universa en levens.’ Beeld Joe Hart
Matt Haig: ‘Bibliotheken zijn toch al een soort portalen naar andere werelden. Daarom lezen we toch ook boeken? Om toegang te krijgen tot andere universa en levens.’Beeld Joe Hart

Dat lijkt aardig te lukken. U bent 45 jaar en heeft al bijna dertig boeken op uw naam staan. Hoe doet u dat?

‘Toen ik begon met schrijven en nog ziek was van mijn depressie, heb ik om geld te verdienen acht marketingboeken geschreven in twee jaar tijd. Alle acht zijn ze even verschrikkelijk, echt afschuwelijk. Ik maak me daarom ook altijd zorgen als mensen zeggen: ‘O, ik vond Middernachtbibliotheek zo leuk, nu ga ik alle boeken van Matt Haig lezen!’ Doe het alsjeblieft niet, mensen!

‘Maar goed, als je die acht niet meetelt, blijven er twintig boeken over. Mijn eerste echte boek schreef ik toen ik 26 was, dus dan kom je uit op ongeveer een boek per jaar. Dat valt toch wel mee? Wat ook meehelpt, is dat ik een aantal kinderboeken heb geschreven. Die zijn erg kort, drieduizend woorden bijvoorbeeld. En ook mijn boeken voor volwassenen vallen wel mee. Het is geen Tolstoj, het zijn geen epische romans waarvoor je tien jaar werk nodig hebt.’

Na een rits boeken die niets met mentale gezondheid te maken hebben, keert Haig in Middernachtbibliotheek toch weer terug naar het thema. Het boek gaat over een jonge vrouw die op een dag besluit zelfmoord te plegen. Na haar overdosis sterft ze niet, maar komt terecht in een nachtelijke bibliotheek vol boeken met daarin al haar parallelle levens. Elk boek dat ze opent, neemt haar mee naar een leven dat ze had kunnen leiden, mits ze andere keuzen had gemaakt.

Het ene boek verhaalt over een leven waarin ze nooit heeft besloten haar vriend te verlaten, waardoor ze nog altijd met hem samenwoont op het platteland van Engeland. Een ander boek beschrijft een leven waarin ze besloot verder te studeren en gletsjeronderzoeker in Noorwegen is geworden. Er is een leven waarin ze nooit is gestopt met haar band, waardoor ze nu succesvol muzikant is, er is een leven waarin ze olympisch sporter werd, een leven waarin haar kat vorige week niet doodging, omdat ze de deur dicht in plaats van openliet, enzovoort, enzoverder.

Hoe kwam u op het idee voor dit boek?

‘Bij veel boekevenementen kwamen mensen naar me toe die zeiden: ‘Jij hebt geluk gehad, want jij hebt al je hele leven dezelfde partner, jij hebt succes, jij hebt geld. Ik heb dat allemaal niet, dus wat voor reden heb ik nou helemaal om mijn depressie te overwinnen?’ Bij die mensen dacht ik vaak na over de parallelle levens die ze hadden kunnen leiden. Toen ik vervolgens het idee van de bibliotheek kreeg, mede dankzij De bibliotheek van Babel van Jorge Luis Borges, raakte ik echt enthousiast en besloot ik aan dit boek te beginnen. Bibliotheken zijn toch al een soort portalen naar andere werelden. Daarom lezen we toch ook boeken? Om toegang te krijgen tot andere universa en levens.’

Matt Haig: ‘Ik zie recensenten als muggen: je merkt ze wel op en ze irriteren ook, maar nooit op een fundamenteel niveau.’  Beeld Joe Hart
Matt Haig: ‘Ik zie recensenten als muggen: je merkt ze wel op en ze irriteren ook, maar nooit op een fundamenteel niveau.’Beeld Joe Hart

Heeft u getwijfeld om wederom over mentale gezondheid te schrijven, ook al vindt u de gevolgen daarvan zo vervelend?

‘Ik heb daar zeker over getwijfeld. Om meerdere redenen. In het Verenigd Koninkrijk denkt bijvoorbeeld iedereen dat ik alleen maar zelfhulpboeken schrijf, terwijl 90 procent van mijn boeken over heel andere onderwerpen gaat. Vandaag nog werd ik in een artikel een ‘zelfhulpgoeroe’ genoemd. Maar ik ben geen zelfhulpgoeroe. Ik ben slechts een schrijver die last had van depressie en daarover schrijft. Dat is ook meteen de reden dat ik uiteindelijk heb besloten dit boek toch te schrijven. Mentale gezondheid is nu eenmaal een onderwerp waarmee ik veel heb geworsteld en waarover ik dus veel heb nagedacht. Bovendien is dit boek fictie, waardoor ik hoop dat het effect ditmaal iets anders wordt.’

‘Overigens moest ik daardoor wel wat extra ingrepen doen. Het hoofdpersonage was in de eerste versie een man. Alleen werkte dat niet, omdat hij veel te veel op mij leek. Het was alsnog te autobiografisch, waardoor het geen echt personage werd. Het lukte me bijvoorbeeld niet een goede uiterlijke beschrijving van de hoofdpersoon te geven, want hoe beschrijf je jezelf? Pas toen ik het personage veranderde in een vrouw en haar Nora noemde, merkte ik dat ik meer vrijheid kreeg. Ze was duidelijk niet mij, waardoor er veel meer mogelijk was. Gek genoeg kon ik er daardoor ook meer van mijn eigen ervaringen in verwerken. Haar sekse werkte als een soort schild.’

Het boek is nu al een groot succes in meerdere landen. Toch zijn de recensies niet altijd even goed. Het verhaal zou te voorspelbaar zijn, te zoetsappig. Storen dat soort kritieken u?

‘Diep van binnen – en dit meen ik – in het diepst van mijn ziel, maakt het mij echt niet uit wat critici schrijven. Ik zie ze als muggen: je merkt ze wel op en ze irriteren ook, maar nooit op een fundamenteel niveau. Dat komt doordat ik erg tegen het snobisme ben waarvoor veel van die boekrecensenten staan. Ik zeg al mijn hele leven dat dergelijk snobisme – waarbij een kleine groep neerkijkt op boeken die het grote publiek juist leuk vindt – dé reden is waarom zo veel mensen zich afkeren van de boekenwereld. Bovendien leidt het tot slechtere boeken, omdat het onderscheid tussen de zogenaamd ‘serieuze’ en commerciële fictie ervoor zorgt dat schrijvers niet meer vrijuit schrijven. Ze proberen vooral hun critici te behagen.

‘In mijn eerste paar romans was ik zelf ook veel te pretentieus. Ik probeerde heel highbrow te zijn. Bovendien was ik tijdens het schrijven van die boeken nog depressief, waardoor mijn eerste boek bijvoorbeeld heel duister is – iedereen gaat uiteindelijk dood. Het boek kreeg geweldige kritieken, maar niemand las het.

‘Tegenwoordig ben ik veel opgewekter en probeer ik, uiteraard zonder de zwarte randjes van het leven te negeren, juist een optimistische boodschap in mijn werk te stoppen. Alleen merk ik dat die boeken veel minder worden gewaardeerd, omdat pessimisme en cynisme nu eenmaal als eerlijker en diepzinniger worden gezien dan optimisme. Maar het is helemaal niet eerlijker. Sterker nog: cynisme is een privilege. Als je zelf depressief bent geweest, zoals ik, weet je dat het voor sommige mensen bittere noodzaak is om continu te zoeken naar hoop. Daarom wil ik niet langer aan dat systeem meedoen. Ik ben geen 17-jarige meer die moet doen alsof hij een bepaalde band leuk vindt. Ik ben een volwassen man en als ik een boek wil schrijven over iemand die met depressie worstelt en daar gelukkig weer bovenop komt, dan schrijf ik dat gewoon, inclusief het happy end dat daarbij hoort.’

WIE IS MATT HAIG?

Matt Haig (Sheffield, 1975) is een schrijver in de breedste zin des woords. Toen hij net begon, verdiende hij zijn geld vooral met marketingboeken, maar inmiddels heeft hij ook meerdere romans op zijn naam staan, net als kinderboeken, songteksten voor de Engelse zanger Andy Burrows, non-fictiewerk en diverse film- en seriescenario’s. Van zijn in totaal 28 boeken werden er wereldwijd zo’n 3 miljoen verkocht en zijn memoires Redenen om te blijven leven, waarin Haig openhartig spreekt over zijn depressie, werd al in bijna vijftig talen vertaald. Eind vorig jaar schopte zijn nieuwste boek, Middernachtbibliotheek, het bovendien tot een tiendelig hoorspel op BBC Radio.

Matt Haig: Middernachtbibliotheek. Uit het Engels vertaald door Monique ter Berg. Lebowski; 320 pagina’s; € 22,99.

null Beeld Lebowski
Beeld Lebowski