Rouwverwerking in stripvorm

Gerrie Hondius tekende in haar boek Pindakaas de dood van haar moeder van zich af, voor Barbara Stok was het overlijden van haar zwager de aanleiding voor Dan maak je maar zin....

Een aangrijpend voorbeeld in het genre is Moeder, kom thuis van de Amerikaan Paul Hornschemeier, over een man die euthanasie heeft gepleegd op zijn vrouw en zelf in een psychiatrische inrichting belandt. We zien zijn geworstel – terughoudend opgetekend – door de ogen van zijn zoontje, dat sterker blijkt dan de vader: hij bevrijdt hem uit de inrichting. Waarna de vader, met hulp van zijn zoontje, een eind aan zijn leven maakt. Hornschemeier: ‘Ik kreeg een paar zeer intieme reacties van mensen die hebben meegemaakt wat ik in mijn boek beschrijf. Dat was een vreemde ervaring, omdat mijn verhaal verzonnen is.’

Barbara Stok verzint niks. Dan maak je maar zin opent met de plotselinge dood van zwager Guus. In zijn overlijden zag Stok ‘een mooi verhaal over hoe fragiel het leven is en en ook over hoe onhandig we in onze maatschappij met de dood omgaan’. Heeft ze er in therapeutische zin iets aan gehad? ‘Nee, maar dat was ook de opzet niet. Centraal in dit boek staat de vraag wat de zin van het bestaan eigenlijk is.’

In The End (2007) van de Amerikaanse tekenaar Anders Nilsen in staat zijn eigen verdriet centraal: ‘Ik huilend, terwijl ik de afwas doe. Ik huilend, terwijl ik probeer te lunchen en te lezen. Ik huilend, terwijl ik op de computer probeer te werken.’ Twee jaar eerder publiceerde Nilsen een ander boek, nadat zijn vriendin was gestorven aan lymfekanker. In Don’t go where I can’t follow waren strips, foto’s en dagboekaantekeningen verzameld. Nilsen: ‘Ik denk niet dat het verhaal exclusief is. Ook al voelt het als iets dat helemaal van mij is, het gaat toch over liefde en verlies. En daar kan iedereen wat mee.’

Meer over