Roots-rock van onverslijtbare wolven

MUZIEK..

Ze zijn onverslijtbaar. Cesar Rosas en David Hidalgo staan met hun groep Los Lobos al zo'n vijfentwintig jaar op het podium, en als alles een beetje meezit, staan ze er over 25 jaar nog steeds. In hun carrière maakten ze zo ongeveer alles mee wat een popgroep kan meemaken, van een begin in bars, cafés en op bruiloften en partijen in de Spaans-Mexicaanse gemeenschap van East Los Angeles tot wereldsucces met de mijoenenhit La Bamba (1987).

Het succes van het titelnummer uit de film van dezelfde naam was een toevalstreffer, iets wat de bandleden zich ook altijd lijken te hebben gerealiseerd. Los Lobos had heel wat meer te bieden dan het vertolken van oude rock 'n' roll-hits, zelfs al ging het bij La Bamba om een cover van de godfather van de Spaanstalige rock 'n' roll, Richie Valens.

Maandag, tijdens de eerste van twee concerten in het Amsterdamse Paradiso, werd La Bamba niet gespeeld. Niet uit principe, maar omdat er zo veel andere leuke muziek is om uit te kiezen. Die losse houding maakt Los Lobos ('De wolven') zo'n unieke live-band. Het zijn vijf door de wol geverfde muzikanten, die een hele reeks stijlen en sounds in de vingers hebben.

Elk concert van de huidige tournee (waarvan onlangs een optreden op Woodstock III deel uitmaakte) is anders. Elke avond kiezen de bandleden andere songs, net waar ze zin in hebben - en zeker als ze zich op hun gemak voelen. Dat was zichtbaar het geval in Paradiso. Zanger-gitarist en accordeon-speler David Hidalgo maakte een omarmend gebaar naar het publiek, als om te zeggen: lekker gezellig zo bij elkaar.

Los Lobos speelde op een feestje, en trakteerde het publiek op een van de meest ontspannen concerten die ze ooit in Nederland gaf. Vooral in het eerste deel van het optreden mondde elke nieuwe song uit in een jamsessie, waarin de bandleden alle tijd namen om op gang te komen. Dat gebeurde eigenlijk pas in een Mexicaans intermezzo, waarbij Hidalgo de accordeon ter hand nam. Maar terwijl het applaus voor dit toefje musica nortena nog niet was weggestorven, denderde er al weer onversneden roots-rock uit deze levende jukebox.

Pas tegen het eind van het concert speelde het zeskoppige gezelschap (de vijf 'wolven' plus een gastmuzikant ) iets van het deze zomer verschenen nieuwe album This time: het titelnummer en High places. Het onderschatte This time, een van de betere platen die Los Lobos dit decennium maakte, laat horen hoe Rosas en Hidalgo zich muzikaal gezien nog steeds ontwikkelen. Het is een plaat met funky grooves, die de Mexicaanse soul van Los Lobos in een nieuw perspectief zet. Maar in Paradiso keerden Rosas en Hidalgo al snel weer terug naar een wat simpelere, directe aanpak. Zoals de stampende cover van Doug Sahm's She's about a mover, een sound die de band heel overtuigend neerzet, en - verrassend - als laatste toegift een cover van Neil Young's Cinnamon girl, dat in de Los Lobos-versie minstens zo sterk klonk als het origineel.

Een tweede concert, op dinsdag, werd opgenomen voor een nieuw maandelijks Paradiso-liveprogramma van de VPRO. Grote kans dat Los Lobos daarin weer met heel ander repertoire te zien zal zijn.

Meer over