AlbumrecensieWhen You See Yourself

Rockgoden van Kings of Leon klinken als vanouds maar missen meebrulmomentjes ★★★☆☆

null Beeld

In de Britse krant The Guardian verklaarden de leden van Kings of Leon dat When You See Yourself het eerste album is dat ze opnamen zonder met elkaar op de vuist te gaan. Zou je dat kunnen horen? Zou zonder conflict de geagiteerde gedrevenheid behouden blijven die twaalf jaar geleden nog uitmondde in een oerkreet als ‘Whoahoa, your sex is on fire’? Wereldwijd brulden stadions mee.

Met The Bandit en Golden Restless Age raken in ieder geval gemoed en geluid ouderwets vol en resoneren de riffs tot in de stratosfeer. Het is prettig thuiskomen met de jonge goden uit Nashville die dat archetypische beeld van De Rockband – vier witte jongemannen met bas, gitaar en drums – benadrukken.

Maar waar gitaarmuren niet hoog genoeg reiken worden ze net zo goed gestut door synthesizers. 100.000 People is zelfs een melancholische jarentachtigsynthballad. Daardoor klinkt Kings of Leon misschien minder rauw, maar ook veelzijdiger. Stormy Weather last de soulvolle stem van Caleb Followill, die nog steeds van pijnlijk verlangen overslaat, naadloos aan een dansbare beat en gitaren die je zo in een klokkentoren kan hangen.

Maar halverwege zakt het album in met een reeks nummers die stationair doorpuffen. Geen memorabele hook, geen emotionele ontlading. Een meebrulmomentje is dan welkom. Misschien had iemand zich toch kwaad moeten maken.

Kings of Leon

When You See Yourself

Rock

★★★☆☆

Sony

Meer over