BoekrecensieDe vliegerende Hollander

Rijk, leerzaam en buitengewoon vrolijk boek over vliegeren

null Beeld Prometheus
Beeld Prometheus

Er blijkt veel meer over de vlieger te vertellen dan een normaal mens voor mogelijk houdt. De vliegerende Hollander is een rijk, leerzaam en buitengewoon vrolijk boek dat aandacht besteedt aan inventieve toepassingen zoals de char volant (een door een vlieger voortgetrokken koets), de vlieger als hulpmotor bij grote schepen en de vlieger als energieopwekker, maar ook aan vliegeren als vermaak of de vlieger als metafoor (zoals in kinderrijmpjes die waarschuwden toch vooral niet te hoog te willen reiken; doe je dat wel, dan knapt het lijntje).

Heerlijke noodlottige verhalen (na driehonderd jaar mag je officieel smullen van noodlot, dood en tragiek) zijn er ook, zoals het Zaanse vliegerdrama uit 1647, waarbij een door vliegerende jongens opgeschrikte stier op hol slaat en de boer die hem wil kalmeren op de hoorns neemt. Zijn hoogzwangere vrouw probeert hem onder de stier vandaan te trekken, maar wordt met zo veel kracht de lucht in gezwiept dat haar buik wordt opengereten en de baby, levend en wel, naar buiten vliegt en in een modderplas landt. Kom daar nog maar eens om tegenwoordig.

Gert-Jan Johannes & Inger Leemans: De vliegerende Hollander – Cultuurgeschiedenis van de Nederlandse vliegerverbeelding vanaf 1600. Prometheus; € 29,99.

Meer over