InterviewPaul Theroux

Reisboekenschrijver Paul Theroux: ‘Mijn leven is een lange vakantie’

Voor zijn laatste boek reisde hij door Mexico, schrijven doet hij in Cape Cod of Hawaii. Nee, vakantie heeft Paul Theroux niet nodig. Als ze hem maar met rust laten.

Beeld Leonie Bos

Journalisten die Paul Theroux gaan interviewen, zijn gewaarschuwd. De bekendste reisboekenschrijver van de Verenigde Staten schreef ooit: ‘Ik zou een artikel over hén moeten schrijven. Ik zou er beter in zijn en ze zouden zich ongemakkelijk voelen als ik daarin beschreef hoe zij aan hun haar krabben, hun aantekeningen laten vallen, hun drankjes omverstoten en de titels van mijn boeken verkeerd hebben.’

Maar tijdens het telefonische interview – Theroux verblijft in zijn huis in Cape Cod, Massachusetts – is van nukkigheid of vijandigheid weinig sprake. Hij is geduldig, geïnteresseerd (‘Wat zijn jouw favoriete reizen?’) en geeft advies. ‘Werk je voor de Volkskrant?’, vraagt hij dan, met het Britse accent dat hij heeft overgehouden aan twintig jaar in Londen. ‘Zeg tegen je baas dat je verslag wilt doen van de gebeurtenissen in Hongkong.’

Natuurlijk gaat het hem niet om Hongkong. Natuurlijk gaat het hem om de treinreis ernaartoe.

‘Als Nederlander heb je veel geluk. Vanuit het Amsterdamse Centraal Station kun je Hongkong bereiken zonder ooit een treinstation te verlaten. Je gaat naar Berlijn, naar Warschau, Moskou, dan naar Irkoetsk, Ulaanbaatar, Datong, Beijing, Shanghai, Guangzhou en dan ben je in Hongkong. Heel simpel. Je kunt eten, slapen, schrijven en lezen. Het duurt drie weken, misschien een maand.’

Theroux is nog niet klaar met zijn reisadvies. ‘Na Hongkong kun je naar Kunming, aan de Vietnamese grens. Dan ga je naar Hanoi, naar Ho Chi Minhstad, dan pak je de bus naar Phnom Penh en naar Battambang. Je pakt de trein naar Bangkok, en dan naar Singapore. The world is your oyster, je kunt alles doen.’

Dat Theroux zowat de hele Aziatische spoorkaart paraat heeft, is niet gek. Hij heeft er zijn roem aan te danken. In 1975 brak hij door met De grote spoorwegcarrousel. Daarin reist hij vier maanden door Azië, met treinen als de Oriënt Express en de Transsiberië Express. Vilein (volgens critici te vilein, waarover later meer) en geestig beschrijft hij van alcohol doordrenkte ontmoetingen met pompeuze zakenlui, corrupte conducteurs, Birmese soldaten en Belgische meisjes.

De productieve Theroux schreef 26 romans, waarvan Muskietenkust (in 1986 verfilmd met Harrison Ford) de succesvolste was. Toch is hij vooral bekend vanwege zijn zestien reisboeken. In De oude Patagonië-express (1979) reist hij van Cape Cod in het noordoosten van de VS naar het zuidelijkste puntje van Zuid-Amerika, het Argentijnse Patagonië. In Dark Star Safari (2002) doorkruist hij Afrika, van Caïro naar Kaapstad.

Zijn voornaamste vervoermiddel is de trein. Aan het begin van De grote spoorwegcarrousel verklaart hij zijn liefde ervoor. ‘Al sinds mijn kindertijd, toen ik op gehoorsafstand van de Boston & Maine woonde, heb ik zelden een trein voorbij horen gaan zonder te wensen erin te zitten. De fluit zingt betoverend: spoorwegen zijn onweerstaanbare bazaars, die zich ongeacht het landschap waterpas voortslingeren. Je stemming stijgt door de snelheid en je glas valt nooit om.’

Helaas liggen er niet overal rails. Voor zijn laatste boek, Op de vlakte der slangen, was hij noodgedwongen aangewezen op zijn auto, een Nissan uit 2011, waarmee hij door Mexico reed.

Paul Theroux in Frans-Polynesië, 1991.Beeld Getty

Schreef u Op de vlakte der slangen tijdens uw reis, of daarna?

‘Bij het maken van een reisboek maak ik dagelijks aantekeningen in een notitieboekje – uitgebreide aantekeningen, met dialogen en beschrijvingen. Ik schrijf ze aan het eind van de dag of vroeg in de ochtend erna. In het geval van Mexico eindigde ik met zeven dikke notitieboekjes vol details. Aan het eind van de reis gebruik ik ze als basis voor mijn boek.’

Maakt u aantekeningen tijdens uw gesprekken?

‘Nee, dat remt mensen af. Ik maak ze achteraf. Aan de hand van kernwoorden heb ik mezelf getraind om te onthouden wat mensen zeggen.’

Hoe schreef u het boek? Met de hand, op de laptop?

‘Mijn eerste versies schrijf ik met een pen, vaak een ballpoint van Lamy, op gelinieerd papier. Normaal zit ik aan een bureau, maar ik werk ook vaak buiten. In Hawaii, waar ik ’s winters woon, schrijf ik op een vouwstoel met een klembord aan een verborgen strand. Dat is ideaal: niemand kent me, dus niemand stoort me. Het ergste wat een schrijver kan overkomen is gestoord worden, of het idee hebben dat je gestoord zou kunnen worden. Mijn missie in het leven is om dat te voorkomen.

‘In Massachusetts, waar ik in de zomer woon, schrijf ik op zonnige dagen buiten in een stoel. Later schrijf ik een nieuwe versie aan mijn bureau, opnieuw met de hand. Daarna typ ik die tekst op mijn computer, waarop ik vaak meerdere versies maak. Ik ben een dwangmatige herschrijver.’

Werkt u met een redacteur?

‘Ik heb veel redacteuren gehad. Misschien dertig, of meer. Ze worden oud of ontslagen, ze gaan dood, ze stoppen zelf. Sommigen zijn mijn vrienden geweest. Niet een heeft mijn werk verbeterd.’

Wat was hun rol?

‘Puur ceremonieel en bureaucratisch.’

Ze houden zich niet bezig met het schrijfproces?

‘Nooit. Nooit. Nooit. Een redacteur, een vrouw, zei eens: ‘Ik denk dat je nog eens naar je boek moet kijken.’ Ze had wat suggesties, die waren waardeloos. Ik zei: ‘Wanneer heb je mijn boek gelezen?’ In het weekend, zei ze. Ik zei: ‘Je hebt het in een weekend gelezen? Ik heb er twee jaar aan gewerkt. Lees het opnieuw en doe daar een jaar over’, zei ik. Dat boek was Hotel Honolulu.

‘Handig is wel de copy editor: de persoon die zoekt naar tikfouten en, in het geval van een roman, opmerkt dat een personage in het ene hoofdstuk bruine ogen heeft en in het volgende blauwe.’

Bespreekt u uw werk met iemand voordat het naar de drukker gaat?

‘Ik heb veel vrienden die schrijvers zijn. Sommigen van hen helpen me weleens. Eentje is Jonathan Raban, ken je hem? Ik stuur mijn boek naar hem op en dan zegt hij er nuttige dingen over. Lang geleden was V.S. Naipaul een meelezer van me. Maar over het algemeen: nee. It’s a lonely business.’ 

(De in 2018 overleden Brit Naipaul, in 2001 winnaar van de Nobelprijs voor Literatuur, was lange tijd een mentor voor Theroux. Hij schreef twee boeken over hem: V.S. Naipaul – An Introduction to His Work en, na de beëindiging van dertig jaar vriendschap, in 1998 het vernietigende Sir Vidia’s Shadow.)

Heeft u ooit iets geleerd van een negatieve recensie?

‘Ik probeer het lezen van recensies van mijn boeken te ontwijken. Niets te leren. Ik weet meer van mijn boeken dan recensenten. Stephen King – je weet wie Stephen King is? – recenseerde mijn laatste roman, Motherland, in The New York Times. ‘Ik heb nog nooit een boek van Paul Theroux gelezen’, schreef hij. Dat vond ik zoiets stoms. Toen dacht ik: hij is lui, ongeïnteresseerd. Ik weet dat veel mensen hem een prachtige schrijver vinden, maar ik heb absoluut geen waardering voor Stephen King.

‘Het oordeel van mijn lezers is belangrijker. Zij hebben tien of vijftien van mijn boeken gelezen en hebben daardoor meer inzicht in mijn werk en leven dan recensenten die een gratis boek hebben gekregen en dat in twee dagen lezen. Toen The New York Times mij onlangs vroeg een boek te recenseren, zei ik: ‘Dat doe ik alleen als jullie me drie boeken van de auteur sturen.’’

Bespreekt u uw werk met uw kinderen?

‘Nee, niet voordat het is gepubliceerd. Daarna wel. Beiden zijn hoogopgeleid, extreem belezen en bereisd. Louis (documentairemaker, red.) is afgestudeerd aan Oxford en spreekt Frans en Spaans. Marcel (schrijver, red.) is afgestudeerd aan Cambridge en spreekt Frans, Spaans en Russisch.

‘Ze zeggen dingen als: over dit onderwerp heeft Nietzsche interessante dingen gezegd, of Elias Canetti, of Heidegger. Ik schreef eens over walvissen. Toen zei Louis: ‘Weet je dat in Moby Dick een van de personages een walvis eet?’ Dat was ik vergeten, ik had Moby Dick lang geleden gelezen, hij recentelijker.’

Louis en Marcel zijn niet zijn enige beroemde familieleden. Neef Justin is acteur, broers Peter en Alexander schrijven ook. Met die laatste is de verhouding slecht. In 1996 schreef Alexander in een recensie dat Paul ‘kleingeestig, nors en rancuneus’ is.

‘Hij zet Afghanistan weg in een alinea en Griekenland in een paar zinnen’, schreef Alexander. ‘Hij heeft in zijn boeken iedereen belachelijk gemaakt, van priesters tot klasgenoten (…) tot dikke Samoanen, smakeloze Amerikanen, mollige Kantonezen en luie Melanesiërs.’ Het is een veelgehoord verwijt: de negatieve Theroux zou bevolkingsgroepen bespotten.

Wat vindt u van de kritiek dat u respectloos over volkeren schrijft?

‘Op jongere leeftijd was ik misschien wat hooghartig, heb ik misschien generaliserend over bepaalde culturen geschreven. Maar over het algemeen vind ik de kritiek niet terecht. Als je over anderen schrijft, moet je dat serieus doen.’

Een recensent schreef ooit in The New York Times over u: ‘Als hij op de pagina’s zo chagrijnig overkomt, waarom blijft hij er dan op uit gaan en ondergaat hij de vernedering van derdeklasreizen en eindeloze gesprekken met willekeurige passanten?’ Kunt u die vraag beantwoorden?

‘Een reiziger kan niet chagrijnig zijn. Een reiziger moet hoopvol zijn, sereen, geduldig, begripvol, meertalig en bovenal een goede luisteraar. Reizen verlicht me, het leert me dingen. Het biedt me inzichten in zaken als bevolkingsgroei, hongersnoden, epidemieën. Ik heb wel een hekel aan vakantie, met sightseeën enzo.’

Paul Theroux in Frans-Polynesië, 1991.Beeld Getty

Waarom?

‘Ik heb het niet nodig. Mijn leven is al een lange vakantie. Ik woon in Cape Cod en Hawaii, plaatsen waar mensen naartoe gaan voor vakantie. In Hawaii heb ik veel land, een kleine boerderij met kippen. In Cape Cod heb ik vijf hectare. Het is prettig hier.

‘In de jaren zeventig en tachtig gaf ik lezingen in Nederland. Ik verbleef in het Ambassade Hotel in Amsterdam. Het was winter, de grachten waren bevroren. Ik leefde in La maison du canal, het boek van de Belg Georges Simenon, een van mijn favoriete schrijvers – ken je Georges Simenon? In de middag ging ik naar steden als Eindhoven, Den Haag, Rotterdam, Arnhem, Hoorn – Kaap Hoorn is daarnaar vernoemd.

‘Ik was aan het werk, maar sommige mensen zouden dit een vakantie noemen. Het was erg aangenaam. Ik gaf mijn lezingen in het Engels en had het idee dat mensen me begrepen. Ze hadden mijn boeken gelezen, soms in het Engels. Ik zeg dit niet om je te vleien, maar je woont feitelijk in een tweetalig land. Mijn motto is trouwens de prachtige Nederlandse uitdrukking ‘papier is geduldig’.’

Waar moet een goed reisboek aan voldoen?

‘Reisboeken waarvan ik houd, zoals The Worst Journey in the World van Apsley Cherry-Garrard, beschrijven onvervalste beproevingen en problemen. Dat is de menselijke conditie: iedereen probeert zich door zijn bestaan te worstelen, ontberingen te overwinnen. Daarom haat ik vrolijke reisboeken over charmante mensen en heerlijk eten, Toscane of Parijs. Ik vind ze misleidend.’

‘Als je verder wilt weten wat mijn favoriete reisboeken zijn, moet je The Tao of Travel lezen, ken je dat boek? Daarvoor heb ik 350 reisboeken gelezen of herlezen.’

Wat is uw mooiste treinreis geweest?

‘Dit is een moeilijke vraag, het zijn er zoveel. Voor een schrijver is de ‘mooiste’ die waarbij je de meeste mensen ontmoet, niet die met de beste maaltijden of diensten. Dus zeg ik de lange treinreizen in China of India. Maar lang geleden nam ik een trein van Londen naar Edinburgh en in het salonrijtuig werd ik dronken met een vreemde vrouw, die eiste dat we naar haar coupé zouden gaan. Ik ging akkoord.’

Beeld Atlas Contact

Paul Theroux: Op de vlakte der slangen – Een roadtrip door Mexico. Uit het Engels vertaald door Auke Leistra. Atlas Contact; 448 pagina’s; € 32,99.

Paul Theroux

1941 Geboren in Medford, Massachusetts

1963-1965 Docent in Malawi

1975 De grote spoorwegcarrousel (Azië)

1981 Muskietenkust (roman)

1979 De oude Patagonië-Expres (van Cape Cod naar Argentinië)

1983 Het drijvende koninkrijk (Engeland)

1988 China per trein

1992 De gelukkige eilanden (Oceanië)

1995 De zuilen van Hercules (Middellandse Zeegebied)

2002 Dark Star Safari (van Caïro naar Kaapstad)

2008 De grote spoorwegcarrousel retour (Azië)

2013 Laatste trein naar Zona Verde (Afrika)

2016 Het diepe Zuiden (VS)

2019 Figuren in een landschap (essays)

2020 Op de vlakte der slangen (Mexico)

Meer over