Producer Tony Wilson zette Manchester muzikaal op de kaart

Met zijn humor en onnavolgbare logica beïnvloedde Wilson de Britse popgeschiedenis. Rijk werd hij er niet van...

Gijsbert Kamer

De vrijdagavond in een ziekenhuis in Manchester aan de gevolgen van een hartaanval overleden Tony Wilson speelde zelf geen noot muziek. Toch zal hij net als Brian Epstein en Malcolm McLaren worden herinnerd als iemand zonder wie de Britse popgeschiedenis beslist anders zou zijn verlopen. Alleen is Wilsons naam niet zozeer verbonden met een band of artiest, maar met een stad. Epstein had de Beatles, Malcolm McLaren de Sex Pistols, en Wilson zal voortleven als de man die Manchester muzikaal op de kaart zette.

Anthony H. Wilson (Salford 1950) studeerde Engels in Cambridge, en kwam begin jaren zeventig terecht bij Granada, een tv-station dat het Britse noord-westen als bereik had. Hij werkte als tv-presentator voor diverse programma’s en zou in september 1976 popgeschiedenis schrijven door als eerste de Sex Pistols op de televisie te laten spelen in het programma So It Goes. Een gevolg van het bijwonen van een optreden van de Sex Pistols op 4 juni van dat jaar in de Lesser Free Trade Hall. Dat concert werd hooguit door veertig anderen bezocht, maar zou toch legendarisch worden, omdat bijna iedereen die er was in latere jaren een cruciale rol in de Britse (post)punk zou spelen.

Morrissey was er, leden van een band die later Joy Division ging heten, waren er. En Tony Wilson, die zo ondersteboven was van wat hij meteen al een ‘historische gebeurtenis’ noemde, dat hij zijn superieuren bij Granada voorstelde de band naar de tv-studio’s te halen.

Ongehoord in die tijd, en het moet toen al geweest zijn dat Wilson zijn sterkste wapen inzette: zijn verbale overredingskracht. Met een mengeling van enthousiasme, arrogantie, humor en een onnavolgbare logica zou hij niet alleen punk in Manchester presenteren, maar tien jaar later ook acid house. Hij was mede-oprichter van een van de meest invloedrijke platenlabels (Factory) met artiesten als Joy Division (later New Order) en Happy Mondays, en richtte zelf een club op, Hacienda om de talloze nieuwe bands uit Manchester en omstreken een podium te geven.

Hier zouden in de loop der jaren The Smiths, The Stone Roses, The Happy Mondays en Oasis hun eerste schreden zetten. Maar de club werd eind jaren tachtig vooral bekend door de opkomst van housemuziek, die hier als eerste werd gepropageerd.

In 24 Hour Party People, de meesterlijke film die Michael Winterbottom in 2002 maakte over de muziekscene van Manchester, wordt de hoofdrol gespeeld door Steve Coogan, die Wilson neerzet als zeer geestig en rap van de tong, maar zakelijk volkomen onbekwaam. Zelfs als maar de helft waar is van de manier waarop Wilson volgens de film de zaken runt, dan is het nog een wonder dat label en club nog zo lang bestaan hebben voordat ze in de jaren negentig failliet gingen.

Wilson is er niet rijk van geworden. De medische behandeling, toen er in januari van dit jaar kanker bij hem geconstateerd werd, kon hij niet betalen, daarin voorzagen bevriende muzikanten die wel rijk waren geworden van de muziek. Maar zijn drijfveer is nooit geld verdienen geweest, hij kende twee grote passies, muziek en Manchester, en aan deze combinatie zal de naam Tony Wilson voorgoed verbonden blijven.

Meer over