'Prince was mijn beste vriend'

Hij is een van de grondleggers van de funk, was de buurman en soulmate van Prince, maar bovenal uitvinder van het funky-slapbass-geluid. De Volkskrant sprak Larry Graham.

Prince en Larry Graham in 2013.Beeld Joan van Nispen tot Sevenaer

De allereerste keer dat bassist Larry Graham popmuzikant Prince ontmoette, spraken ze niet met elkaar. Tijdens een picknick van platenmaatschappij Warner Brothers was er net genoeg tijd om handjes te schudden.

De tweede keer, eind jaren negentig, speelden ze beiden in Nashville. Graham: 'Hij nodigde me uit voor zijn aftershow. Tot dat moment had ik geen idee dat hij een groot fan was van mijn muziek. Maar toen we samen speelden, was ik verbijsterd. Hij kende alles wat ik ooit had gespeeld - van voren tot achteren. Eén van de eerste dingen die hij me vertelde was dat mijn band Graham Central Station van enorme invloed was op zijn muziek. Daardoor heeft hij uiteindelijk ook Sly and The Family Stone ontdekt.' Je hoort die invloed terug in Prince-klassiekers als Kiss of Housequake.

De 69-jarige Graham speelde van 1966 tot 1972 bas bij funkaartsvader Sly Stone en verzorgde de achtergrondzang bij diens band The Family Stone. Met hits als I Wanna Take You Higher en Family Affair werd de flamboyante manvrouwfunkpopformatie even invloedrijk als legendarisch. Die diepe bariton die in de beroemde break van Dance To The Music 'I'm gonna add some bottom' zingt; dat is Graham.

Robuuste funk

De bassist ging na 1972 zijn eigen weg met zijn band Graham Central Station. Daarna volgde een solocarrière waarna hij begin jaren negentig zijn band nieuw leven inblies. Hij brengt met grote tussenpozen albums uit vol ouderwets-robuuste funk met de vertrouwde ingrediënten: vinnige slaggitaartjes, scherpe blazerstoten, en een volvette keploink-keploinkbas. Het laatste album dateert inmiddels van 2012. Live optreden doet hij des te meer.

De livesamenwerking in Nashville tussen hen twee, beviel zo goed dat Prince hem vroeg om met zijn band het voorprogramma te verzorgen voor de rest van zijn tournee. Aan de telefoon vertelt Graham over zijn verstandhouding met één van de grootste idolen in popmuziek. Als je aan Graham vraagt wat Prince voor hem betekende, zegt hij onomwonden: 'Hij was mijn beste vriend. Ik ken geen gulhartiger, zachtmoediger mens.'

En er was mateloze bewondering, want, mag de bassist zo vrij zijn: 'Het woord genie wordt mijns inziens te pas en te onpas gebruikt. Als het wél voor honderd procent op iemand betrekking had, was het Prince. Ik bedoel, hoeveel musici ken jij die zoveel verschillende muziekinstrumenten kunnen bespelen? En goed ook! Daarnaast had hij die gave je als muzikant boven jezelf te laten uitstijgen.'

Larry Graham.Beeld Erich François

Religieus adviseur van Prince

En waar Prince het beste in de muzikant Larry Graham naar boven haalde, was het Graham die verantwoordelijk was voor de religieuze groei van zijn soulmate. Het was Graham die Prince introduceerde in de leer van Jehovah's Getuigen.

Graham: 'Hij wist dat ik een vroom man was, dat ik de Bijbel las. Meermaals overstelpte hij me met vragen over het geloof. Ik had hem ooit het boek U kunt voor eeuwig in een paradijs op aarde leven gegeven, een handboek voor een beter begrip van de Bijbel. Wilde hij daarna weten of het goed was als hij zeven kopietjes maakte voor zijn bandleden. Ik heb toen tegen hem gezegd: 'Je krijgt ze van me.'

Het verlangen om Graham als religieus adviseur bij zich te hebben, culmineerde uiteindelijk in de vraag of hij niet, met zijn hele familie, in Minnesota wilde komen wonen. Zo kon zijn zielsverwant hem te allen tijde bijbelonderricht geven. Graham, die met zijn familie destijds in Montego Bay in Jamaica resideerde, was toch al van plan om terug te keren naar de Verenigde Staten.

Larry Graham in 1970.Beeld Redferns

Oom Prince

Zo verhuisde hij naar Chanhassen, een voorstad van Minneapolis en werd de-buurman-van. Zo kon hij regelmatig bij studiocomplex Paisley Park aanbellen om een kopje suiker te lenen. Voor de kleinkinderen van Graham was de paarse zonnekoning niet de Mozart van de funk, niet His Royal Badness, maar gewoon oom Prince.

Wanneer Prince besloot om Jehovah's Getuige te worden en gewaagde nummers als Head (orale seks) en Sister (incest) niet meer te spelen, weet Graham niet. 'Dat waren zijn persoonlijke beslissingen. Ik heb hem nooit proberen over te halen tot wat dan ook.'

Graham heeft ettelijke liveshows gedaan met His Royal Badness en nam samen met hem het album GCS 2000 op. En op laatste album van Graham Central Stations, Raise Up, vervulde Prince op diverse nummers een gastrol.

De slap-bass-techniek

Door die samenwerking en daarvoor met Sly Stone, zou je haast vergeten dat Graham zelf een plekje in eregalerij van de funk heeft als de uitvinder van de slap-bass-techniek. Een uiterst ritmische manier van bas spelen waarbij de duim tegen de lage snaren aan slaat en de andere vingers aan de hogere plukken. Het effect is een ploppend percussief geluid, en dat vormt het fundament van Sly Stone's Thank You (Falettinme Be Mice Elf Agin). Sindsdien is dat op zo'n beetje elke funkplaat te horen. Dan te bedenken dat dit integrale element van zwarte dansmuziek te danken is aan een orgel dat naar zijn grootje ging. (Zie balkon)

Bassisten als Bootsy Collins en Stanley Clarke zijn van de hamer-en-pluk-school alsook Flea van The Red Hot Chili Peppers, Level 42's Mark King en Les Claypool van Primus. Graham: 'Wat ik waardeer aan al die gasten en ook aan Prince zelf, is dat ze nooit te beroerd zijn hun fans te vertellen waar ze hun inspiratie vandaan halen.' Dat heeft hem een hoop jongere fans opgeleverd. 'O man, na optredens komen ze naar me toe en vertellen dat ze nog nooit van me hadden gehoord, maar dat hun favoriete bassist helemaal gek is van mijn spel. Het besef dat ik iets kan bijdragen aan de muziek, iets wat altijd zal blijven bestaan, betekent veel voor me.'

Net zoals Prince heeft gedaan?

Hij twijfelt een seconde. 'Een beetje als Prince.'

Graham Central Station treedt 17/7 op in de Amsterdamse North Sea Jazz Club. Kaarten zijn nog verkrijgbaar.

Sly And The Family Stone in 1970.Beeld Getty Images

Kenmerkend geluid

Waar komt het kenmerkende keploink geluid van Grahams funky-slap-bass vandaan? Graham: 'Ik kom uit een muzikaal nest. Voordat ik bij Sly kwam, speelde ik al in een trio met mijn moeder. Er was een drummer, zij speelde toetsen en ik gitaar. Toen de drummer ermee ophield, nam ik die taak over. Maar het orgel ging kapot. Ik huurde toen een basgitaar waarop ik tegelijk het drumgeluid van onze ontbrekende drummer imiteerde. Het was een tijdelijke oplossing, tot het orgel was gerepareerd. Dat is nooit gebeurd en de rest is geschiedenis.'

Meer over