Pop

* * * * Robert Plant: Band Of Joy. Decca/Universal...

Het artistieke en commerciële succes van het album Raising Sand dat Robert Plant in 2007 met Alison Krauss uitbracht, was er mede oorzaak van dat de Led Zeppelinreünie uit 2007 bij een eenmalige gebeurtenis bleef. Zoveel aardigheid had Led Zeppelinzanger Plant in dit nieuwe samenwerkingsverband dat hij verder geen behoefte had oude gloriejaren te doen herleven.

Maar een tweede Plant/Krauss album is er ook niet van gekomen. Onder productionele leiding van T-Bone Burnett ging het duo weliswaar de studio in, maar de chemie ontbrak dit keer. Toch zette Plant door. Met een gewijzigde band en gitarist Buddy Miller achter de knoppen nam hij het stilistisch aan Raising Sand verwante Band Of Joy op. Countryzangeres Patty Griffin doet Alison Krauss in een aantal liedjes bijna vergeten, en Plant zingt weer net zo ingetogen en beheerst als op het met Grammy’s overladen Raising Sand. De materiaalkeuze is voortreffelijk. Nummers van Los Lobos en Richard Thompson maakt Plant zich met gemak eigen terwijl de keuze voor twee nummers van het slowcore trio Low verrassend mag heten. Wie zo laat in zijn loopbaan nog zulke mooie, spannende platen kan maken heeft een nostalgisch feestje helemaal niet nodig.

Sympathiek en hartverwarmend
* * * Edwyn Collins: Losing Sleep. Heavenly/V2.

De Schotse zanger Edwyn Collins, ooit voorman van de cult-band Orange Juice, werd vijf jaar geleden getroffen door twee herseninfarcten en moest weer helemaal opnieuw leren praten. En dus ook zingen.

Met hulp van bevriende muzikanten en fans, nam hij een nieuw album op, Losing Sleep, waarop hij als vanouds met een doorleefde blanke soulstem zingt. De hulp van Franz Ferdinands Alex Kapranos en Romeo Stodart resulteerde in een paar mooie liedjes. Ook fraai is All My Days waarop Collins te horen is met Roddy Frame, begin jaren tachtig met zijn Aztec Camera de belangrijkste Schotse concurrent van Orange Juice.

Losing Sleep is vooral een sympathieke, hartverwarmende plaat geworden, maar ook weer net te wisselvallig om met al te veel superlatieven te lauweren.

Mooi, maar rommelig
* * * Shelby Lynne: Tears, Lies And Alibis. Everso Records/Rough Trade.

De in Nashville woonachtige Shelby Lynne lijkt nog altijd zoekende naar de juiste vorm sinds ze in 2000 het prachtige I Am Shelby Lynne uitbracht. Haar stem uit duizenden haalt vaak moeiteloos het niveau van bijvoorbeeld Dusty Springfield, de zangeres die ze in 2007 zo fraai eerde met de coverplaat Just A Little Lovin’. Maar ze heeft vaak moeite de juiste mensen en liedjes aan zich te binden. Tears, Lies And Alibis kent opnieuw een paar juweeltjes maar lijkt ook een beetje rommelig in elkaar gezet. Alsof halverwege het budget op was en de productie niet kon worden voltooid. Kan te maken hebben met het feit dat Lynne niet meer onder de hoede van Universal valt, maar je zou wensen dat ze met de juiste mensen die plaat maakt die ze in zich heeft.

Meer over