Pluk de dag voor de dood

Al na een kwartier lezen in Opzij, opzij, opzij, een gulle selectie uit het gigantische repertoire van Herman van Veen, valt op hoeveel Van Veen over de dood heeft gezongen....

Patrick van den Hanenberg

De dood komt in het werk van Van Veen in alle vormen voorbij: als wrede gastheer op het slagveld, als nooduitgang voor te heftige persoonlijke problemen, als naam op een lijst van een dictator die geen tegengeluid kan velen, als resultaat van roekeloos gedrag in het verkeer, en gelukkig ook nog als vreedzaam einde van een lang en gelukkig leven. Zoveel dood, en dat voor een man die zijn loopbaan eind jaren zestig als een dartele clown begon. Wim Sonneveld heeft de regisseur van Van Veen wel eens geadviseerd om zijn armen en benen af te hakken.

Van Veen, die zelf veel liedteksten over de vergankelijkheid schrijft/vertaalt, behoort tot het uitstervend cabaretras dat beseft dat anderen het soms domweg beter doen.

Maar of het nou zijn hofleveranciers Rob Chrispijn of Willem Wilmink zijn of incidentele krachten als Simon Carmiggelt, Guus Vleugel, Jean Ferrat of Willem Vermandere, met de zorgvuldigheid van een chirurg selecteert Van Veen vooral teksten die op een of andere manier met het einde van het aardse leven te maken hebben.

Toch is Van Veen geen fronsende memento mori-somberman. Sterker nog, zijn aandacht voor de dood is eigenlijk een andere manier om te benadrukken dat je de dag moet plukken. Hij doet dat dan weliswaar niet zo uitbundig en luidruchtig als Youp van 't Hek, maar beiden rekenen niet op een Sinterklaasachtige verrassing na de dood en vinden dat je hier op aarde wat aardiger voor elkaar moet zijn, en het onderste uit de kan moet halen zonder je buurman in de weg te zitten.

Opzij, opzij, opzij is niet alleen een prachtige bundel, met heldere achtergrondinformatie, maar plaatst ook tekstdichter Rob Chrispijn in een ander licht. Hij wordt vaak ten onrechte als een wollige, softe dichter beschouwd. Dat imago heeft hij vooral te danken aan zijn vertaling van Leonard Cohens zweverige Suzanne en het zoete timbre van Van Veen. Met zinnetjes als 'Er bestaat geen medicijn tegen oud of eenzaam zijn' bewijst hij net zo helder romantisch en aards te kunnen zijn als Willem Wilmink.

Meer over