Perfectionist De Does haalde het vlees van de teksthaak

'We hadden toen gordijnen in de drukkerij. Als ik een moeilijke klus te drukken had, deed ik die gordijnen dicht....

Bij de opening van de tentoonstelling Bram de Does 65 - Boektypograaf & letterontwerper in de Universiteitsbibliotheek Amsterdam verhaalde de Amsterdamse drukker en uitgever Jan de Jong over die middag in 1983, toen Bram de Does voor het eerst over zijn schouder meekeek.

''Tegen zwárt aandrukken'' zei Bram, 'en daar had ik nog nooit van gehoord', aldus De Jong, 'ik voelde nattigheid, dit was geen klusje voor een vrijdagmiddag'. Dágen duurde dan ook het drukken van de bibliofiele editie van Tristan van Thomas Mann. Bram de Does liep helemaal op zijn tenen, omdat in dit boek voor het eerst de door hem ontworpen letter Trinité werd toegepast.

De Universiteitsbibliotheek Amsterdam heeft helaas dit boek niet kunnen bemachtigen voor deze expositie met werk van Bram de Does. Wel is er de nieuwe aankoop van de UB te zien: de 38 bladen met werktekeningen voor de Lexicon, het lettertype dat De Does speciaal voor het woordenboek heeft ontworpen.

Bram de Does (nu 65 en nog altijd in de weer met letters, muziek en zijn biologische tuin) werd zowat geboren in de drukkerij van zijn vader in Amsterdam-Oost en begon zijn loopbaan in 1958 bij de Haarlemse drukker en lettergieterij Joh. Enschedé en Zonen. Daar werkte hij, met onderbrekingen, dertig jaar als typografisch ontwerper van de gedenkboeken, jaarverslagen en kunstboeken.

Aanvankelijk trad De Does in de voetsporen van Jan van Krimpen, zijn beroemde voorganger bij Enschedé, maar gaandeweg ontwikkelde hij een eigen visie op de klassieke boektypografie. Volgens boekhistoricus en samensteller van de tentoonstelling Mathieu Lommen analyseerde De Does alles minutieus en was hij niet gauw tevreden. Niet voor niets noemden de zetters bij Enschedé hem 'Puntje in, puntje uit'.

Eén van zijn meesterstukken is Typefoundries in the Netherlands (1978), een omvangrijk standaardwerk over de Nederlandse drukletter. Het boek, handgezet uit de Romanée van Van Krimpen, kostte destijds ruim duizend gulden. De Does voorzag de kopij regel voor regel van zetaanwijzingen, liet er apart papier voor aanmaken (om vervolgens een partij van 7000 kilo af te keuren) en stond er op dat het drukken van het boek door twee drukkers in een speciale ruimte zou geschieden.

In 1978 kreeg Bram de Does van de Enschedé-directie opdracht een nieuwe drukletter te ontwerpen, geschikt voor fotografisch zetten. Het leidde vier jaar later tot de elegante Trinité, een lettertype met drie verschillende stok- en staartlengtes. Aanvankelijk circuleerde de letter slechts in kleine kring; pas tien jaar later, en na digitalisering, raakte de letter in zwang bij ontwerpers.

Dit is vooral de verdienste van letterontwerper Peter Matthias Noordzij die de Trinité niet alleen digitaliseerde (het gaat hier in totaal om 2600 lettertekens), maar ook op tal van details in overleg met de maker bijstelde.

De Trinité behoort inmiddels tot de favorieten van menig ontwerper en boekverzorger. Het odium van exclusiviteit dat de letter aankleeft wordt enigszins ondergraven door de Zweedse firma die dagelijks tienduizenden pakken melk belettert met de Trinité.

De Lexicon ontwierp De Does op eigen initiatief nadat zijn collega-ontwerper Bernard van Bercum zijn leed had geklaagd over de problemen die hij tegenkwam bij het zetten van de twaalfde druk van Van Dale Groot woordenboek der Nederlandse taal, beter bekend als de Dikke Van Dale.

Steevast stuitte Van Bercum bij de bestaande letters op hetzelfde probleem: veel voorkomende tekens als parenthesen, teksthaken, staande en liggende pijltjes bleken niet alleen breed uit te vallen maar hadden bovendien vaak te veel eigen 'vlees' (wit). Bij de duizenden bladzijden die zo'n productie al telt, zou dat leiden tot een nog véél dikkere Van Dale, waarvan de typografie ook weinig aangenaam oogt.

Van Bercum hoopte met de Trinité het probleem op te lossen, maar Bram de Does stelde voor een nieuwe letter te ontwerpen, geschikt voor woordenboeken. Eind 1990 legden Bram de Does en Peter Matthias Noordzij de eerste proefpagina's voor aan Van Bercum die op zijn beurt het nieuwe ontwerp introduceerde bij het hoofd productie van Van Dale. Deze was weliswaar enthousiast over de nieuwe letter, maar belangrijker nog was dat de directie en hoofdredactie van Van Dale Lexicografie overtuigd werden.

Toen ook dat lukte, werd half juli 1991 schriftelijk vastgelegd dat 'de ontwerpers en Van Dale afspreken dat het in beider belang is dat Van Dale de letter als eerste publiceert.'

In 1992 verschijnt het driedelige woordenboek als 'het eerste werk dat in de Lexicon werd gezet', zoals nadrukkelijk op pagina vijf van elk deel staat vermeld in een toelichting op de gebruikte letter. Van Dale was trots op de primeur van een lettertype dat toegesneden is op het uiterst gecompliceerde zetwerk dat een woordenboek met zich meebrengt, en dat bovendien was gemaakt door een ontwerper die zich mag rekenen tot de grootsten in zijn vak.

Naar verwachting zal de compacte en stevige Lexicon de Trinité in gebruik gaan overvleugelen. Steeds vaker wordt de letter gesignaleerd in boeken en ook de ontwerpers van de kleurenbijlage M van NRC Handelsblad vielen voor de Lexicon.

Bram de Does 65 - Boektypograaf & letterontwerper. Tentoonstelling in de Universiteitsbibliotheek Amsterdam; tot en met 26 augustus. Catalogus ¿ 17,50.

Meer over