Column

Over imago museum en directeuren moet je nauwkeurig waken

Wekelijks nemen de cultuurspecialisten van de Volkskrant stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst. Deze week: Rutger Pontzen.

Taco Dibbits, bij het Rijksmuseum. Beeld anp
Taco Dibbits, bij het Rijksmuseum.Beeld anp

Ga er maar aan staan. Ben je nog net niet in dienst als directeur van het Rijksmuseum, moet je gelijk, voor de duur van maar liefst één uur, acte de presence geven in een veelbekeken tv-programma als De Wereld Draait Door Summerschool, met een Matthijs van Nieuwkerk die je na afloop duchtig op de schouders slaat. En dat terwijl het optreden van je voorganger, in hetzelfde programma, bij velen nog vers in het geheugen ligt.

Het overkwam Taco Dibbits.

Net aangesteld als de opvolger van Wim Pijbes en dan een maidenspeech afsteken, voor honderdduizenden kijkers. Om 60 minuten lang tekst en uitleg te geven over de twee schilderijen van Rembrandt die na precaire onderhandelingen tussen Nederland en Frankrijk vanaf morgen in het Rijks te zien zullen zijn.

Vergelijk zijn optreden met dat van Pijbes een jaar eerder (over het Rijksmuseum zelf) en je vraagt je af: wat zegt het over de koers die het museum met de komst van Dibbits gaat varen? Je zou zeggen dat de generaties elkaar dramatisch afwisselen, van oud naar jong, van belegen naar vernieuwend.

Niet dus.

Als performers doen de twee namelijk niet veel voor elkaar onder. Pijbes heeft het imago een calculerende maar losse man te zijn. Gesoigneerd, in getailleerde pakken met flitsende das. Een makkelijke prater met charisma. Swingender dan Dibbits.

Tijdens de Summerschool was daar weinig van te merken. Beiden lardeerden hun performance met een houterige motoriek van veel overbodig armgezwaai; clichématig gekleed in hun keurige, tweedelige donkerblauwe pakken, als bankiers uit de Londense City.

Ook clichématig: het praten in superlatieven. Pijbes: Het melkmeisje van Vermeer als de 'Madonna van het Noorden'; de entreezaal van het museum als een 'Hall of Fame'. Dibbits: de portretten van Marten Soolmans en Oopjen Coppit als de 'mooiste huwelijksportretten ooit', 'meesterwerken' gemaakt door Rembrandt 'op de top van zijn kunnen'.

Zo verkoop je dus een museum! Als standwerkers die op een beurs hun waren aanprijzen. Met brede gebaren en eenzelfde ronkend vocabulair.

Daarin zit de continuïteit van hun optredens. Twee directeuren die elkaar naadloos afwisselen. Met als inzet: het behoud van het museum en de collectie en de hoge notering ervan in de Vaart der Volkeren.

Pijbes schetste vorig jaar met brede kwaststreken de contouren; Dibbits kleurde daarna, netjes binnen de lijnen, de details in. Pijbes legde een nationalistisch bodempje; Dibbits belichtte Rembrandts dubbelportret vanuit een internationaal perspectief.

Je vraagt je af: zouden beiden al vorig jaar hiertoe hebben besloten? Na een uitgebreide lunch in het Rijksmuseumrestaurant? Om samen naar eenEngelse tailor af te reizen voor een vergelijkbaar zorgeloos maatkostuum, de ene das lichtviolet, de andere in een donkere variant? Om samen een reservering te maken bij die ene kapper om de hoek voor een overeenkomstige coiffure met blonde kuif? Een bril bij dezelfde opticien?

Zo bewaak je dus een zorgvuldig uitgezet imago. Niet alleen van je museum, maar ook van degenen die er een succes van willen maken.

Meer over