Openlijk 'sorry' is internationale trend

Nederland is lang niet het enige land dat worstelt met een schuldvraag uit het (verre) verleden. Sinds de jaren tachtig is een trend zichtbaar dat regeringen openlijk excuus maken voor onrecht door landgenoten begaan....

Bijna altijd wordt een verzoek om vergeving voorafgegaan door een emotioneel openbaar debat. Want het betreft zonder uitzondering gevoelige kwesties, die pas na brede, diepgaande discussies tot ontknoping komen.

Die verbale duels kennen intussen hun eigen semantiek. Het begint met betreuren en berouwen en verloopt vaak via spijt naar excuus, waarna soms vergeving volgt.

De discussie over de naoorlogse behandeling van joden in Nederland laat zien hoe kennelijk jarenlang verhullend taalgebruik nodig is om uiteindelijk ronduit tot een spijtbetuiging te kunnen komen. Want spijt heeft te maken met schuld en dat ligt altijd moeilijk, ook een halve eeuw na dato.

'In het algemeen kan men zeker niet stellen dat huidige regeringen altijd verantwoordelijk zijn voor de wandaden van hun voorgangers', schreef dr. P. Baehr, hoogleraar rechten van de mens aan de Universiteit Utrecht, in 1997. De Amerikaanse regering wilde toen excuses aanbieden aan de zwarte bevolking wegens haar aandeel in de slavernij. 'Dan zou de regering van president Nelson Mandela haar verontschuldigingen moeten aanbieden voor de tijdens het apartheidsbewind van haar voorgangers begane wandaden', aldus Baehr.

Als de reeks verontschuldigingen van de laatste jaren één ding heeft duidelijk gemaakt, dan is het dat geen twee gevallen vergelijkbaar zijn. De motieven zijn nooit dezelfde. Soms ontstaat het debat spontaan, maar vaak komt het pas onder druk van buiten tot stand. Soms moeten handels- of politieke relaties worden verbeterd.

Vanzelfsprekend werd de meeste aandacht getrokken door de worstelingen van Japan en Duitsland met hun verantwoordelijkheid voor de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. Waarbij de Duitsers aanmerkelijk vlotter tot erkenning en excuses zijn gekomen dan hun voormalige Japanse bondgenoten.

Het 'sorry' van het ene land kan de discussie in het andere land beïnvloeden. In welke mate dat soms gebeurt, bleek uit de eis van Wiedergutmachung door het Herero-volk uit Namibië voor de massamoord op hun voorouders door Duitse troepen bijna een eeuw geleden.

In 1907 doodden de Duitsers na een opstand 65 duizend van de 80 duizend Herero's in de voormalige Duitse kolonie Zuidwest-Afrika.

'De Herero's zijn zich goed bewust van wat elders gebeurt', zei de Namibische ambassadeur bij de EU twee jaar terug. 'Zij lezen dat door de nazi's gestolen goud aan de joden wordt teruggegeven. Als anderen schadevergoeding krijgen, waarom zij dan niet? Je kunt niet meer zeggen dat het niet ter zake doet, omdat het al lang geleden is gebeurd.'

De terughoudendheid om excuses aan te bieden, wordt dikwijls vergroot door beduchtheid voor financiële claims. Zo ook in de Herero-kwestie. Volgens de Duitse regering voldoet Berlijn al loyaal aan zijn historische plicht ten opzichte van Namibië door de jaarlijkse ontwikkelingshulp van 65 miljoen mark.

De centrale vraag is doorgaans: hoever terug moet een regering gaan? Toen de Britse premier Blair het boetekleed aantrok voor het falende beleid van de Britse regering tijdens de Ierse hongersnood rond 1840, parodieerde het blad The Economist:

'Ik, de eerste minister van Groot-Brittannië, bied mijn verontschuldigingen aan voor wat mijn land deed in Ulster in 1972, in Egypte in 1956, in India in 1947, in Dresden in 1945, in München in 1938, in Ierland in de jaren twintig, in Zuid-Afrika rond 1900, in het grootste deel van de rest van Afrika, in China rond 1940, in Schotland in 1746, in Frankrijk in 1356, in Northumbrië in 808 en in Wales in de jaren 620.'

De opsomming besluit met: 'En ik zou ook graag een bijdrage horen van president Chirac over Willem de Veroveraar, van Romano Prodi over de Romeinse invasie en van de premiers van Noorwegen en Denemarken over de Vikings.'

Zo'n historische opsomming zou ook voor Nederland een behoorlijke lengte kunnen krijgen. Tot nu toe stond Nederland in deze discussies aan de kant van de slachtoffers (van de Duitse en Japanse terreur). Maar langzaam maar zeker wordt de oud-kolonisator zelf aangesproken op de kwalijke rol in de eigen geschiedenis.

Aan de vooravond van het laatste bezoek van koningin Beatrix aan Indonesië laaide de discussie op over de excuses die de vorstin zou moeten maken voor koloniale wandaden. Antillianen en Surinamers vinden het aangekondigde monument ter nagedachtenis van de slavernij wel het minste wat de Nederlanders kunnen doen aan deze zwarte pagina uit de Nederlandse geschiedenis.

Deze week volgde de kritiek over de kille ontvangst van de uit de concentratiekampen teruggekeerde joden. Nederland in de beklaagdenbank: het blijft, ook voor Wim Kok, nog even wennen.

Meer over