Boeken

Ook Pussycat is Nederlandse popglorie, laat Harm Peter Smilde zien ★★★☆☆

Harm Peter Smilde vertelt het fijne verhaal van de succesvolle popgroep Pussycat, waarvoor de muziekpers jarenlang de neus ophaalde.

Pussycat in 1981. Beeld HH / ANP
Pussycat in 1981.Beeld HH / ANP

Nederlandse popglorie in de jaren zeventig? Dan denk je aan Shocking Blue, Focus en Golden Earring, onze Grote Drie. Zij veroverden de markten die in de popcultuur het meest tot de verbeelding spreken: Groot-Brittannië en Noord-Amerika.

Als ze je dáár serieus nemen, dan tel je mee, toch net iets meer dan The Cats (vooral Duitsland) of George Baker Selection (geen grote live-reputatie), die het ook met minder erkenning van de onvermijdelijke ‘smaakpolitie’ moesten stellen.

De naam van countrypopgroep Pussycat hoor je maar zelden in die opsomming, terwijl hun weemoedige Mississippi (1975) iets deed dat Venus, Hocus Pocus en Radar Love niet lukte: nummer één worden in Groot-Brittannië. En niet alleen daar. Mississippi van de band Pussycat uit Brunssum, met de zingende zussen Marianne (1951), Betty (1952) en Tonny (1953) Kowalczyk, voerde vanaf 1975 in wel vijftien landen de hitparade aan, van Duitsland tot Nieuw-Zeeland.

Tijd voor een herwaardering, vond schrijver Harm Peter Smilde, die in 2017 zijn grondige geschiedenis over de pioniers van de ‘indorock’ publiceerde: Helden van toen, over de Tielman Brothers, minutieuze poparcheologie bij gebrek aan levende bandleden.

Meekijken in de plakboeken

Pussycat – De Mississippi stroomt in Limburg is luchtiger. Smilde tekent het verhaal op van oprichter, gitarist en zanger Lou Willé (ook een ‘indo’; Willé gebruikt de geuzennaam zelf) en buigt zich met hem over de plakboeken. Wij mogen meekijken, terwijl ze beurtelings het woord nemen: Smilde als journalistieke verteller, Willé in citaatvorm.

Het is een fijn verhaal, over De Drie Zingende Zusjes (zo heet hun eerste trio, rond 1960), pop in de Limburgse mijnstreek en de ontluikende liefde tussen zangeres Tonny en de langharige gitarist Lou. Tegen de tijd dat de band Pussycat heet, zijn ze een echtpaar.

Mississippi wordt, zoals bijna alle Pussycat-hits, geschreven door songschrijftalent en bassist Werner Theunissen (1942-2010). De band hoort er zelf geen hit in. Het platenlabel wel.

Mississippi waait over naar het Oostblok (waar volgens communistische spelregels geen royalty’s worden uitgekeerd) en zelfs naar Zuid-Afrika, waar het de bestverkochte single van 1977 wordt. De top-2 van de Zuid-Afrikaanse hitparade bestaat begin 1977 uit Mississippi en Georgie van Pussycat. Daaronder Abba en Elton John, onder meer.

Wie in een land zó succesvol is, moet er op tournee en dat gaat Pussycat dan ook, in maart 1978, maar niet voordat het heeft laten weten alleen voor gemengd publiek te willen spelen. De band dwingt het doodleuk af, als eerste: bij Pussycat geen apartheid. Vooral Betty is stellig, hoe hoog de gages ook zijn.

Voor wie het niet gelooft, staat er een krantenknipsel bij: de ‘Dutch top group Pussycat’ wordt in het Good Hope Centre van Kaapstad de eerste die zal optreden voor een ‘multiracial audience’. Twee avonden, zevenduizend toeschouwers per keer, terwijl Cliff Richard diezelfde week voor een wit publiek staat.

Voor het ‘middle of the road’-groepje uit Brunssum haalt de Nederlandse muziekpers in die jaren luidruchtig de neus op. Pussycat is softe countrypop, soms aanschurkend tegen BZN, al horen we in songs als Nothing to Hide ook een voorloper van The Common Linnets.

Zussen

De auteur van het Zuid-Afrikaanse krantenartikel wijst erop dat de drie zangeressen zussen zijn, want aan hun achternamen zie je dat in 1978 niet af: Tony Willé, Marianne Hensen en Betty Dragstra. Ach ja, huwelijken. Die kunnen stuk en dat gaan ze ook, maar hun twee meisjesnamen zullen blijven.

Bij hun geboorte heten ze Veldpaus, naar hun biologische vader Toon, die kort voor de geboorte van Tonny overlijdt aan de ziekte van Hodgkin. Zijn meiden nemen de naam aan van de Poolse mijnwerker Steffan Kowalczyk, die in 1956 met hun moeder trouwt en hun liefhebbende stiefvader wordt.

Veldpaus of Kowalczyk, ze voeren beide namen met liefde. ‘Love and understanding everywhere around’, zingen ze in het liedje dat bijna overal een hit werd, maar niet in het land van de Mississippi.

null Beeld Uitgeverij Tic
Beeld Uitgeverij Tic

Harm Peter Smilde & Lou Willé: Pussycat – De Mississippi stroomt in Limburg. Uitgeverij Tic; 247 pagina’s; € 22,90.

Meer over