InterviewMattijs van Bergen

Ontwerper Mattijs van Bergen: ‘Máxima begrijpt de Nederlandse mode ontzettend goed’

Mattijs van Bergen (41) ontwierp kleding voor de catwalk, het theater, de Efteling en koningin Máxima. Nu schitteren veertien ontwerpen van zijn hand in de Grote Kerk Breda.

Mattijs van Bergen
 Beeld Frank Ruiter
Mattijs van BergenBeeld Frank Ruiter

Koppig of koninklijk?

‘Het motto van mijn merk is ‘creative luxury for headstrong women’. De nieuwe stukken die ik voor de tentoonstelling Royal Fashion Design heb gemaakt zijn geïnspireerd door Johanna van Polanen en Anna van Saksen, twee stoere vrouwen uit de Nassau-familie. Toch kies ik voor de bedeesdere term koninklijk. Waarmee ik zeer zeker niet wil zeggen dat ik vind dat vrouwen zich moeten inhouden. Wel dat ik hou van vrouwen die situaties en mensen goed aanvoelen en zich daartoe weten te verhouden. Die niet de confrontatie opzoeken.

‘Ik ben zelf ook zo. Ik denk dat het juist krachtig is als je ook de ander weet te verstaan. In deze tijden van verandering, waarin het patriarchaat bevraagd wordt, wordt duidelijk dat vrouwen beter kunnen luisteren, en dat zachtheid veel voordelen heeft. In landen en bedrijven waar vrouwen aan het hoofd staan gaat het vaak beter. We hebben zachtheid nodig, geen ellebogenwerk, om vooruit te komen. Niet dat zachtheid het tegenovergestelde is van kracht. Don’t mistake my kindness for weakness, dat is mijn lijfspreuk. Ik ben geen zacht ei.’

Schilder of edelsmid?

‘Dat is een keuze tussen mijn vader en moeder. Hoewel ik best graag zou willen kunnen edelsmeden, net als mijn moeder, kies ik toch voor schilderen. Omdat dat gaat over kleur en licht, en dichter bij mode zit. Mijn vader zat in de reclame en was artdirector, hij schilderde in zijn vrije tijd. Hij leerde mij schetsen en tekenen, kijken naar vlakken, naar verhoudingen, naar donker en licht. We maakten samen collages van foto’s uit Avenue en The Manipulator Magazine.

‘Dat ik de mode in ging, was geen idee van mijn ouders. Ze raadden het zelfs af, omdat ik er moeilijk geld mee zou kunnen verdienen. Maar ik kón niet anders. Op mijn 9de maakte ik mijn eerste collectieboek, een soort magazine met allerlei mode-ontwerpen. Heel cliché hoor, pakjes voor op kantoor en Disney-jurken. Ik was als klein jochie al aan het collectioneren. Ik ordende mijn speelgoed op kleur, was enorm zuinig op mijn Playmobil. Toen mijn moeder het jaren later bij elkaar zocht bleken alle setjes nagenoeg compleet.’

Balpen of naald?

‘Naald en draad, dat ligt zó natuurlijk in mijn hand – al teken ik de laatste jaren vaker dan dat ik dingen naai. De kostuums die ik bedenk voor theatervoorstellingen ontwerp ik op papier, en worden door de ateliers uitgevoerd. Maar het plezier dat ik heb in het naaien en mouleren, en de energie die ik ervan krijg, daar kan geen balpen of vulpotlood tegenop. Al hebben balpennen me wel eens uit de brand geholpen. Jaren geleden zat ik zó krap bij kas dat ik geen geld meer had voor luxe stoffen, laat staan voor kostbare bewerkingen. Het enige wat ik had was het ongebleekte katoen waar we proefmodellen mee maken. Bij het doorpassen geef ik daarop met balpen aan wat er anders of beter kan, een beetje zoals een plastisch chirurg op de huid van een patiënt tekent. Ik keek naar die strepen en dacht: daar kan ik wel iets mee. We hebben alles uitgevoerd in proefkatoen en die stukken toen helemaal volgetekend met blauwe Bics. Het leek wel denim, of borduurwerk.’

Print of plissé?

‘Plissé, absoluut! Ik hou ervan als stof een andere valling krijgt, of een andere textuur. Door te plisseren geef je een stof letterlijk meer ruimte. Ik had al wel eens met de hand plooien ingestreken toen ik op de academie in Arnhem zat, en later, toen ik een master deed aan Central Saint Martins College in Londen, heb ik het geperfectioneerd. Het was daar gebruikelijk dat eerstejaars tweedejaars textieldesign hielpen bij hun collecties. Ik werd gevraagd een meisje te helpen met de ontwerpen van haar prints op plissés. Daar bleek dat ik er goed in was, en toen ben ik ook echt die techniek ingedoken. De absolute plissémaster? Dat is uiteraard de Japanner Issey Miyake. Maar vlak ook de Italiaan Roberto Capucci niet uit. En onze eigen Fong Leng, die heeft ook mooie dingen gedaan met plooien. Het geheim van een goede plisseerder is luisteren naar de stof, en goed kijken. Je kunt nog zo’n duidelijke schets maken, maar soms werkt het tijdens het mouleren totaal niet. De stof is dwingend.’

Mattijs van Bergen
 Beeld  Frank Ruiter
Mattijs van BergenBeeld Frank Ruiter

Catwalk of bühne?

‘Moeilijk! Hoewel ik modeshows zo nu en dan mis, dat glorieuze moment waarop alles samenkomt, kies ik toch voor theater. De stukken waar ik kostuums voor maak worden vaker gespeeld, een modeshow is eenmalig. Ik denk ook dat theatermensen meer respect voor elkaar hebben. Ze snappen dat het alleen goed komt als alle disciplines – het orkest, het decor, de kostuums, het licht, de solisten – met elkaar samenwerken. Er wordt beter geluisterd en gekeken naar elkaar. In de mode is er op het moment van de show veel magie, maar als geheel is het vluchtiger, het duurt maar tien minuten. Die vele lagen en de grote verbondenheid van het theater, dat missen we in de mode nog. Mijn mooiste moment in het theater was de uitvoering van Amadeus, van Theu Boermans. Dat was best een uitdaging, maar ik kreeg veel ruimte, en uiteindelijk bleek alles in balans.’

Beuningen of Breda?

‘Breda dan maar, want al ben ik geboren en getogen in een dorp, ik ben inmiddels een stadsmens. Ik heb in Amsterdam gewoond, in Londen. Het bruist er veel meer dan in een dorp. Je kunt je er vrijer kleden en ook als homoseksueel voel ik me er vrijer. In Beuningen waande ik me the only gay in the village, wat uiteraard totaal niet zo bleek te zijn. Ik was dolblij dat ik naar een middelbare Jenaplanschool in Nijmegen kon, waar ik rondliep met blauw haar, wikkelrokken en plateauzolen zoals de Spice Girls droegen. Ik werd erom gepest, maar daar had ik maling aan.’

Rainbow dress of een ingetogen outfit?

‘De Amsterdam Rainbow dress! Ik heb hem gemaakt met Arnout van Krimpen, Jochem Kaan en Oeri van Woezik. Hij is 16 meter in doorsnee en opgebouwd uit 75 vlaggen van landen waar homoseksualiteit strafbaar is, in sommige staat er zelfs de doodstraf op. Ik vind dat je je gender en seksualiteit lekker moet vieren en tonen, omdat er in zo veel landen zo weinig vrijheid is. De jurk gaat vanuit Nederland de hele wereld over om zichtbaarheid te creëren, en om er gesprekken en ontmoetingen rondom te organiseren. Op die manier proberen we de wereld een beetje open te breken, en mensen te helpen te mogen zijn wie ze willen zijn.’

Mattijs van Bergen
 Beeld Frank Ruiter
Mattijs van BergenBeeld Frank Ruiter

Mode of Marcus?

‘Marcus. Ik hou verschrikkelijk veel van mijn vak, maar als het móést zou ik voor Marcus (Van Bergens partner, theaterregisseur Marcus Azzini, red.) kiezen. In de afgelopen jaren ben ik er met vallen en opstaan achter gekomen dat familie en goeie vrienden veel belangrijker zijn dan mooie kleren maken. Ik zat niet eens zo lang geleden nog in de schuldsanering. Ik had net weer alles op de rit toen corona uitbrak en het werk weer stilviel. Toen werd mijn moeder ziek. Marcus heeft de laatste maanden ook het nodige meegemaakt. Maar we zijn daardoor nog zekerder van elkaar geworden, nog hechter.’

Monuta of de Efteling?

‘Dat is wel heel lastig, kiezen tussen twee klanten! Maar hoe veel plezier ik ook heb gehad in de Efteling, ik kies voor Monuta. Ik heb voor hun personeel sobere kleding ontworpen, die lang meegaat. Het zijn mensen die dit vak vaak voor het leven doen, en verschillende rollen hebben bij een uitvaart. Van persoonlijk contact bij de familie thuis, tot plechtig bij het leiden van een crematie, daar horen verschillende outfits bij. Ik hoorde dat 85 procent van het personeel heel tevreden is, dat is veel.’

Margreet Dolman of koningin Máxima?

‘Ondanks de onmisbare eigengereidheid en persoonlijkheid van Margreet Dolman kies ik voor Máxima. Ze begrijpt en draagt Nederlandse mode zo ongelooflijk goed en zo trots. Ik ben enorm vereerd dat ik kleding voor haar mocht maken. Mijn favoriet is de roestoranje jurk die ze droeg tijdens het staatsbezoek aan Japan in 2014. De vorm is perfect geschikt voor haar, en ze draagt hem vaak. Dat is zo’n compliment! Mijn moeder, die twee maanden geleden is gestorven, was ongelooflijk trots dat de koningin jurken van mijn hand draagt en dat een van die jurken een metalen riem had die zij heeft gemaakt. Dan te bedenken dat toen mijn moeder nog een hippie was, ze fel tegen het koningshuis heeft gedemonstreerd.’

Mattijs van Bergen

1980 Geboren in Beuningen

2005 Studeert modevormgeving aan kunstacademie ArtEZ in Arnhem

2007 Behaalt master aan Central Saint Martins College for Arts and Design In Londen

2008 Oprichting eigen label MATTIJS

2009 Collectie ‘Blanco’ van ongebleekte katoen met ballpointstrepen

2012 Wint Dutch Fashion Award en de International Incubator Award

2013 Ontwerpt kostuums voor Het proces van Toneelgroep Oostpool

2015 Koningin Máxima draagt bij een staatsbanket in China de ‘Ciel dress’ met een print van Van Gogh

2015 Naamsverandering van MATTIJS in Mattijs van Bergen, met minder frequente collecties

2017 Ontwerpt plisséjurk Noor die geschikt is voor vrouwen in alle vormen en maten

2018 Ontwerpt kostuums Romeo & Julia van Toneelgroep Oostpool

2018 Hoofdontwerper Osman in Londen

2020 Expositie van dertien geschonken stukken in Centraal Museum Utrecht

2019 Ontwerpt tweehonderd kostuums voor de voorstelling Amadeus van de Theateralliantie en Het Nationale Theater

2020 Maakt kostuums voor voorstelling Sweeney Todd van Staatsoper Hannover

2021 Expositie Royal Fashion Design in de Grote Kerk Breda, te zien tot 29 augustus 2021

Meer over