Review

Ontroerend verslag van Beethovens misdragingen

Walter Heijder, Was Beethoven een asperger? Beeld nvt
Walter Heijder, Was Beethoven een asperger?Beeld nvt

Bekend is dat Ludwig van Beethoven, componist van een Negende Symfonie die anticipeert op een algehele verbroedering der mensheid, vaak bedienden uitschold, mecenassen voor zwijn uitmaakte en er niet voor terugschrok een kelner een bord met eten in het gezicht te gooien. We weten dat de componist van Fidelio, een opera waarin huwelijkstrouw het medicijn is tegen alles wat de vrijheid en gelijkheid bedreigt, graag iets probeerde met getrouwde vrouwen van adel. Dat Beethoven een leerlinge uitnodigde voor een dagje uit, haar afwijzing wegwuivend met het argument dat haar man het vast niet erg zou vinden: niets menselijks was hem vreemd.

Walter Heijder, Was Beethoven een asperger? Ludwig; 216 pagina's; € 25.

Nieuw is hier de vraag aan te verbinden of Beethoven aan het syndroom van Asperger leed. Dat doet Walter Heijder, Beethovenliefhebber, in een door hemzelf uitgegeven, door schrijvers en musici als Maarten 't Hart, Jaap van Zweden en Ronald Brautigam vurig aangeprezen studie onder de titel Was Beethoven een asperger?

Iedere tijd claimt z'n Beethoven: na de hoogsensitiviteit en bipolaire stoornis die Beethoven vanuit moderne psychiatrische hoek al zijn toegedicht, mag er nu plaats zijn voor Beethoven de autist. Ook Einstein en Newton waren al postuum tot aspergers bestempeld.

Wás Beethoven er een? Heijder, de auteur, lijdt zelf aan het syndroom. Dit had reden kunnen zijn voor een fatale identificeringsdrang. Maar de stijl waarin Heijder brieven van Beethoven en observaties van tijdgenoten aanhaalt en ze spiegelt aan diagnostische criteria uit de nieuwere psychiatrie, is eerder onderzoekend dan ponerend. Hij geeft de lezer toestemming de kwestie naast zich neer te leggen.

Het vlot ook niet steeds met de speurtocht. Beethoven ried Rossini aan komische opera's te blijven schrijven en het serieuzere genre te laten rusten. Je kunt daar 'onmacht tot beleefd liegen' in zien, maar misschien was het gewoon een goed advies. Overtuigender is het voorbeeld van de arme neef Karl, die zich vanwege de goede zorgen van oom Ludwig voor zijn raap schoot. De ijzerenheinigheid in Beethovens dagelijkse routines (brullend de lampetkan omkeren boven zijn hoofd; zestig koffiebonen aftellen) oogt op zichzelf niet aspergisch. Maar met Beethovens 'starende blik', zijn excentrieke dirigeermotoriek, grove manieren en onbuigzaamheid, ontstaat iets dat op een kloppend beeld lijkt. Als kind zou Beethoven al beurtelings woest en in zichzelf gekeerd zijn geweest. Jammer dat met Beethovens arts, Wawruch, niet meer kan worden overlegd. Blijft staan een ontroerend verslag van een reeks misdragingen.

Meer over