Onbenutte krachtpatserij

De Nieuwe Hollandse Waterlinie wordt rijksmonument. In het fotoboek ‘Levende forten’ is te zien hoe de verdedigingswerken dienst doen als conferentieoord of woonhuis....

Door Marc van den Eerenbeemt

Tussen Muiden en de Biesbosch ligt als een groene baan in het hart van Nederland de Nieuwe Hollandse Waterlinie. De reeks van forten en versterkingen werd in de 19de eeuw aangelegd ter verdediging van Holland. Vorige week kondigde minister Plasterk van Cultuur aan dat de gehele linie, 85 kilometer lang, rijksmonument zal worden. Ook is de militaire verdedigingslijn voorgedragen als werelderfgoed.

De bescherming lijkt dus wel geregeld, maar wat dóén we ermee, met de half in het landschap verzonken bouwwerken en bunkers? Nederland heeft de wat sombere, grijze forten en versterkingen lang genegeerd. Dat kan deels hebben gelegen aan de weerbarstige schoonheid van die vijandige betonkolossen, overwoekerd met bramen en brandnetels en verstopt achter bordjes met ‘Verboden toegang’.

Het boek Levende Forten – De Nieuwe Hollandse Waterlinie van fotograaf Hans van Rhoon en Volkskrant-medewerker Jeroen Junte toont de nieuwe bestemming van 13 forten, een kazerne en een groepsschuilplaats. Voor nog eens 15 van de circa 60 defensiewerken wordt nog nagedacht over een bestemming.

Fort Voordorp, gelegen tussen Utrecht en De Bilt, werd in 1990 in vervallen staat gekocht door ondernemer Wim van Denderen. Na uitgebreide studie van de geschiedenis van het fort en de Waterlinie begon hij aan een grondige restauratie.

Wat de Duitsers tijdens de bezetting meenamen aan hout en ijzer, bijvoorbeeld de deuren en ventilatieroosters, verving hij door exacte kopieën. Nu is Voordorp volgens Junte ‘een van de fraaist gerestaureerde forten van de Waterlinie’.

Met enkele moderne uitbreidingen werd het fort uit 1869 in 2001 conferentiecentrum. Bezoekers, zo’n 40 duizend per jaar, kunnen gebruikmaken van de latrines in de buitengevel. In een van de gewelven, nu vergaderzaal, staat nog een krijgshaftige tekst op de muur.

Wordt nog eens in later dagen

Neerlands vlag ten strijd ontplooid

Stervend zullen wij haar schragen

Maar die vlag verlaten.....

Nooit.

Vastgoed-personality Cor van Zadelhoff, die op zijn landgoed Groot Kantwijk ook een stukje van de Waterlinie heeft staan, pakte het radicaal anders aan. Waar elders een voormalige groepsschuilplaats is voorzien van een platform voor het observeren van de omringende natuur, heeft de ondernemer de grote bunker laten overkappen met een modern, stalen theepaviljoen, bedoeld als uitkijkpost bij zijn poloveld. De ontwerper, architect Ben van Berkel: ‘Zo’n bunker staat letterlijk aan de grond genageld. Dus is het een uitstekend contrapunt om een nieuw gebouw aan op te hangen.’

Dat de forten nog bestaan, inclusief het ongerepte omringende groen, mag enige verbazing wekken ‘in ons land van nut en noodzaak’, schrijft Yttje Feddes, rijksadviseur voor het landschap, in het voorwoord van het boek. Tot in de jaren zestig mocht niet worden gebouwd in de schootscirkels. Ook moest het gebied aan de voet van de versterkingen ongemoeid blijven, omdat dat bij een aanval onder water zou werden gezet; de zogenoemde inundatietactiek.

Het idee was dat vijandige troepen zouden blijven steken in de modder of de hoger gelegen delen van het gebied zouden opzoeken. Juist daar zou, verborgen in een versterking, de Nederlandse soldaat klaarstaan. Zo kon met een kleine troepenmacht een vijandelijke aanval worden gestuit.

De Waterlinie is nooit inzet geweest van echte strijd, een van de oorzaken van haar behoud. Steeds waren er nieuwe vindingen die de linie hulpeloos maakten, van de vliegmachine tot kanonnen die over de linie heen konden schieten. Tot een aanval op de forten zelf kwam het nooit. In 1940 koos de Duitse aanvaller voor een bombardement op Rotterdam in plaats van een grootscheepse aanval op de Waterlinie.

De technische details van de forten worden beschreven in Versteende ridders, dat tegelijk met Levende forten verscheen – inclusief bouwtekeningen en landkaarten.

Na de val van de Muur in 1989 en het verdwijnen van de dreiging uit het oosten, begon Defensie de forten te verkopen. Nu zijn er nog maar 10 in bezit van de rijksoverheid, waarvan de helft van het leger. De rest is in handen van Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, gemeenten en provincies, een waterbedrijf, een universiteit, een scoutinggroep en een klein aantal particulieren.

Door het intrekken van de Kringenwet in 1963, waarmee nieuwbouw in het voormalige schootsveld voortaan was toegestaan, werd bij enkele forten flink gebouwd. Zo verrezen rond de Utrechtse forten een universiteitscampus en een woonwijk.

Waar de rust wel wordt gehandhaafd, in ‘echte landelijkheid’, ziet rijksadviseur Feddes graag een netwerk van fiets- en wandelpaden ontstaan: een ‘prachtige recreatieve bestemming’. Veel locaties hebben al een horeca- of recreatiebestemming, of krijgen die in de nabije toekomst.

In het fort Werk aan de Bakkerskil bij Werkendam, nu onderdeel van een natuurgebied, wordt volgens het projectbureau Waterlinie een bed and breakfast gevestigd. Dan kan worden overnacht in een deel van een van de grootste infrastructurele werken die ooit in Nederland is uitgevoerd. Omgerekend naar de huidige tijd bedroegen de kosten van de bouw meer dan het dubbele van de Deltawerken.

Sinds 2000 trekken rijk, provincies en gemeenten samen op met andere eigenaren als Staatsbosbeheer om van de Waterlinie een groot, publieksvriendelijk project te maken. De nieuwe regeling voor monumentenzorg geeft daarbij extra armslag. Behalve het monument kan nu ook de omgeving kan worden beschermd als cultuurhistorisch waardevol gebied.

De Nederlanders moeten massaal afkomen op de ‘groene megasingel achter de grote steden’. Sommige forten en hun omgeving mogen broedplaats blijven voor vogels en vleermuizen, een enkel fort mag blijvend verkommeren als ruïne. Elders gaat de poort wagenwijd open.

Fort Nieuwe Steeg bij Asperen wordt een ‘Geocentrum’ waar bezoeker spelenderwijs kunnen leren over alle facetten van navigatie en cartografie.

Een vanzelfsprekende invulling volgens de bedenkers: ‘Een fort, en de Waterlinie trouwens, zitten vol met geografische elementen. (...) Niets van de planning werd aan het toeval overgelaten.’

Eén plannetje van het Geocentrum moet nog even wachten. 10 hectare weide moest weer onder water worden gezet, als hedendaags inundatiegebied. Bezoekers zouden over loopplanken vlak onder de waterspiegel hun weg moeten vinden met behulp van een gps-apparaatje. Een mooier toonbeeld van vrede is nauwelijks te bedenken. Maar het plan ging omwonenden van Nieuwe Steeg te ver.

Meer over